Quiz

1 / 30
volgende
Slide 1: Tekstslide
WelzijnMBOStudiejaar 1

In deze les zitten 30 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Fysieke arbeidsrisico's

Slide 2 - Tekstslide

Wat betekent de afkorting
PBM
A
Peuter Beweeg Moment
B
Plezier Brengt Motivatie
C
Persoonlijk Beschermings Middel
D
Praktijk Begeleidings Model

Slide 3 - Quizvraag

Welke maatregelen beschermen de risico's van beeldschermwerken?
A
Je beeldscherm en toetsenbord zitten aan elkaar vast
B
Je beeldscherm is duur
C
Je werkt achter een zit-sta bureau
D
Je werkt 3 uur achter elkaar zonder pauze

Slide 4 - Quizvraag


A
1e foto
B
2e foto
C
3e foto

Slide 5 - Quizvraag

Wat kan jouw werkgever doen om arbeidsrisico's van duwen en trekken te verminderen?
A
Drempels een felle kleur geven
B
Zorgen dat het werk snel klaar is
C
Zorgen voor elektrische hulpmiddelen

Slide 6 - Quizvraag

Waardoor krijg je klachten als je langdurig staand werkt?
A
Doordat de doorbloeding in je benen minder goed wordt
B
Doordat je botten beschadigen
C
Doordat je spieren naar elkaar toe groeien

Slide 7 - Quizvraag

Wat is een voorbeeld van een fysische factor?
A
Zware doos
B
Scherpe voorwerpen
C
Kapotte stoel
D
Straling

Slide 8 - Quizvraag

Welke afbeelding is een
waarschuwing voor
röntgenstraling?
A
1e
B
2e

Slide 9 - Quizvraag

Je kent nu waarschuwingssymbolen.
Ken je de andere soorten ook?




Gebodssymbolen
Verbodssymbolen
Gevaarssymbolen

Slide 10 - Tekstslide

Verschuif het plaatje
Verbodsbord
Gebodsbord
Waarschuwingsbord
Gevaarsymbool

Slide 11 - Sleepvraag

Welke symbolen zijn weergegeven?
A
Pictogrammen: Toepassingsgebieden
B
Pictogrammen: Gevarensymbolen
C
Pictogrammen: Niet mengen!
D
Pictogrammen: gebodsborden

Slide 12 - Quizvraag

pictogrammen van schadelijke stoffen
A
alleen in de keuken gebruiken
B
maakt je handen goed schoon
C
bijtende stof
D
stof is ontvlambaar

Slide 13 - Quizvraag

Jorike vraagt de verkoper met welk schoonmaakmiddel ze de metalen spoelbak moet schoonmaken. Volgens de verkoper mag het middel niet corrosief zijn.
Welk van de volgende pictogrammen geeft aan dat een stof corrosief is?

(corrosief = dat een stof andere stoffen waarmee hij in contact komt kan vernietigen of onherstelbaar beschadigen)
A
B
C
D

Slide 14 - Quizvraag

Op een fles verfverdunner staat:
Licht ontvlambaar. Schadelijk bij aanraking met de huid.

Welke pictogrammen horen op
de fles te staan?
D
C
B
A
A
pictogrammen A en B
B
pictogram B en C
C
pictogrammen C en D
D
pictogrammen A en D

Slide 15 - Quizvraag

Psychosociale arbeidsrisico's

Slide 16 - Tekstslide

Een burnout kan veroorzaakt worden door langdurige overbelasting
A
waar
B
Niet waar

Slide 17 - Quizvraag

Wat zijn 2 bekende klachten die horen bij een burnout?
A
keelpijn
B
hoofdpijn
C
verlaagde bloeddruk
D
vermoeidheid

Slide 18 - Quizvraag

Wat zijn 2 bekende klachten die horen bij een burnout?
A
keelpijn
B
hoofdpijn
C
verlaagde bloeddruk
D
vermoeidheid

Slide 19 - Quizvraag

Noem de 4 G's

Slide 20 - Open vraag

Wat zijn 2 bekende klachten die horen bij een burnout?
A
keelpijn
B
hoofdpijn
C
verlaagde bloeddruk
D
vermoeidheid

Slide 21 - Quizvraag

Je hebt het naar je zin op je stage en wil graag blijven. Je vindt de werkdruk te hoog en krijgt niet altijd alles af. Wat kun je het beste doen als je een te hoge werkdruk ervaart?
A
Een collega vragen om je taken over te nemen
B
bij je leidinggevende aangeven
C
andere baan zoeken waar ze minder werkdruk hebben
D
overwerken

Slide 22 - Quizvraag

Je hebt het naar je zin op je stage en wil graag blijven. Je vindt de werkdruk te hoog en krijgt niet altijd alles af. Wat kun je het beste doen als je een te hoge werkdruk ervaart?
A
Een collega vragen om je taken over te nemen
B
bij je leidinggevende aangeven
C
andere baan zoeken waar ze minder werkdruk hebben
D
overwerken

Slide 23 - Quizvraag

Deze agressie uit zich in woorden. Hierbij gaat het niet alleen
om mondeling agressie, maar bijvoorbeeld ook om agressie via de e-mail. Onder
verbale agressie vallen uitschelden, schreeuwen of erg fel in discussie gaan. Ook •
discriminerende opmerkingen vallen hieronder.
A
Fysieke agressie
B
Intimidatie
C
Verbale agressie
D
Psychische agressie

Slide 24 - Quizvraag

Deze agressie uit zich in woorden. Hierbij gaat het niet alleen
om mondeling agressie, maar bijvoorbeeld ook om agressie via de e-mail. Onder
verbale agressie vallen uitschelden, schreeuwen of erg fel in discussie gaan. Ook •
discriminerende opmerkingen vallen hieronder.
A
Fysieke agressie
B
Intimidatie
C
Verbale agressie
D
Psychische agressie

Slide 25 - Quizvraag

Hieronder valt schoppen of slaan
A
Fysieke agressie
B
Intimidatie
C
Verbale agressie
D
Psychische agressie

Slide 26 - Quizvraag

Op basis van welke 2 aspecten kan iemand gediscrimineerd worden?
A
Geslacht
B
Kleding
C
Leeftijd
D
Opvoeding

Slide 27 - Quizvraag

1e
2e
3e
4e
Individuele maatregel
Collectieve maatregel
PBM
Bronmaatregel

Slide 28 - Sleepvraag

Wat is het kenmerk van een collectieve maatregel
A
Maatregel die door de overheid wordt genomen
B
Maatregel waarbij het risico wordt weg genomen
C
Maatregel die alle werknemers beschermd
D
Maatregel voor een bepaalde groep werknemers

Slide 29 - Quizvraag


A

Slide 30 - Quizvraag