H4 §2 les 1

Welkom!
Lesplanning:
  • Inplannen SO
  • Terugblik vorige les
  • Lesdoelen
  • Uitleg
  • Lesdoelen checken
1 / 29
volgende
Slide 1: Tekstslide
AardrijkskundeMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 1

In deze les zitten 29 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Welkom!
Lesplanning:
  • Inplannen SO
  • Terugblik vorige les
  • Lesdoelen
  • Uitleg
  • Lesdoelen checken

Slide 1 - Tekstslide

Mantel
Aardkorst
Aardkern
Convectiestroom

Slide 2 - Sleepvraag

Mantel
Bestaat uit vloeibaar heet gesteente (mamga)
Aardkern
Bestaat uit de binnenkern en de buitenkern.
De binnenkern is het heetste gedeelte van de aarde.

Convectiestroom
Het mamga stroomt langzaam rond in de mantel, met een moeilijk woord noem je dit convectiestromen.

De convectiestromen zorgen voor barsten en scheuren in de aardkorst.


Aardkorst
De aardkorst verandert voortdurend van vorm door natuurkrachten van twee kanten:
- Endogene krachten (krachten van binnenuit)
- Exogene krachten (krachten van buitenaf)

De aardkorst is niet één geheel, maar bestaat uit verschillende platen. 

Slide 3 - Tekstslide

De aardkorst is niet 1 geheel, maar bestaat uit allemaal breuken en platen.
A
Juist
B
Onjuist

Slide 4 - Quizvraag

Slide 5 - Tekstslide

Leg in je eigen woorden uit hoe het komt dat platen bewegen.

Slide 6 - Open vraag

Convectiestomen zijn voorbeelden van .....
A
exogene krachten
B
endogene krachten

Slide 7 - Quizvraag

Uit elkaar
Naar elkaar
Langs elkaar
Opdracht: 
Sleep het juiste beweging naar de juiste plaatbeweging.
Uit elkaar
Naar elkaar
Langs elkaar 

Slide 8 - Sleepvraag

H4 §2 De grote Oost-Japanse ramp

Slide 9 - Tekstslide

Leerdoelen van H4.2
  1. Je weet waar aardbevingen ontstaan
  2. Je weet hoe een aardbeving ontstaat.
  3. Je weet het verschil tussen het hypocentrum en epicentrum.
  4. Je weet hoe de schaal van Richter werkt.

Slide 10 - Tekstslide

Lezen leerboek
Wat was de grote Oost-Japanse ramp in 2011?

Slide 11 - Tekstslide

1. Je weet waar aardbevingen ontstaan

Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Tekstslide

Bij welke plaatbeweging ontstaan vooral zware aardbevingen?
A
Naar elkaar toe
B
Van elkaar af
C
Langs elkaar
D
Allemaal even veel

Slide 14 - Quizvraag

1. Je weet waar aardbevingen ontstaan
Zware aardbevingen ontstaan voornamelijk in de buurt van plaatbreuken. Vooral waar twee platen naar elkaar toe bewegen en langs elkaar bewegen.

Slide 15 - Tekstslide

2. Je weet hoe een aardbeving ontstaat.

Slide 16 - Tekstslide

0

Slide 17 - Video

2. Je weet hoe een aardbeving ontstaat.
De aardkorst bestaat uit verschillende platen. De platen drijven op vloeibaar gesteente (magma) dat langzaam stroomt, gemiddeld een paar centimeter per jaar. Door die beweging verschuiven ook de platen. Langs de plaatranden is de aardkorst, die bestaat uit vast gesteente, dan ook voortdurend in beweging. Dat bewegen van de aardkorst langs en over elkaar gaat heel schokkerig. Jaren achter elkaar gebeurt er niets en bouwt de spanning zich op, en dan opeens verschuiven de platen een paar meter tegelijk. Dat levert enorme aardschokken op: een aardbeving.

Slide 18 - Tekstslide

Slide 19 - Tekstslide

3. Je weet het verschil tussen het hypocentrum en epicentrum.
 Een aardbeving begint ergens diep in de aardkorst. 
Dat diepste punt heet het hypocentrum. Het punt aan het aardoppervlak daar loodrecht boven heet het epicentrum. Daar voel je de zwaarste schokken.

Slide 20 - Tekstslide

Hypocentrum
Epicentrum

Slide 21 - Sleepvraag

4. Je weet hoe de schaal van Richter werkt.
Wetenschappers die aardbevingen bestuderen, heten seismologen. Zij meten de trillingen van de aardkorst met een seismograaf. De Amerikaanse seismoloog Richter is bekend geworden, omdat hij een schaal heeft bedacht voor de kracht van een aardbeving. 

Slide 22 - Tekstslide

Seismograaf
Konden we de aardbeving van de zware aardbeving in Japan in Nederland meten? 

11 mrt 2011
27 feb 2010
26 dec 2004

Slide 23 - Tekstslide

Seismoloog = Wetenschapper die zich bezighoudt met het bestuderen van aardbevingen.

Slide 24 - Tekstslide

Hoeveel keer zwaarder is een aardbeving van 4 op de schaal van Richter dan eentje van 2?
A
2 keer zwaarder
B
20 keer zwaarder
C
100 keer zwaarder
D
9999999 keer zwaarder

Slide 25 - Quizvraag

4. Je weet hoe de schaal van Richter werkt.
Bij de allerlichtste trilling staat op de schaal van Richter het getal 0. Als de trilling tien keer zo zwaar is, krijgt deze het getal 1 en als hij wéér tien keer zo zwaar is, het getal 2. Dat gaat op die manier door. Dus bij elk cijfer hoger op de schaal is de beving tien keer zo sterk als de vorige.

Slide 26 - Tekstslide

Stappen schaal van Richter

Slide 27 - Tekstslide

4. Je weet hoe de schaal van Richter werkt.
Een aardbeving in Groningen van
3 op de schaal van Richter



Een zware aardbeving in Japan van
9 op de schaal van Richter





hoeveel keer zwaarder?
1.000.000

Slide 28 - Tekstslide

Aan de slag!
Maken in online werkboek H4  §2 opdrachten 1 t/m 2

Extra: Bekijk hier foto's van een voor & na een aardbeving in Italie. (6 op de schaal van Richter)

Slide 29 - Tekstslide