Diagnostische toets 2VWO+ 2021-2022

1. Verbos regulares
Vervoeg het werkwoord tussen haakjes.

Typ alleen de vervoeging (dus de juiste vorm) in.
1 / 48
volgende
Slide 1: Tekstslide
SpaansMiddelbare schoolvwoLeerjaar 2

In deze les zitten 48 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

1. Verbos regulares
Vervoeg het werkwoord tussen haakjes.

Typ alleen de vervoeging (dus de juiste vorm) in.

Slide 1 - Tekstslide

Mis amigos y yo (estudiar) _______ español.

Slide 2 - Open vraag

La profesora (abrir) _______ la puerta.

Slide 3 - Open vraag

Yo (corregir) _______ mis deberes.

Slide 4 - Open vraag

Pedro y Juán (caminar) _______ por el bosque.

Slide 5 - Open vraag

Julián y tú (descubrir) _______ la ciudad.

Slide 6 - Open vraag

¿A qué hora (comer) _______ vosotras?

Slide 7 - Open vraag

2. Ser, tener y llamarse
Vertaal en vervoeg het werkwoord tussen haakjes. 

Typ alleen de vervoeging.

Slide 8 - Tekstslide

Ellos (heten) _________ Pedro y Marta.

Slide 9 - Open vraag

Mi hermana y yo (hebben) _________ una tía muy simpática.

Slide 10 - Open vraag

Hola, yo (heten) _________ Esteban.

Slide 11 - Open vraag

¿Cómo (heten) _________ tú?

Slide 12 - Open vraag

¿Qué (zijn) _________ los churros?

Slide 13 - Open vraag

Marco (hebben) _________ una habitación grande.

Slide 14 - Open vraag

¿Quiénes (zijn) _________ vosotras?

Slide 15 - Open vraag

Tú (zijn) _________ mi amigo.

Slide 16 - Open vraag

Mi mamá (is) _________ 47 años.

Slide 17 - Open vraag

3. Ser / estar
Kies steeds tussen ser en estar en vervoeg dat werkwoord.

Typ alleen de vervoeging.

Slide 18 - Tekstslide

Juan y Carlos ______ profesores de español.

Slide 19 - Open vraag

Nuestro colegio _____ en Haren.

Slide 20 - Open vraag

- ¿Qué tal?

- Yo _____ muy bien, gracias.

Slide 21 - Open vraag

Este _____ Tom. Él vive aquí también.

Slide 22 - Open vraag

Mis padres _____ en Barcelona.

Slide 23 - Open vraag

Mis padres y yo _____ de Barcelona.

Slide 24 - Open vraag

4. Interrogativos
Vul het juiste vraagwoord in (in het Spaans). 

Typ alleen het vraagwoord.

Slide 25 - Tekstslide

- ¿_____ te llamas?

- Yo soy Ana.

Slide 26 - Open vraag

- ¿_____ vivís vosotros?

- Vivimos en Haren. ¿Y tú?

Slide 27 - Open vraag

- ¿_____ es esta chica?

- Ella es Matilda. Es mi amiga.

Slide 28 - Open vraag

- ¿_____ estudias en el colegio?

- Estudio Español, Historia e Inglés.

Slide 29 - Open vraag

¿_____ son Matilda y Juan?

- Son mis compañeros de clase.

Slide 30 - Open vraag

5. El adjetivo
Vul de juiste vorm van het bijvoeglijk naamwoord in.

Typ alleen het bijvoeglijk naamwoord.

Slide 31 - Tekstslide

Mis amigas son muy ___ (grappig, gracioso)

Slide 32 - Open vraag

Estamos en una casa ___ (mooi, bonito)

Slide 33 - Open vraag

El español es ___ (makkelijk, fácil).

Slide 34 - Open vraag

La carpeta de Ana es ___ (rood, rojo).

Slide 35 - Open vraag

Mi bolígrafo es ___ (blauw, azul).

Slide 36 - Open vraag

Mis compañeros de clase son unos chicos muy ___ (slim, inteligente).

Slide 37 - Open vraag

Nuestros deberes no son ___ (moeilijk, difícil).

Slide 38 - Open vraag

6. Posesivos
Vul het juiste bezittelijke voornaamwoord in.

Typ alleen het Spaanse bezittelijke voornaamwoord.

Slide 39 - Tekstslide

(Zijn) _____ cuaderno es gris.

Slide 40 - Open vraag

(Onze) _____ bicicletas son eléctricas.

Slide 41 - Open vraag

(Jullie) ___ hermana vive en Granada, ¿verdad?

Slide 42 - Open vraag

(Onze) ___ padres están en casa.

Slide 43 - Open vraag

(Mijn) _____ amigas estudian español.

Slide 44 - Open vraag

(Haar)______ hermanas tienen 19 años.

Slide 45 - Open vraag

(Uw) ___ libros están en la estantería.

Slide 46 - Open vraag

(Mijn) _____ color favorito es azul.

Slide 47 - Open vraag

¡Terminado!
Je bent klaar!

Je kunt Lesson Up nu afsluiten.

Slide 48 - Tekstslide