Iedere fascist gebruikt propaganda om vijandbeelden aan te wakkeren en het publieke debat te ontwrichten.
Als het mythische verleden de bron is en emotie de brandstof, dan is propaganda de machine waarmee de fascist de massa in beweging krijgt. Het doel is om verdeeldheid te zaaien, door binnen- en buitenlandse ‘vijanden’ verantwoordelijk te houden voor het verval van de natie. Iedere fascist zal daarvoor wijzen naar groepen die relatief kwetsbaar zijn. Het fascisme is als de pestkop die het onpopulaire kind pest, om er zelf beter van te worden.
Om die vijandbeelden te doen beklijven, zal een fascist systematisch en openlijk moeten liegen, redeneerde Adolf Hitler in zijn boek Mein Kampf: ‘Eerst vindt men dat stompzinnig en onbeschaamd, vervolgens verontrustend, maar uiteindelijk gelooft men je.’