H7.3 Voor en na het omslagpunt (K) / Oppervlakte parallellogram en driehoek (B)
Vandaag
Leg je boek (+schrift) klaar. Pen/potlood.
GEEN TASSEN OF ANDERE SPULLEN OP TAFEL.
timer
1:30
1 / 26
volgende
Slide 1: Tekstslide
WiskundeMiddelbare schoolvmbo b, kLeerjaar 3
In deze les zitten 26 slides, met tekstslides.
Lesduur is: 50 min
Onderdelen in deze les
Vandaag
Leg je boek (+schrift) klaar. Pen/potlood.
GEEN TASSEN OF ANDERE SPULLEN OP TAFEL.
timer
1:30
Slide 1 - Tekstslide
Vandaag
H7.3 Oppervlakte parallellogram en driehoek (B)
H7.3 Voor en na het omslagpunt (K)
Slide 2 - Tekstslide
H7
Slide 3 - Tekstslide
H7
Kader: (boek B)
Blz 18 t/m 20
Opdracht 17 t/m 23
Basis: (boek B)
Blz 94 t/m 98
Opdracht 13 t/m 21
Slide 4 - Tekstslide
Leerdoelen(b)
Ik weet hoe ik de oppervlakte van een parallellogram bereken.
Ik weet hoe ik de oppervlakte van een driehoek bereken.
Slide 5 - Tekstslide
Parallellogram
Leerdoel: Ik weet hoe ik de oppervlakte van een parallellogram bereken.
Slide 6 - Tekstslide
Parallellogram
Hoeveel hokjes zie je in de parallellogram?
Leerdoel: Ik weet hoe ik de oppervlakte van een parallellogram bereken.
Slide 7 - Tekstslide
Parallellogram
Hoeveel hokjes zie je in de parallellogram?
18 hokjes!
Leerdoel: Ik weet hoe ik de oppervlakte van een parallellogram bereken.
Slide 8 - Tekstslide
Parallellogram
Voor het berekenen van de oppervlakte van een parallellogram heb je de lengte van een zijde en de bijbehorende hoogte nodig.
De oppervlakte bereken je met:
Opp. parall = zijde x bijbehorende hoogte
Leerdoel: Ik weet hoe ik de oppervlakte van een parallellogram bereken.
Slide 9 - Tekstslide
Parallellogram
Opp. parall = zijde x bijbehorende hoogte
Opp parall PQRS = 6 x 3 = 18 cm²
Leerdoel: Ik weet hoe ik de oppervlakte van een parallellogram bereken.
Slide 10 - Tekstslide
Parallellogram
Opp. parall = zijde x bijbehorende hoogte
Opp parall PQRS = 6 x 3 = 18 cm²
Leerdoel: Ik weet hoe ik de oppervlakte van een parallellogram bereken.
Slide 11 - Tekstslide
Parallellogram
Opp. parall = zijde x bijbehorende hoogte
Leerdoel: Ik weet hoe ik de oppervlakte van een parallellogram bereken.
Slide 12 - Tekstslide
Parallellogram
Opp. parall = zijde x bijbehorende hoogte
Leerdoel: Ik weet hoe ik de oppervlakte van een parallellogram bereken.
Slide 13 - Tekstslide
Driehoek
Hoeveel hokjes zie je in de driehoek?
Leerdoel: Ik weet hoe ik de oppervlakte van een driehoek bereken.
Slide 14 - Tekstslide
Driehoek
Hoeveel hokjes zie je in de driehoek?
6 hokjes!
Leerdoel: Ik weet hoe ik de oppervlakte van een driehoek bereken.
Slide 15 - Tekstslide
Driehoek
De oppervlakte van een driehoek is de helft van de oppervlakte van de rechthoek waar de driehoek precies in past. De oppervlakte van een driehoek bereken je met:
Opp driehoek = zijde x bijbehorende zijde : 2
Leerdoel: Ik weet hoe ik de oppervlakte van een driehoek bereken.
Slide 16 - Tekstslide
Driehoek
Opp driehoek = zijde x bijbehorende zijde : 2
Opp driehoek ABC = 4 x 3 : 2 = 6 cm²
Leerdoel: Ik weet hoe ik de oppervlakte van een driehoek bereken.
Slide 17 - Tekstslide
Driehoek
Opp driehoek = zijde x bijbehorende zijde : 2
Leerdoel: Ik weet hoe ik de oppervlakte van een driehoek bereken.
Slide 18 - Tekstslide
Driehoek
Opp driehoek = zijde x bijbehorende zijde : 2
Leerdoel: Ik weet hoe ik de oppervlakte van een driehoek bereken.
Slide 19 - Tekstslide
Aan de slag
Basis: (boek B)
Blz 94 t/m 98
Opdracht 13 t/m 21
timer
20:00
Slide 20 - Tekstslide
Leerdoelen (k)
Ik weet hoe ik het omslagpunt gebruik om grafieken voor en na het omslagpunt te kunnen vergelijken.
Slide 21 - Tekstslide
Vergelijkingen
Leerdoel: Ik weet hoe ik het omslagpunt gebruik om grafieken voor en na het omslagpunt te kunnen vergelijken.
Slide 22 - Tekstslide
Omslagpunt berekenen
1. Maak een vergelijking met de twee formules.
2. Los de vergelijking op. De oplossing is de eerste coördinaat van het omslagpunt.
A weghalen aan een kant
Losse cijfers weghalen aan de andere kant
Delen
3. Bereken de tweede coördinaat van het omslagpunt door de oplossing in te vullen in één van de twee formules.
4. Schrijf de coördinaten van het omslagpunt op.
Leerdoel: Ik weet hoe ik de tweede coördinaat van het omslagpunt bereken.
Slide 23 - Tekstslide
Omslagpunt
Het omslagpunt kun je ook gebruiken om grafieken voor en na het omslagpunt te vergelijken.
Bijvoorbeeld:
De formules horen bij inkomsten van Amy en Lara.
Amy: B = 5 + 3,75t
Lara: B = 11 + 2,25t
Wie verdient er na het omslagpunt het meest?
Leerdoel: Ik weet hoe ik het omslagpunt gebruik om grafieken voor en na het omslagpunt te kunnen vergelijken.
Slide 24 - Tekstslide
Omslagpunt
Na het omslagpunt staat het regenwater het hoogst in ...?
Leerdoel: Ik weet hoe ik het omslagpunt gebruik om grafieken voor en na het omslagpunt te kunnen vergelijken.