7.2 versnellen

Startopdracht
a. Op welk moment stond deze auto stil? 
b. Bereken de gemiddelde snelheid tussen
 t = 0 en t = 20s.
c. Welk soort beweging is er te zien tussen t = 0 en t = 20s?
1 / 35
volgende
Slide 1: Tekstslide
NaskMiddelbare schoolvmbo t, mavoLeerjaar 3,4

In deze les zitten 35 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 80 min

Onderdelen in deze les

Startopdracht
a. Op welk moment stond deze auto stil? 
b. Bereken de gemiddelde snelheid tussen
 t = 0 en t = 20s.
c. Welk soort beweging is er te zien tussen t = 0 en t = 20s?

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Snelheid en versnelling
  • Ik kan de formule v=s/t toepassen. 
  • Ik kan de formule a= (ve-vb)/t toepassen.

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Snelheid is een:
A
Grootheid
B
Eenheid

Slide 3 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Beweging betekent snelheid.
Wat is het symbool voor snelheid? Wat is de eenheid van snelheid?
A
symbool: v eenheid: m/s
B
symbool: s eenheid: m/s
C
symbool: v eenheid: km/h
D
symbool: s eenheid: km/h

Slide 4 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

s
t
v
Snelheid
Afstand
Tijd

Slide 5 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

is de
die wordt afgelegd per
, zoals
of
Snelheid
afstand
tijd
kilometer per uur
meter per seconde

Slide 6 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

Gegeven:
Gevraagd:
Formule:
Berekening:
Antwoord:
Een fietser rijd een rit van 100 Km. Daar doet de fietser 4 uur over. Wat is de gemiddelde snelheid van de fietser?
s = 100 Km
t = 4 uur
V = s : t
Snelheid (V in km/h)
V = 100 : 4 = 25
De snelheid is 25 Km/h

Slide 7 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

Als je snelheid wilt bereken moet je de volgende formule gebruiken:
=
Afstand
Tijd
Snelheid

Slide 8 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

Ik fiets in 10 seconde 50 meter. Hoe groot is mijn gemiddelde snelheid?
(gemiddelde snelheid = afstand / tijd)

Slide 9 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Ik rij 450m in 50s, wat is mijn gemiddelde snelheid?

Slide 10 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Versnellen
Versnelling is een verandering van snelheid
Versnelling = de snelheidsverandering  in één seconde.

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Versnellen
Wanneer de snelheid toeneemt, is er sprake van versnelling.


.




Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Versnelling berekenen
Versnelling betekent: de verandering van snelheid

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hoe groot is de versnelling hier?
A
45 m/s²
B
10 m/s²
C
11 m/s²
D
22 m/s²

Slide 14 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat is de versnelling in het diagram?
A
2,67 m/s²
B
-2,67 m/s²
C
0 m/s²
D
Op basis van de gegevens niet te zeggen

Slide 15 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Hoogste constante snelheid
Vertraging
Grootste versnelling
Kleinste versnelling
Laagste constante snelheid

Slide 16 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

hier stoppen

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is de formule om de versnelling (a) bij een eenparige versnelling berekenen?
A
a = Δv / Δt
B
a = Δv x Δt
C
a = 2 x (Δv / Δt)
D
a = 1/2 x (Δv / Δt)

Slide 18 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

De eenheid voor versnelling is...
A
m/s
B
s2m
C
s
D
s/m

Slide 19 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Om te versnellen is er ...... nodig.
A
resulterende kracht
B
luchtwrijving
C
rolwrijving
D
zwaartekracht

Slide 20 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Verplaatsing
Snelheid
Versnelling
meter
km/h
s
v
a
m/s

Slide 21 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

het symbool voor versnelling is:
A
s
B
t
C
v
D
a

Slide 22 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

De eenheid van versnelling is...
A
N
B
m/s
C
kg
D
m/s²

Slide 23 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

WAAR
NIET WAAR
De versnelling kun je uitreken met de formule: versnelling is het verschil in snelheid gedeeld door verschil in tijd

Slide 24 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat is de versnelling hier?
A
500 m/s^2
B
0,5 m/s^2
C
5,0 m/s^2
D
Kan je hier niet uit halen

Slide 25 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Sleep de symbolen naar de juiste betekenis
Kracht
Plaats
Afstand
Snelheid
Versnelling
Massa
Frontaal oppervlak
a
v
m
A
F
x
s

Slide 26 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat is het gevolg van de krachten? Sleep het juiste resultaat naar het juiste plaatje.
Remmen
Versnellen
Vertragen
De snelheid verandert niet

Slide 27 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

Vertragen
Versnellen
Constante snelheid

Slide 28 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

De eenheid van versnelling is...
A
N
B
m/s
C
kg
D
m/s²

Slide 29 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat is een negatieve versnelling?
A
een vertraging
B
je staat stil
C
je gaat achteruit
D
constante snelheid

Slide 30 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies


Versnelling veroorzaakt een:


A
toename van snelheid
B
afname van snelheid
C
verandering van snelheid
D
verandering in verplaatsing

Slide 31 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Bereken de versnelling
A
a=3s2m
B
a=4s2m
C
a=12s2m
D
a=48s2m

Slide 32 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

△v staat voor    ...........    en bereken je door de formule      .............
△t staat voor     ...........    en bereken je door de formule        .............
a staat voor  ...........       en bereken je door de formule        .............
versnelling
tijd
snelheidsverandering
△t = △v * a
△t = △v               a
a = △v
       △t
a = △v * △t
△v = a *△t
△v = △t
            a

Slide 33 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

Je ziet vier sleepdoelen in rood. Sleep de blauwe vakken op de juist plaats.
a
v
t
s
versnelling
tijd
snelheid
afstand
m
m/s
m/s^2
s

Slide 34 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

Eerste wet van Newton
versnellen
constante snelheid
vertragen

Slide 35 - Sleepvraag

eerste wet van Newton op bord