20 december 2022, psychogeriatrie - gerontopsychiatrie - geriatrie

Psychogeriatrie

Geronto-psychiatrie. 

Geriatrie

1 / 25
volgende
Slide 1: Tekstslide
Verpleging en verzorgingMBOStudiejaar 4

In deze les zitten 25 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Psychogeriatrie

Geronto-psychiatrie. 

Geriatrie

Slide 1 - Tekstslide

Definities. 
Gerontologie
Geriatrie
Geronto-psychiatrie

Slide 2 - Tekstslide

Definities. 
Gerontologie: de tak van wetenschap die het "ouder worden" bestudeert, zowel in lichamelijk, maatschappelijk als in geestelijk opzicht.
Geriatrie: richt zich op de diagnostiek en behandeling van oudere mensen met ingewikkelde ziekteproblemen
Geronto-psychiatrie: psychiatrie die zich bezig houdt met ouderen (gerontologie)

Slide 3 - Tekstslide

Vervolg begrippen
Psychogeriatrie houdt zich bezig met aandoeningen die samenhangen met achteruitgang van het geheugen
Co-morbiditeit: Er is sprake van meervoudige problematiek;  twee of meer aandoeningen of stoornissen bij één persoon. 


Slide 4 - Tekstslide

Geronto-psychiatrie
Zorgvrager heeft een (chronische) psychiatrisch probleem, zoals stemmings- en angststoornissen. Deze stoornissen gaan vaak gepaard met probleemgedrag. 

Omdat er naast de psychische klachten meestal ook sprake is van complexe lichamelijke problematiek en/ of dementie, is specialistische zorg van belang.

Slide 5 - Tekstslide

 Geronto-psychiatrie. 
Mw Visser. Verblijft op een geronto afdeling. Vertoont theatraal gedrag en stelt zich aan volgens het verzorgend team. 
  • laat zich flauwvallen tijdens de ADL. 
  • Speelt medewerkers uit. 
  • Maakt van de verzorging een gevecht; mw lijkt wel op een kat in het nauw. 
  • Smeert met ontlasting om te choqueren. 

Ziektegeschiedenis; 
  • Diabetes mellitus II
  • Amputatie linker onderbeen. 
  • Angststoornis en depressie. 

Slide 6 - Tekstslide

Welke interventies zou jij inzetten?

Slide 7 - Open vraag

Is het dementie of psychiatrie?

Dementiepatiënten kunnen niet ook psychisch in de problemen komen of psychotische angsten doormaken.
A
Juist
B
Onjuist

Slide 8 - Quizvraag

Feiten en cijfers
  • De meest voorkomende psychiatrische stoornis bij ouderen is een angststoornis.  
  • 17,1% van de mannen en 21,5% van de vrouwen van 55 jaar en ouder heeft lichteangstklachten.Waaronder valangst. 1 op de 10 heeft een angststoornis.
  • Angststoornissen komen op latere leeftijd veel vaker voor dan depressie (1.7%) en dysthymie (3-5%) (Beekman, & Heeren, 2001). Onder de leeftijd van 80 komen angststoornissen vaker voor dan dementie. Bij ouderen kunnen angststoornissen een iets andere verschijningsvorm aannemen dan bij jongere doelgroepen. De angst richt zich dan specifiek op een onderwerp dat vaker voorkomt in de latere levensfase.


Slide 9 - Tekstslide

Stemmingsstoornis bij ouderen. 
Depressie;
Bipolaire stoornis;
Een dysthyme stoornis; is een chronische variant van de depressieve stoornis met een iets ander beloop en klachtenpatroon.

Slide 10 - Tekstslide

Wat is houdt een depressie in?

Slide 11 - Open vraag

Algemene omschrijving 
  • Iedereen voelt zich wel eens somber, door een ongeluk of verlies, zo’n situatie noemt men ook wel “down” of “depri”.
  • Depressie is wanneer er sprake is van een abnormaal sombere stemming die langere tijd aanhoudt​
  • Er is sprake van onvermogen om te genieten​
  • Door de sombere stemming is een sociaal functioneren vrijwel onmogelijk​




Slide 12 - Tekstslide

Depressie bij ouderen
  • Ouderen genezen minder snel van hun depressie
  • 15-20 % van de ouderen heeft een lichte vorm van depressie. Een ernstige vorm komt voor bij 2-3 procent van de ouderen.
  • 9 % van de jongeren heeft last van depressie

Slide 13 - Tekstslide

Verschillende oorzaken

  • Kan worden veroorzaakt door situaties waarin ouderen terecht komen​. 
  • Bezig zijn met de dood. 
  • Verlies partner en/of weggaan van huis​. 
  • Krijgen van een ziekte. 




Slide 14 - Tekstslide

Mogelijke oorzaken
  • Bij een depressie is er een tekort aan neurotransmitterstof waardoor hersenen trager werken​
  • Ouderen maken deze stof minder aan​
  • Bijzondere levensgebeurtenissen kunnen aanleiding geven tot depressie​
  • Een tekort aan “leuke” dingen beleven en doen



Slide 15 - Tekstslide

Wat houdt een bipolaire stoornis in?

Slide 16 - Open vraag

Bipolaire stoornis. 
  • Een bipolaire stoornis kan erfelijk zijn. Als een van de ouders deze stoornis heeft, is de kans 10% tot 15% hoger. 
  • Er kunnen ook bepaalde dingen zijn die een manische of depressieve bui uitlokken. Bijvoorbeeld een gebrek aan slaap, het gebruik van drugs, of veel stress door een heftige gebeurtenis. Zoals problemen met relatie of werk. Of het overlijden van een dierbare. Maar een belangrijke positieve gebeurtenis kan ook een bui uitlokken. Zoals de geboorte van een  kindje.
  • Je kunt de stoornis ook krijgen als je vaak langer dan 2 weken erg somber bent. Sommige vrouwen krijgen na de bevalling van hun kindje een psychose of worden erg somber. Dit kan een eerste teken zijn van een bipolaire stoornis.


Slide 17 - Tekstslide

Geriatrische zorgverlening
Geriatrische zorg omvat
  • Lichamelijke gezondheidszorg​
  • Psychische gezondheidszorg​
  • Sociale omstandigheden​
  • Maatschappelijk domein​
  • Existentiële domein (spiritueel)
 Zorg omvat ook de begeleiding aan de familie

Slide 18 - Tekstslide

Kenmerken geriatrische zorgvrager
  • Samenhang somatische, psychische en sociale factoren​
  • Multi (co)morbiditeit​
  • Afgenomen reservefuncties​
  • Snellere achteruitgang​
  • Langzaam herstel
  • Nadruk op kwaliteit van leven






Slide 19 - Tekstslide

Lichamelijke klachten
  • Lichaamsbeweging is minder soepel.​
  • Botontkalking​
  • Gewrichten worden stijver, verkrommingen​
  • Spierkracht neemt af​
  • Doorbloeding huid neemt af​
  • Zintuigen functioneren minder​
  • Tastzin gaat achteruit
  • Vertering verandert​
  • Wand van bloedvaten zijn minder elastisch​
  • Uitscheidingspatroon verandert​
  • Conditie neemt af​
  • Longen worden minder elastisch






Slide 20 - Tekstslide

Psychische en sociale klachten
  • Depressie​
  • Dementie​
  • Afhankelijkheid​
  • Isolement​
  • Rouwproces​
  • Afstand nemen​
  • Leefwereld wordt steeds kleiner​
  • Gevoelsleven verandert







Slide 21 - Tekstslide

Transities; 
Transities: een ingrijpende verandering in het leven. Ouderen krijgen hier veel mee te maken
Bijv. 
  • overgang naar andere levensfase
  • Life-events als overlijden partner, scheiding, verhuizing
  • verandering van rol
  • verandering in het verloop van ziekte
  • verandering in zorgbehoefte

Slide 22 - Tekstslide

Coping
Omgaan met ingrijpende verandering wordt coping genoemd
Het is de manier waarop mensen zich aanpassen aan stressvolle situaties zoals transities. ( coping is afgeleid van "to cope with" )

Slide 23 - Tekstslide

Coping-strategieën
Er zijn verschillende strategieën:
  • Probleemgerichte coping: Je probeert het probleem op te lossen.
  • Emotiegerichte coping: Je probeert de gevoelens die door het probleem worden veroorzaakt, te veranderen.
  • Actieve coping: Je wil de situatie aanpakken.
  • Passieve coping: Je bent afwachtend en laat de situatie over je heen komen.

Slide 24 - Tekstslide

Welke strategie past bij jou?

Slide 25 - Open vraag