Nederlands hoofdstuk 2

Nederlands hoofdstuk 2
1 / 12
volgende
Slide 1: Tekstslide
RekenenMiddelbare schoolvmbo kLeerjaar 2

In deze les zitten 12 slides, met interactieve quizzen en tekstslide.

Onderdelen in deze les

Nederlands hoofdstuk 2

Slide 1 - Tekstslide

Hoe is een tekst opgebouwd?
A
Slot - kern - inleiding
B
Inleiding - kern - slot
C
Kern - inleiding- slot

Slide 2 - Quizvraag

Wat is een verbindingswoord?
A
Verbindingswoorden helpen je om beter te begrijpen wat de zinnen met elkaar te maken hebben.
B
Een verbindingswoord is het belangrijkste woord uit een tekst.
C
Een verbindingswoord verbind een inleiding en een kern met elkaar.

Slide 3 - Quizvraag

Geef een voorbeeld van een verbindingswoord?

Slide 4 - Open vraag

Wat is een inleiding?
A
De inleiding is het laatste deel van een tekst.
B
De inleiding is het middelste deel van een tekst.
C
De inleiding is het eerste deel van een tekst.

Slide 5 - Quizvraag

Ik wil antwoord hebben op een vraag welke manier van lezen gebruik ik?
A
Intensief lezen
B
Zoekend lezen

Slide 6 - Quizvraag

Welke tekstdoelen zijn er?

Slide 7 - Open vraag

Als ik een tekst verkennend wil lezen en snel wil weten waar het over gaat, wat kan ik dan het best eerst lezen?

Slide 8 - Open vraag

In een filmpje op televisie willen ze dat je een stofzuiger koopt.
Wat is het tekstdoel?
A
Informeren
B
Amuseren
C
Instructie geven
D
Overhalen

Slide 9 - Quizvraag

Wat is het verbindingswoord in de volgende zin:

Het is belangrijk, omdat dat goed is voor je gezondheid.

Slide 10 - Open vraag

Je schrijft een e-mail waarin je solliciteert naar de vacature leerling elektrotechnicus. Met welke zinnen begin je je e-mail? Kies het juiste antwoord.
A
Ik heb een diploma elektrotechniek.
B
Op de website zag ik de vacature, graag solliciteer ik naar de baan.
C
Ik ben erg goed in mijn werk.

Slide 11 - Quizvraag

Stel dat je je baas moet mailen omdat je een vraag hebt, hoe sluit je het beste de mail af?
A
Tot snel
B
Houdoe!
C
Met vriendelijke groet

Slide 12 - Quizvraag