Hoofdstuk 7 paragraaf 1 De verlichting

1 / 43
volgende
Slide 1: Link
GeschiedenisMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4

In deze les zitten 43 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 5 videos.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Link

Hoofdstuk 7
Pruiken en Revoluties

Slide 2 - Tekstslide

Lesdoel: Je kan het volgende kenmerkend aspect in je eigen woorden uitleggen: ‘Rationeels optimisme en ‘verlicht denken’ dat werd toegepast op alle terreinen van de samenleving: Godsdienst, politiek, economie en sociale verhoudingen.’

Slide 3 - Open vraag

Slide 4 - Tekstslide

Herken je dit?


niet-officieel fiets- of wandelpad

Slide 5 - Tekstslide

Slide 6 - Tekstslide

Olifantenpad in je hersenen
Kennis werd verzameld en gedeeld door burgers. Vertrouw op je verstand! Filosofen stellen de macht van koningen en de kerk ter discussie. 

(intellectuele begin van de revoluties)

Slide 7 - Tekstslide

Leg in je eigen woorden uit wat rationalisme is.

Slide 8 - Open vraag

Rationalisme en optimisme 
Uit de wetenschappelijke revolutie van de 17de eeuw wordt uitgebouwd in de verlichting. 


In de 18de eeuw eeuw raakte geheel de Westerse wereld verlicht. 

Slide 9 - Tekstslide

Boekdrukkunst
Dankzij de uitvinding van de boekdrukkunst konden snel boeken worden gemaakt en daardoor konden de ideeën van filosofen snel door Europa verspreiden.

Slide 10 - Tekstslide

Verlichting

  • Het nadenken over de ideale samenleving versterkte het vertrouwen in het verstand en de rede van de mens, wat leidde tot optimisme.
  • Ontwikkelde mensen stelden traditionele ideeën over sociale verhoudingen, politiek, economie en godsdienst ter discussie.

Slide 11 - Tekstslide

Salons en koffiehuizen
De ideeën van de Verlichting werden veel besproken
Dit gebeurde in salons (FR) en koffiehuizen (EN)
Hier kwamen de ideeën van de revolutie tot stand
Ook jullie kunnen deze ideeën bespreken

Slide 12 - Tekstslide

Denis Diderot
1713-1784

Adam Smith
1723-1790


Jean-Jacques Rousseau
1712-1778

Montesquieu
1689-1755

John Locke
1632-1704

Voltaire
1694-1778


Slide 13 - Tekstslide

Slide 14 - Video

Rationalisme en optimisme 
Voorbeelden van verlichting: 
  1. Encyclopédie van Diderot en 'd Alembert
  2. Genootschap Felix Meritits

Slide 15 - Tekstslide

Encyclopédie van Diderot





1. Encyclopédie moet mensen kennis bijbrengen en vooral zelf laten nadenken.

2. Bestaat uit ca. 72.000 artikelen.

3. Verbod op publicatie vanwege kritiek op het absolutisme. “Geen enkel mens heeft van nature het recht om anderen zijn wil op te leggen.”

Slide 16 - Tekstslide

Slide 17 - Video

Adam Smith

Slide 18 - Tekstslide

Slide 19 - Video

Aan de slag: Huiswerk
  1. Maken paragraaf 7.1. 
  2. Leren leerdoelen 7.1.  

Slide 20 - Tekstslide

Lesdoel: Je kan het volgende kenmerkend aspect in je eigen woorden uitleggen: ‘Rationeels optimisme en ‘verlicht denken’ dat werd toegepast op alle terreinen van de samenleving: Godsdienst, politiek, economie en sociale verhoudingen.’

Slide 21 - Open vraag

Leg uit wat het verband is tussen het rationeel optimisme en de encyclopedie van Diderot.

Slide 22 - Open vraag

Verlichtingsideeën over
Economie
Godsdienst
Politiek
Sociale verhoudingen

Slide 23 - Tekstslide

Denis Diderot
1713-1784

Adam Smith
1723-1790


Jean-Jacques Rousseau
1712-1778

Montesquieu
1689-1755

John Locke
1632-1704

Voltaire
1694-1778


Slide 24 - Tekstslide

Godsdienst

Slide 25 - Tekstslide

Verlichtingsideeën over godsdienst
  • verdraagzaamheid: iedereen is vrij om te geloven wat hij wil
  • idee van atheïsme (weinig aanhang): er bestaat geen god
  • idee van deïsme: God heeft de wereld geschapen en zich er daarna niet meer mee bemoeid --> geen ingrijpen God in dagelijks leven (Voltaire)

Slide 26 - Tekstslide

Verlichtingsideeën over godsdienst
Voltaire
= grondlegger deïsme: God is de schepper
van de aarde, maar grijpt niet in.
De natuurwetten bewijzen het bestaan van
God. 
God = klokkenmaker
het universum is als een klok geschapen heeft en dit aan de gang heeft gebracht, waarna het zichzelf blijft voortbewegen.

Slide 27 - Tekstslide

Deïsten: 
  1. Geloofden in god. 
  2. Alleen God had de wereld gemaakt. 
  3. Bemoeide zich er verder niet mee

(God is een horlogemaker)
Atheïsten: 
  1. Geloofden niet in god. 
  2. God was niet te bewijzen.
  3. Geloof is er om mensen onderdanig te houden. 

Slide 28 - Tekstslide

Politiek

Slide 29 - Tekstslide

Droit Divin


  • Frans Theoloog Bousset
  • Het volk moet vertrouwen op het gezag van de koning, het is gegeven door god
  • Wie zal hem een bisdom hebben gegeven denk je?

'De zoetste wraak die een vrouw op een man kan nemen is door met hem te trouwen.'

Slide 30 - Tekstslide

Sociaal contract
Uitgangssituatie:
vorst heeft absolute macht door droit divin

Locke en Rousseau
contract tussen burgers en vorst:
* burgers dragen taken over aan vorst
* vorst beschermt burgers door wetgeving
* als een vorst dit niet goed doet, mag hij afgezet worden
John Locke (1632-1704)
Jean-Jacques Rousseau
 (1712-1778)

Slide 31 - Tekstslide

Montesquieu: Trias Politica

Slide 32 - Tekstslide

Sociale verhoudingen

Slide 33 - Tekstslide

John Locke

  • Ieder mens is geboren met dezelfde natuurrechten
  • Recht op leven
  • Recht op vrijheid
  • Recht op eigendom

  • De taak van de overheid / koning is om ervoor te zorgen dat deze natuurrechten worden geëerbiedigd. 

Slide 34 - Tekstslide

Rousseau 
Radicaal Verlichte denker want:

  • gericht op gehele volk ipv op bourgeoisie
  • tegen iedere vorm van gezag
  • algemene wil leidend
  • permanente volkssoevereiniteit >
  • directe democratie
  • inspirator Franse Revolutie

Slide 35 - Tekstslide

Voltaire
 Het beste machtssysteem was volgens Voltaire verlicht absolutisme. Dat houdt in dat een koning, die verlicht denkt, goede beslissingen neemt voor het volk, omdat het volk te dom zou zijn om zelf beslissingen te nemen.

"Alles voor het volk, niets door het volk"

Slide 36 - Tekstslide

Alle verlichte denkers waren atheïsten.
Waar 
Niet waar
Volgens de verlichting moest de onwetendheid licht brengen in de duisternis van de rede.
Verlichte denkers wilden alles met hun gevoel begrijpen.
De verlichting was een gevolg van de wetenschappelijke revolutie in de 17e eeuw.
De verlichting ontstond in westerse landen.
Verlichte denkers vonden dat God niet meer moest ingrijpen in het leven.

Slide 37 - Sleepvraag

Deze filosoof wilde met zijn filosofie streven naar een economisch systeem waarin individuele vrijheid, zelfbelang en marktwerking leiden tot welvaart en economische groei voor de samenleving als geheel.
God heeft de wereld geschapen, maar zich er daarna niet meer mee bemoeid.
Koningen krijgen hun macht van het volk.  De koning regeert samen met zijn ministers. Als de regering zijn macht misbruikt, dan mag het volk die macht afnemen en een nieuwe regering aanwijzen.
De macht van de staat bestaat uit een wetgevende, uitvoerende en rechterlijke macht. Dit noem je de Trias Politica.

Een koning is overbodig. Je hebt genoeg aan een volksvertegenwoordiging.
Onwetendheid en en domheid moet worden bestreden. Daarom werd de kennis geordend en bekend gemaakt aan het publiek in de Encyclopédie.
Adam Smith
Locke
Voltaire 
De verlichte schrijver Denis Diderot.
Franse denker Charles Montesquieu
Frans-Zwitserse filosoof Jean-Jacques Rousseau

Slide 38 - Sleepvraag

Lesdoel: Je kan het volgende kenmerkend aspect in je eigen woorden uitleggen: ‘Rationeels optimisme en ‘verlicht denken’ dat werd toegepast op alle terreinen van de samenleving: Godsdienst, politiek, economie en sociale verhoudingen.’

Slide 39 - Open vraag

Aan de slag: Huiswerk
  1. Maken paragraaf 7.1. 
  2. Leren leerdoelen 7.1.  

Slide 40 - Tekstslide

Slide 41 - Video

Slide 42 - Video

Slide 43 - Tekstslide