4 Hydrauliek

Hydrauliek
1 / 12
volgende
Slide 1: Tekstslide
ProcesbeheersingMBOStudiejaar 3

In deze les zitten 12 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 15 min

Onderdelen in deze les

Hydrauliek

Slide 1 - Tekstslide

We stat=rten weer omn 16:28
Wat is hydrauliek

Slide 2 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Kenmerken van hydrauliek
Hydrauliek: is een systeem dat werkt met vloeistofdruk. Hydrauliek is geschikt voor rechtlijnige bewegingen (met cilinders), maar ook voor draaiende bewegingen. Vooral als er grote krachten, nauwkeurige positionering en lage snelheden nodig zijn. Denk bijvoorbeeld aan lieren en hijstrommels.

 

De onsamendrukbaarheid bij hydrauliek heeft als voordeel dat onderdelen die hydraulisch bediend worden, niet van positie veranderen door de krachten die er op werken.


Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat zijn nadelen van hydrauliek?

Slide 4 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Nadelen hydrauliek:

Lager rendement
Duur
Altijd retourleidingen nodig naar het oliereservoir.
Kans op milieuschade bij lekkage.
Je kunt weinige energie opslaan in het systeem.

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Een hydrauliekinstallatie bestaat uit de volgende onderdelen:

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Vloeistofreservoir
bevat de hydrauliekvloeistof. Het reservoir heeft minimaal 1 filter (op de retourleiding). Sommige systemen hebben ook een filter in de zuigleiding naar de pomp.

De vloeistof in een hydraulieksysteem moet aan verschillende eisen voldoen:
  • De vloeistof moet schoon zijn
  • De vloeistof moet een hoog kookpunt hebben
  • De vloeistof moet een smerende werking hebben

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is het symbool van een overstroomklep?

A
B
C
D

Slide 12 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies