Deze slide heeft geen instructies
Lesdoel
Je weet wat een breuk is
Je weet wat de teller en de noemer zijn
Je kan breuken gelijkwaardig maken
Deze slide heeft geen instructies
Deze slide heeft geen instructies
Deze slide heeft geen instructies
Deze slide heeft geen instructies
Deze slide heeft geen instructies
Teller (1): Dit geeft aan dat we één deel hebben.
Noemer (2): Dit geeft aan dat het geheel in twee gelijke delen is verdeeld.
Deze slide heeft geen instructies
Deze slide heeft geen instructies
Het getal 4 is de ... van de breuk.
Teller
Noemer
Deze slide heeft geen instructies
Het getal 4 is de ... van de breuk.
Teller
Noemer
Deze slide heeft geen instructies
Het getal 2 is de ... van de breuk.
Teller
Noemer
Deze slide heeft geen instructies
Het getal 15 is de ... van de breuk.
Teller
Noemer
Deze slide heeft geen instructies
Deze slide heeft geen instructies
Gelijkwaardige breuken
Deze slide heeft geen instructies
Gelijkwaardige breuken: breuken die even groot zijn, maar op een andere manier zijn opgeschreven.
Deze slide heeft geen instructies
Welke breuken zijn Gelijkwaardig?
1/2
1/3
1/4
2/6
2/8
2/4
12/24
6/18
15/45
10/20
5/10
6/24
8/32
9/36
9/27
Laat de leerlingen alle breuken naar het juiste vak slepen. De leerlingen kunnen dit allemaal voor zichzelf doen. Na afloop kun je de antwoorden bekijken en zien waar de moeilijkheden zitten.
Alleen de teller wordt bij elkaar opgeteld.
De noemers zijn gelijk, namelijk 5.
Hier verandert niks aan.
Deze slide heeft geen instructies
Deze slide heeft geen instructies
Deze slide heeft geen instructies
Deze slide heeft geen instructies
Deze slide heeft geen instructies
Deze slide heeft geen instructies
Tip:
Meestal deel je teller en noemer door 2, 3, 4 of 5
Deze slide heeft geen instructies
Vereenvoudig de breuk
Deze slide heeft geen instructies
Vereenvoudig de breuk
Deze slide heeft geen instructies
Vereenvoudig de breuk
Deze slide heeft geen instructies
Vereenvoudig de breuk
Deze slide heeft geen instructies
Deze slide heeft geen instructies
Deze slide heeft geen instructies
x 3 = 6
x 3 = 3
Deze slide heeft geen instructies
Quizvraag
Deze slide heeft geen instructies
Quizvraag
Deze slide heeft geen instructies
Quizvraag
Deze slide heeft geen instructies
Quizvraag
Deze slide heeft geen instructies
Welke afbeelding past bij de breuk?
A
B
C
D
Deze slide heeft geen instructies
Welke afbeelding past bij de breuk?
A
B
C
D
Deze slide heeft geen instructies
Aan jou wordt gevraagd om de breuk te vereenvoudigen? Wat moet je bij zo'n vraag doen?
De noemers van de breuk moeten gelijk gemaakt worden.
De breuk moet zo klein mogelijk gemaakt worden.
De breuk moet van elkaar afgetrokken worden.
De breuk moet bij elkaar opgeteld worden.
Deze slide heeft geen instructies
Wat is de noemer van een breuk?
Het bovenste getal van een breuk.
Het antwoord in een som.
Het onderste getal van een breuk.
De kleinste breuk.
Deze slide heeft geen instructies
Quizvraag
Deze slide heeft geen instructies
Quizvraag
Deze slide heeft geen instructies
Quizvraag
Deze slide heeft geen instructies
Aan jou wordt gevraagd om de breuk gelijknamig te maken. Wat moet je doen bij zo'n vraag?
De noemers van de breuk moeten gelijk gemaakt worden.
De breuk moet zo klein mogelijk gemaakt worden.
De breuk moet van elkaar afgetrokken worden.
De breuk moet bij elkaar opgeteld worden.
Deze slide heeft geen instructies