9.4 Ongelijkheden oplossen

§9.4 Ongelijkheden oplossen, blz. 102
WAT IS STATISTIEK?
1 / 24
volgende
Slide 1: Tekstslide
WiskundeMiddelbare schoolvwoLeerjaar 2

In deze les zitten 24 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

§9.4 Ongelijkheden oplossen, blz. 102
WAT IS STATISTIEK?

Slide 1 - Tekstslide

Opbouw les 
  • Huiswerk controle (m §9.3)
  • Terugblik vorige les
  • Uitleg
  • Aan de slag
  • Afsluiten (Rep H9 op 17 nov.)

Slide 2 - Tekstslide

terugblik vorige les

Slide 3 - Tekstslide

Voorkennis
startgetal
hellings-getal
schetsen grafiek
vergelijkingen oplossen
snijpunt van 2 lijnen bepalen

Slide 4 - Tekstslide



Maak aantekeningen dat is aan te raden!








 

Slide 5 - Tekstslide

Slide 6 - Video

Startgetal/hellings-getal van:      k=2a-3

Slide 7 - Tekstslide

9.4 grafieken schetsen bij lineaire formules

Slide 8 - Tekstslide

schets     k=2a-3

Slide 9 - Tekstslide

Wat is het startgetal bij de volgende formule:
y = 4(2x - 3) ?
A
4
B
8
C
-3
D
-12

Slide 10 - Quizvraag

§9.1 Vergelijking oplossen met de Balans methode
  1. vergelijking opschrijven
  2. letters naar links
  3. getallen naar rechts
  4. delen door het getal voor de letter
  5. controleren
  6. antwoord opschrijven

Slide 11 - Tekstslide

Los deze vergelijking op
8x+3x+19=7x+59
A
x=3
B
x=31
C
x=10

Slide 12 - Quizvraag

§9.3 vind de coördinaten van het snijpunt
- stel een vergelijking op
- bereken x     (x=...)
- vul x in één van de formules in om y te vinden      (y=...)
- schrijf de coördinaten op van het snijpunt:    (x,y)

Slide 13 - Tekstslide

Bereken de coördinaten van het snijpunt van de lijnen:
en
y=2x+10
y=5x20
A
(11,30)
B
(30,10)
C
(10,10)
D
(10,30)

Slide 14 - Quizvraag

leerdoelen

Slide 15 - Tekstslide

Groter en Kleiner dan 
> of <

Slide 16 - Tekstslide


De oplossing van de ongelijkheid 

is 
2x+3>x+18
A
x < 5
B
x = 5
C
y = 5
D
x > 5

Slide 17 - Quizvraag

§9.4  Ongelijkheden oplossen
Stappenplan
Maak de vergelijking die bij de ongelijkheid hoort.
2
Los de vergelijking op!
Dit hebben we gehad in paragraaf 9.1
  • Balansmethode 
3
Lees met een grafiek de oplossing van de ongelijkheid af.

Zet een = teken bij de oplossing.

Zet een krul of "g" bij wat klopt en een kruisje of "f".

4
Schrijf de oplossing van de ongelijkheid op!

Let op je notatie!

> groter dan < kleiner dan = is gelijk aan

5
Schrijf de ongelijkheid op.
1

Slide 18 - Tekstslide

Slide 19 - Tekstslide

wat kan je ermee in het dagelijks leven?

Slide 20 - Tekstslide

Slide 21 - Tekstslide

Voor welke t geldt:

lijn A < lijn B

Slide 22 - Tekstslide


Welke ongelijkheid past bij de vraag:      voor welke x ligt de lijn y = 2x + 3 boven     de lijn y = -x + 18?
A
2x+3>x+18
B
2x+3<x+18
C
2x+3= x+18
D
2x+3x+18

Slide 23 - Quizvraag

Aan de slag

Maak §9.4 !
Blz. 102 - 104

Slide 24 - Tekstslide