H3 + H4

Sociale zekerheid en de verzorgingsstaat


3. Nooit meer armoede!
1 / 42
volgende
Slide 1: Tekstslide
GeschiedenisMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 4

In deze les zitten 42 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Sociale zekerheid en de verzorgingsstaat


3. Nooit meer armoede!

Slide 1 - Tekstslide

Planning
Herhalen H2
Uitleg H3
Opdrachten maken/ samenvatting H2 maken


Slide 2 - Tekstslide

Planning
Herhalen H2
Uitleg H3
Opdrachten maken/ samenvatting H2 maken

Uitleg H4
Opdrachten maken / samenvatting H2 bespreken

Slide 3 - Tekstslide

Deelvraag
Hoe ontwikkelde de verzorgingsstaat zich in Nederland?
  • Hoe de verzorgingsstaat zich na 1945 ontwikkelde
  • Welke wetten er in de jaren 50/60 zijn aangenomen om mensen van een inkomen te verzekeren

Slide 4 - Tekstslide

Herhaling H2
Beurskrach?
Hulp aan werklozen?
Vernedering?
Aanpak van de regering?
Opkomst NSDAP in Duitsland?

Slide 5 - Tekstslide


Wederopbouw
vanaf 1945



    Slide 6 - Tekstslide


    Rol van de overheid verandert


    • Crisis is niet vanzelf overgegaan
    • Mensen hadden vóór de oorlog vertrouwen verloren in democratie en voor niet-democratische stromingen gekozen
    • Er was erg veel ellende in de oorlog geweest


    Slide 7 - Tekstslide


    De Wederopbouw lukt!

    • Harmoniemodel: samenwerken/de schouders eronder en niet zeuren!
    •    --> Afspraken over lonen en prijzen: geleide loonpolitiek
    • Snelle industrialisatie: kleine bedrijven gaan samenwerken ⇒ kosten lager ⇒ export stijgt
    • De SDAP (vanaf 1946: PvdA) komt in de regering
    • Hulp vanuit VS: Marshallplan


      Slide 8 - Tekstslide


      Verzorgingsstaat in opbouw

      Vanaf de jaren 50 wordt Nederland een verzorgingsstaat.
      Belangrijke wetten die voor sociale zekerheid zorgen:
      • Werkloosheidswet (WW, 1949), niet meer via vakbonden!
      • Algemene Ouderdomswet (AOW, 1957)
      • Wet Arbeidsongeschiktheidsverzekeringen (WAO, 1967)
      • Algemene Bijstandswet (ABW, 1965)



        Bejaarden vieren de invoering van de AOW. Applaus voor minister Drees. (Foto uit: 1956)

        Slide 9 - Tekstslide


        Willem Drees

        Willem Drees (PvdA) was tussen 1948 en 1958 minister-president.
        In die periode werd langzaam de verzorgingsstaat opgebouwd, met de komst van wetten zoals de Algemene Ouderdomswet (AOW, 1957)

        'Vadertje Drees' wordt dan ook wel gezien als de grote man achter
        de verzorgingsstaat, hoewel sommige wetten niet eens door hem zijn bedacht.
        Het verhaal gaat dat Nederland de Marshallhulp heeft gekregen omdat de toenmalig minister-president Willem Drees de vertegenwoordiger van de Verenigde Staten in plaats van met een staatsbanket, met een kopje thee met een mariakaakje ontving. De vertegenwoordiger vond dat Nederland de steun blijkbaar hard nodig had en dat een land met een zo sobere minister-president het geld ongetwijfeld goed zou besteden.

        Slide 10 - Tekstslide


        Vanaf de jaren '60

        • Geleide loonpolitiek wordt losgelaten
        • Er komt een loongolf: een stijging van lonen, soms wel met 10%
        • Uitkeringen zijn gekoppeld aan lonen, dus ook deze stijgen mee.
        • Door de ontdekking gasveld in Slochteren (1959) kan de verzorgingsstaat makkelijker worden gefinancierd: het gas wordt aan het buitenland verkocht.
        • Nederland wordt een consumptiemaatschappij


          Slide 11 - Tekstslide


          Toename overheidsinvloed 


          • De rol van de overheid neemt enorm toe
          • Niet alleen op het gebied van welvaart, maar ook als het gaat om gezondheidszorg.
          • Dat is ook logisch: zieke mensen kosten de overheid veel geld. 




            Slide 12 - Tekstslide

            Vroeger
            Later

            Slide 13 - Sleepvraag

            Onder leiding van de overheid besloten werknemers en 
            [.......(a).......] samen te werken en Nederland weer op te bouwen. In ruil voor werk en goede voorzieningen waren de werknemers bereid zuinig te leven en hard te werken. 
            Deze wijze van samenwerking werd toen [......(b)......] -model genoemd. Toen de [......(c)......] de geleide loonpolitiek afschafte, was het afgelopen met de arbeidsrust.
            ➤Sleep drie begrippen naar de juiste plek in de tekst.
            overheid
            katholieken
            socialisten
            liberalen
            schaal
            polder
            werkgevers
            kerk
            harmonie

            Slide 14 - Sleepvraag

            ➤WW, AOW en WAO zijn voorbeelden van:
            A
            politieke partijen
            B
            sociale wetten
            C
            vakbonden

            Slide 15 - Quizvraag

            ➤Een ‘verzorgingsstaat’ is een staat waarin
            A
            alle arme mensen steun kunnen krijgen van liefdadigheids-organisaties.
            B
            iedere burger in welvaart leeft zonder vrees voor armoede.
            C
            alleen ouderen, werklozen en jongeren steun kunnen vragen.
            D
            niemand gebrek heeft aan de eerste levensbehoeften.

            Slide 16 - Quizvraag

            Aan de slag!


            Maak de opdrachten van H3: 1 t/m 5, 7, 10, 11, 12, 14, 17 en 18
            OF maak een samenvatting van Hoofdstuk 2




            Slide 17 - Tekstslide

            Sociale zekerheid en de verzorgingsstaat


            H4 De toekomst van de verzorgingsstaat

            Slide 18 - Tekstslide

            Planning
            Herhalen H3
            Uitleg H4
            Opdrachten maken/ samenvatting H3 maken

            H1 Staatsinrichting

            Slide 19 - Tekstslide

            Jaren ´50

            Slide 20 - Woordweb

            Jaren ´60

            Slide 21 - Woordweb

            Herhalen H3
            • Wederopbouw
            • Harmoniemodel
            • Geleide loonpolitiek 
            • Verzorgingsstaat
            • sociale zekerheid
            • Willem Drees
            • Consumptiemaatschappij

            Slide 22 - Tekstslide

            Leerdoel

            Waardoor kwam de verzorgingsstaat na 1970 in de problemen en welke oplossingen werden bedacht om de verzorgingsstaat in de toekomst betaalbaar te houden?

            Slide 23 - Tekstslide


            Problemen in de jaren '70 en '80
            • Economische crisis (o.a. door oliecrisis): veel werklozen met een uitkering
            • Oneigenlijk gebruik en fraude van uitkeringen
            • Vergrijzing: meer gebruik van AOW
            • Studiefinanciering 
            • Meer scheidingen: meer gebruik van Bijstandswet
            • Mensen zien de uitkering als een recht
            • Werken was niet aantrekkelijk door hoge uitkeringen

            Het Amsterdam in de jaren 1970 kende woningnood tegelijk met langdurige leegstand. Jonge mensen zonder woonruimte kraakten leegstaande panden. De renovatie voor de kroningsceremonie van de koninklijke paleizen door het ministerie, maakte krakers boos omdat er volgens hen beter geld in nieuwe betaalbare woonruimte gestoken kon worden. Ook de snel stijgende (jeugd)werkloosheid speelde mee.
            Toen Beatrix in 1980 werd gekroond als koningin gebruikte deze groep de kroning om aandacht te vragen voor hun problemen. Dit liep als snel uit in grote rellen.

            Slide 24 - Tekstslide







            Deze spotprent over de problemen in de verzorgingsstaat is in 1981 gemaakt door de tekenaar Jos Collignon.
            Er zijn teveel mensen die van der verzorgingsstaat gebruik maken, waardoor het evenwicht weg is. Hiermee wordt het evenwicht tussen mensen die betalen voor de verzorgingsstaat en mensen die gebruik maken van de verzorgingsstaat bedoeld.
            Beeldelement: de donkere wolk geven aan dat er storm op komst is. Er komen nog moeilijkere tijden aan (bijvoorbeeld: de vergrijzing), terwijl het schip nu al schade heeft en dreigt om te slaan.
            Beeldelement: het schip, de verzorgingsstaat, dreigt om te slaan.
            Beeldelement: het roer ligt in het water waardoor het schip onbestuurbaar is geworden. Met andere woorden: er moet iets gebeuren, maar het lijkt erop dat het al te laat is.

            Slide 25 - Tekstslide


            Wat vond de politiek?

            • Sociaal-democraten: afblijven van de verzorgingsstaat. De sterkste schouders dragen de zwaarste lasten. (PvdA)
            • Confessionelen: rol van de overheid kan worden beperkt: 'goede christenen helpen elkaar'. (CDA)
            • Liberalen: verzorgingsstaat kan blijven bestaan, maar er moet wel op bezuinigd worden. (VVD)

            Slide 26 - Tekstslide

            Problemen van de verzorgingsstaat
            • Oliecrisis 1973 en 1979
            • Oorzaak: oliekraan dicht in het Midden-Oosten
            • Gevolg: inflatie en stijging prijs benzine
            • Ruud Lubbers  
            • M-P (1982-1994) CDA
            • Kwam met strenge maatregelen voor de verzorgingsstaat

            Slide 27 - Tekstslide


            Maatregelen van de overheid

            • Vanaf jaren ’80: forse bezuinigingen op uitkeringen en verlaging van de uitkeringen
            • Strengere controle op uitkeringen door het UWV

            • Aantrekkelijker maken van werk: deeltijd, thuiswerk en loon hoger dan een uitkering
            • Strengere (her)keuring van arbeidsongeschikten


            Slide 28 - Tekstslide

            Sociale zekerheid
            Sociale verzekeringen
            Sociale voorzieningen
            Werknemersverzekeringen
            • WIA
            • WW
            • ZW
            Volksverzekeringen

            • AOW
            • AWBZ
            • ANW
            • AKW
            • WWB
            • Wajong
            • TW
            De Nederlandse verzorgingsstaat
            Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen
            Werkloosheidswet
            Ziektewet
            Algemene Ouderdomswet
            Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten
            Algemene nabestaandenwet
            Algemene Kinderbijslagwet
            Voor iedereen die werkt
            Voor iedereen
            Wet werk en bijstand
            Wet arbeidongeschiktheidsverzekering Jonggehandicapten
            Toeslagenwet
            Voor iedereen die niet zelf voor een eigen inkomen kan zorgen.

            Slide 29 - Tekstslide

            Veranderingen in de arbeidsmarkt
            Tijdens de opbouw van de verzorgingsstaat hadden de meeste mensen een vaste baan.
            Eind jaren 60 gaan bedrijven steeds vaker mensen tijdelijk aannemen.
            Vanaf de jaren 90 nemen de flexwerkers toe, zonder zekerheid vaker werkloos en lagere lonen.
            Door de stijgende lonen werden Nederlandse producten duurder, fabrieken verplaatsen naar goedkope landen.
             

            Slide 30 - Tekstslide

            Zijn de problemen nu opgelost?

            • Door de vergrijzing is de pensioenleeftijd verhoogd naar 67 jaar, anders is de AOW onbetaalbaar
            • Aantal niet-werkende mensen wordt groter dan aantal werkende mensen
            • Armoede blijft (ook in Nederland) bestaan!
            • Crisis aan het begin van de 21e eeuw zorgde voor grote werkloosheid



            Slide 31 - Tekstslide


            Hoe moet het nu verder?


            De mening van de politiek over 
            de verzorgingsstaat in de 21e eeuw


            Slide 32 - Tekstslide

            Rechts-Liberalen?
            Wat vinden die?
            Welke partij hoort erbij?

            Slide 33 - Tekstslide


            Rechts-liberalen

            • VVD (Volkspartij voor Vrijheid en Democratie)
            • De overheid moet zich zo min mogelijk bemoeien met de levens van mensen
            • Lage uitkeringen, zodat werklozen eerder bereid zijn om werk te zoeken


            Slide 34 - Tekstslide

            Confessionelen?
            Wat vinden die?
            Welke partij hoort erbij?

            Slide 35 - Tekstslide


            Confessionelen

            • O.a. het CDA (Christen Democratisch Appèl)
            • Er moet bezuinigd worden op de verzorgingsstaat
            • Niet alleen de overheid moet mensen helpen, ook moeten mensen vrienden en familie helpen als dat kan.



            Slide 36 - Tekstslide

            Sociaaldemocraten?
            Wat vinden die?
            Welke partij hoort erbij?

            Slide 37 - Tekstslide


            Sociaaldemocraten

            • O.a. de Pvda (Partij van de Arbeid)
            • De verzorgingsstaat moet worden aangepast
            • Maatregelen zijn nodig zodat iedereen ook in de toekomst in welvaart kan leven.
            • De belasting van de rijken kan omhoog kan om de verzorgingsstaat te kunnen blijven betalen



            Slide 38 - Tekstslide

            Links-liberalen
            Wat vinden die?
            Welke partij hoort erbij?

            Slide 39 - Tekstslide


            Links-liberalen

            • O.a. D66 (Democraten '66) en GroenLinks
            • De verzorgingsstaat moet worden aangepast aan de moderne samenleving

            • D66 wil voorkomen dat mensen afhankelijk worden van een uitkering en wil dat mensen een goede opleiding krijgen 
            • GroenLinks wil mensen met tijdelijke arbeidscontracten beschermen



            Slide 40 - Tekstslide


            Verzorgingsstaat niet aanpassen?


            • O.a. SP (Socialistische Partij) en PVV (Partij voor de Vrijheid)
            • De verzorgingsstaat zoveel mogelijk in stand houden
            • De overheid moet maar ergens anders op bezuinigen, zoals de bureaucratie
            • Hogere belastingen voor de allerrijksten 



            Slide 41 - Tekstslide

            Aan de slag!
            Maak van H4 de opdrachten 1 t/m 5, 7, 8, 13 t/m 15
            Of samenvatting maken

            Slide 42 - Tekstslide