Paragraaf 5.2, planten groeien

Hoofdstuk 5
1 / 49
volgende
Slide 1: Tekstslide
Biologie / VerzorgingMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 1

In deze les zitten 49 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Hoofdstuk 5

Slide 1 - Tekstslide

Paragraaf 5.2
Planten groeien

Slide 2 - Tekstslide

Les 1

Slide 3 - Tekstslide

Planning
* Huiswerk 
*Herhaling
* Leerdoelen
* Theorie
* Zelfstandig werken


Slide 4 - Tekstslide

Huiswerk




LEZEN: Paragraaf 5.2 
Maken: 1, 4, 5, 8 en 9





Slide 5 - Tekstslide

Herhaling

Slide 6 - Tekstslide

Planten hebben organen
A
Juist
B
Onjuist

Slide 7 - Quizvraag

Welke organen heeft een plant?
A
Het blad en de nerven
B
Stengel en een kiem
C
Wortel, stengel en bladeren
D
Hoofdwortel, zijwortel en wortelharen

Slide 8 - Quizvraag

Uit welke organen bestaat een plant?
  1. wortels
  2. stengel
  3. bladeren
  4. bloemen

Slide 9 - Tekstslide

Leerdoelen
Je kent de verschillende onderdelen van een plantenzaadje. 
Je kunt in je eigen woorden de verschillende stappen van ontkiemen uitleggen. 
Je kunt het verschil tussen groei en ontwikkeling uitleggen. 

Slide 10 - Tekstslide

Je kent de verschillende onderdelen van een plantenzaadje. 

Slide 11 - Tekstslide

Hoe groeit er een plant uit een zaadje?
Een plant bloeit in het voorjaar. 

Bloem wordt een vrucht.

In de vrucht zitten zaden. 

Zaden ontkiemen.

Slide 12 - Tekstslide

Vrucht of zaad?
A
Vrucht
B
Zaad

Slide 13 - Quizvraag

Slide 14 - Tekstslide

Vrucht of zaad?
A
Vrucht
B
Zaad

Slide 15 - Quizvraag

Slide 16 - Tekstslide

Vrucht of zaad?
A
Vrucht
B
Zaad

Slide 17 - Quizvraag

Slide 18 - Tekstslide

Vrucht of zaad?
A
Vrucht
B
Zaad

Slide 19 - Quizvraag

Slide 20 - Tekstslide

Je kunt in je eigen woorden de verschillende stappen van ontkiemen uitleggen. 

Slide 21 - Tekstslide

Onderdelen zaadje
Zaadhuid = bescherming
Zaadlobben = reservevoedsel
Kiem


Kiem is eigenlijk al het plantje!

Slide 22 - Tekstslide

ontkiemen
  1. zaadhuid neemt water op
  2. zaadlobben zwellen op 
  3. zaadhuid knapt open
  4. worteltje komt naar buiten
  5. daarna komen de stengel en de bladeren 

Slide 23 - Tekstslide

Wat is er nodig voordat een zaadje kan ontkiemen?
A
aarde en vocht
B
licht en zuurstof
C
vocht en warmte
D
warmte en koolstofdioxide

Slide 24 - Quizvraag

De zaadlobben zijn heel groot.
Wat is hier de reden van?

Slide 25 - Open vraag

Waarom komt eerst het worteltje?

Slide 26 - Open vraag

Je kunt het verschil tussen groei en ontwikkeling uitleggen. 

Slide 27 - Tekstslide

Groei
aan de topjes van wortel en stengel
Ontwikkeling
Er komen nieuwe delen bij

Slide 28 - Tekstslide

Zelfstandig werken
Lezen paragraaf 5.2
Maken opdrachten in de planning

Slide 29 - Tekstslide

Paragraaf 5.2
Planten groeien

Slide 30 - Tekstslide

Les 2

Slide 31 - Tekstslide

Planning
* Huiswerk 
* Transport in planten, 5.1 
* Leerdoelen
* Theorie
* Zelfstandig werken


Slide 32 - Tekstslide

Huiswerk




LEREN: Paragraaf 5.2
Maken: 
Paragraaf 5.1: 14b, 15 en 16
Paragraaf 5.2: 12 en 13





Slide 33 - Tekstslide

watertransport
Wortelharen nemen water op. 
Water gaat via vaten van wortel naar bladeren. 
(wortel - stengel - blad)

VATEN zijn dunne buisjes en liggen vaak in groepjes bij elkaar. 
Dit noemen we VAATBUNDELS

Slide 34 - Tekstslide

Slide 35 - Tekstslide

wateropname gaat steeds door
  1. Water in cellen verdampt en verlaat de plant via de huidmondjes.
  2.  Water moet weer aangevuld worden. Dit gaat via de buurcellen. 
  3. Buurcellen nemen water op uit de vaatbundels (bladnerven)
  4. Plant neemt weer nieuw water op met zijn wortels (wortelharen)




Slide 36 - Tekstslide

Slide 37 - Tekstslide

open/dicht
HUIDMONDJES

Slide 38 - Tekstslide

Je kunt verklaren waarom bomen hun blad verliezen. 

Slide 39 - Tekstslide

grond koud - wortels werken niet goed.
Kunnen geen water opnemen - verdamping in bladeren gaat wel door. 
met blad: DOOD, daarom bladeren vallen. 

Slide 40 - Tekstslide

Welke maatregelen treft de boom?
  1. bladgroenkorrels naar takken en stam
  2. scheurlaag tussen bladsteel en stengel, hierdoor komt er minder water+mineralen in de bladeren
  3. blad valt af
  4. kurklaag op de wond, voorkomt waterverlies en het binnendringen van ziekteverwekkers. 

Slide 41 - Tekstslide

Je kunt het verschil tussen houtvaten en bastvaten uitleggen. 

Slide 42 - Tekstslide

Houtvat: omHoog  (water+mineralen)
Bastvat: naar Beneden en Bloem  (water+voedingsstoffen)

Slide 43 - Tekstslide

Leerdoelen
Je kunt uitleggen hoe stoffen door de planten heen vervoerd worden. 

Je kunt in je eigen woorden uitleggen hoe een boom in de lengte groeit. 
Je gebruikt hierbij de begrippen eindknop, zijknop, knopschubben, uitlopen en ringlitteken.
Je kunt in je eigen woorden uitleggen hoe een boom in de dikte groeit. 
Je gebruikt hierbij de begrippen diktegroei, groeilaagje en jaarring. 


Slide 44 - Tekstslide

Je kunt in je eigen woorden uitleggen hoe een boom in de lengte groeit.
Je gebruikt hierbij de begrippen eindknop, zijknop, knopschubben, uitlopen en ringlitteken.

Slide 45 - Tekstslide

Groei
Lengtegroei bij bomen

Groei vindt plaats in de topjes van de stengel/takken en de topjes van de wortel. 

Slide 46 - Tekstslide

Je kunt in je eigen woorden uitleggen hoe een boom in de dikte groeit.
Je gebruikt hierbij de begrippen diktegroei, groeilaagje en jaarring.

Slide 47 - Tekstslide

Diktegroei
groeilaagje = nieuwe houtcellen
Laagje dat in 1 jaar wordt gevormd = jaarring

1 jaarring = lichtbruin + donkerbruin
Voorjaar en zomer

Welke jaarring is het oudste?

Slide 48 - Tekstslide

Zelfstandig werken
timer
5:00

Slide 49 - Tekstslide