Thema 3 Mens en Milieu basisstof 3 en 4

Thema 3: Mens en milieu
Basisstof 3 en 4
1 / 26
volgende
Slide 1: Tekstslide
BiologieMiddelbare schoolvmbo bLeerjaar 4

In deze les zitten 26 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Thema 3: Mens en milieu
Basisstof 3 en 4

Slide 1 - Tekstslide

Wat weet je nog van de vorige paragrafen?
Pak je IPad en doe mee!

Slide 2 - Tekstslide

Vorige keer heb je geleerd waarvoor mensen het milieu gebruiken.
Op welke manieren gebruikt de mens het milieu?
A
Voor zuurstof, water, voedsel, energie en grondstoffen
B
Voor recreatie
C
A en B zijn beide onjuist
D
A en B zijn beide juist

Slide 3 - Quizvraag

Waarvan is het toevoegen van stoffen aan het milieu een voorbeeld?
A
Aantasting
B
Toename biodiversiteit
C
Uitputting
D
Vervuiling

Slide 4 - Quizvraag

Waar is sprake van een duurzame voedselproductie?
A
Alleen in de biologische veeteelt
B
Alleen in de bio-industrie
C
Bij geen van beide
D
Zowel in de biologische veeteelt als in de bio-industrie

Slide 5 - Quizvraag

Leerdoelen deze week:
  1. Je kunt uitleggen wat akkerbouw en tuinbouw is
  2. Je kunt de kenmerken van bestrijdingsmiddelen en biologische bestrijding noemen.
  3. Je kunt het verschil uitleggen tussen niet-biologische landbouw en biologische landbouw.
  4. Je kunt de belangrijkste energiebronnen noemen met hun voordelen en nadelen.


Slide 6 - Tekstslide

Basisstof 3: Plantaardig voedsel
  • Plantaardig voedsel komt uit de akkerbouw.
  • Er zijn verschillende vormen van akkerbouw:
  1. monoculturen
  2. tuinbouw
  3. glastuinbouw
  4. Biologische tuinbouw

Slide 7 - Tekstslide

Monocultuur
één soort voedingsgewas op een grote akker
Er kunnen grote machines gebruikt worden
Er wordt veel kunstmest gebruikt

Voordelen: hoge productie, lage prijs

Nadelen: uitputting van de bodem, grotere kans op ziekten en plagen.

Slide 8 - Tekstslide

Tuinbouw 
Tuinbouw = akkerbouw, waarbij kleinere of geen machines gebruikt worden

Er zijn 2 soorten tuinbouw:
1. in open grond (=tuinbouw)
2. in kassen (= glastuinbouw)

Voordelen glastuinbouw: hele jaar door is het gewas te kweken, hoge opbrengst en optimale groei. Temperatuur, water, licht en hoeveelheid voedingsstoffen zijn makkelijk te regelen.

Nadelen glastuinbouw: veel energie nodig, veel afvalstoffen door verbranding aardgas

Slide 9 - Tekstslide

Biologische tuinbouw
Kleinschalige tuinbouw zonder gebruik van kunstmest of chemische bestrijdingsmiddelen

Er wordt aan vruchtwisseling gedaan: elk jaar wordt een ander soort gewas op het stuk grond verbouwd, om ziekten en uitputting van de bodem te voorkomen.

Nadeel: opbrengst is lager

Slide 10 - Tekstslide

Waarvan zie je
hiernaast een voorbeeld?
A
Akkerbouw
B
Biologische tuinbouw
C
Glastuinbouw
D
Tuinbouw

Slide 11 - Quizvraag

Ziekten en plagen in de akkerbouw
Ziekten: Door bacteriën en schimmels

Plaag: veel dieren eten van de gewassen.

Komt beide veel voor in monoculturen omdat:
1. Gewassen dicht op elkaar staan
2.Er voldoende voedsel is dat een diersoort lekker vind

Slide 12 - Tekstslide

Bestrijden van ziekten en plagen
Dit kan op twee manieren:

1. Met chemische bestrijdingsmiddelen 
2. Biologisch

Slide 13 - Tekstslide

Chemische bestrijdingsmiddelen
Ook wel biociden, pesticiden of gewasbeschermingsmiddelen genoemd.

Voordelen:
  • goedkoop
  • effectief
  • werkt snel

Slide 14 - Tekstslide

Chemische bestrijdingsmiddelen
Nadelen:
  • Wordt langzaam afgebroken, blijft daardoor lang in het milieu
  • Er kan resistentie (=ongevoeligheid) ontstaan
  • Bij het gebruik van niet-selectieve middelen kunnen ook nuttige organismen dood gaan.

Slide 15 - Tekstslide

Slide 16 - Video

Worden bij biologische bestrijding biociden gebruikt?
A
Ja
B
Nee

Slide 17 - Quizvraag

Gaat de zin hieronder over een plaag of over een ziekte?

Aardappelrot is een bacterie die aardappels aantast.
A
Plaag
B
Ziekte

Slide 18 - Quizvraag

DDT is een bestrijdingsmiddel dat vroeger gebruikt werd om plagen van verschillende soorten insecten te bestrijden.
Is DDT een selectief of niet-selectief bestrijdingsmiddel?
Leg je antwoord uit.

Slide 19 - Open vraag

Energie
Fossiele brandstoffen Aardgas
                                               Aardolie
                                               Steenkool

Duurzame energie        Zonne energie
                                               Windenergie
                                               Biobrandstoffen

Slide 20 - Tekstslide

Welk van de volgende soorten energie is een duurzame energie
A
Kernenergie
B
Waterkrachtenergie
C
Aardgas

Slide 21 - Quizvraag

Aan de slag
Maak basisstof 3 en 4
Deze moeten aan het einde van het volgende lesuur af zijn.

Slide 22 - Tekstslide

Noem 2 dingen die je vandaag geleerd hebt.

Slide 23 - Open vraag

Schrijf 1 ding op dat je nog lastig vindt.

Slide 24 - Open vraag

Was het nu makkelijker om op te letten tijdens de uitleg, omdat je steeds tussendoor op je Ipad mee moest doen om vragen te beantwoorden?
A
B
C
D

Slide 25 - Quizvraag

Heb je nog tips voor mij?

Slide 26 - Open vraag