Hoe veranderen techniek en wetenschap ons mensbeeld? - 6.1 Inleiding & Embodied: belichaamde cognitie

Hoe veranderen techniek en wetenschap ons mensbeeld?
 6.1 Inleiding & Embodied: belichaamde cognitie
1 / 11
volgende
Slide 1: Tekstslide
FilosofieMiddelbare schoolvwoLeerjaar 6

In deze les zitten 11 slides, met tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Hoe veranderen techniek en wetenschap ons mensbeeld?
 6.1 Inleiding & Embodied: belichaamde cognitie

Slide 1 - Tekstslide

Slide 2 - Video

John Coffey
(David Achter de Molen)
Computationele verklaring mogelijk

Echter; dynamische interactie van hemzelf met de omgeving


Slide 3 - Tekstslide

4E-cognitie
Cognitie is belichaamd (Embodied)

Belang van de omgeving waarin het lichaam is ingebed (Embedded)

Omgeving kan deel uitmaken van de cognitie. Deze is uitgebreid buiten het lichaam (Extended)

Cognitie is altijd door en door lichamelijk en interactief (Enactive)

Slide 4 - Tekstslide

Slide 5 - Tekstslide

4E-Cognitie
Embodied - Embedded - Extended - Enactive
Belichaamd - Ingebed - Uitgebreid - Enactief


Het is geen gezamenlijke groep die dezelfde ideeën hebben

Geen netjes afgebakende theorieën

Nog volop in ontwikkeling

Slide 6 - Tekstslide

6.1 Embodied
Belichaamde cognitie

Slide 7 - Tekstslide

Even terug naar
computationele benadering
Ons denkvermogen kun je opvatten als het omvormen van input tot output volgens bepaalde regels, die in principe vertaald kunnen worden in lange tabellen van cijfers, bijvoorbeeld over de activiteiten van hersencellen.

Het lichaam is slechts een middel om prikkels op te vangen en via bewegingen dingen in de wereld te manipuleren.
blz 133/134

Slide 8 - Tekstslide

Embodied cognitiewetenschap
Belang van lichaam in de cognitie.

Cognitieve activiteit vindt niet alleen in het hoofd plaats, maar wordt met en door het lichaam uitgevoerd.

(Vb. honkbal)

Lichaam heeft fundamentele rol in allerlei cognitieve verschijnselen.

Slide 9 - Tekstslide

Eindterm 9
De kandidaten kunnen de opvattingen van Lakoff & Johnson, Vroon & Draaisma, Swaab, Dreyfus, Clark & Chalmers en O’Regan, Myin & Noë (hierna; Noë)) over de vraag hoe wetenschap en techniek het mensbeeld veranderen uitleggen, vergelijken, toepassen en evalueren.

Daarbij kunnen zij de volgende standpunten betrekken:

• dat taal uitdrukt uit hoe we met ons lichaam in de wereld staan (Lakoff & Johnson);
• dat mensbeelden historisch contingent zijn (Vroon & Draaisma);
• dat mensen hun brein zijn en het brein als een computer is (functionalistisch cognitivisme, Swaab) en de evaluatie hiervan (Dreyfus, connectionisme);
dat mensen niet alleen met hun brein denken, maar ook met hun lichaam in een omgeving (4E-cognitivisme, Clark & Chalmers en Noë).

Slide 10 - Tekstslide

Eindterm 12
De kandidaten kunnen uitleggen en evalueren dat volgens 4E-vertegenwoordigers, Clark & Chalmers en Noë mensen niet alleen denken met hun brein, maar ook met hun lichaam in een omgeving.

Daarbij kunnen zij betrekken:
• de begrippen ‘embodied’, ‘extended’, ‘embedded’, ‘enactive’, ‘cognitieve extensies’ en ‘sensomotorisch lichaam’;
• een uitleg van de kritiek van 4E-vertegenwoordigers op de functionalistische cognitivisten;
• een uitleg van het argument van 4E-vertegenwoordigers dat denken belichaamd is (embodied);

• een uitleg van het argument van 4E-vertegenwoordigers dat denken is ingebed in de omgeving (embedded);
• een uitleg met tekstfragment 5 van Clark & Chalmers’ argument dat ons denken uitgebreid is buiten ons lichaam (extended);
• een uitleg met tekstfragment 6 van Noë’s argument dat denken een handeling van het bewegende, voelende lichaam in interactie met de omgeving is (enactive).

Slide 11 - Tekstslide