veilig op stage hoofdstuk 5

Waar denk je aan bij het woord vallen?
timer
1:00
vallen
1 / 12
volgende
Slide 1: Woordweb
VCAVoortgezet speciaal onderwijsLeerroute 3

In deze les zitten 12 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Waar denk je aan bij het woord vallen?
timer
1:00
vallen

Slide 1 - Woordweb

Hoofdstuk 5 Vallen
In dit hoofdstuk leer je: 
  • De verschillende valgevaren 
  • Valgevaren voorkomen
  • Hoe je een ladder gebruikt
  • Hoe je werkt op hoogte

Slide 2 - Tekstslide

Waar zijn valgevaren?

Slide 3 - Woordweb

Slide 4 - Tekstslide

Maak opdracht 1
Tekst
"Valpreventie": 
Voorkomen dat je valt. 

Slide 5 - Tekstslide

  • Werken op hoogte is werken boven de 2,5 meter.
  • Hoe dieper je valt , hoe zachter je valt.
  • Je kunt van een steiger vallen.
  • Hoe zachter je valt hoe groter de gevolgen
  • waar                                                            
  • niet waar                                                       
  • waar                                                             
  • niet waar 

Slide 6 - Tekstslide

Slide 7 - Tekstslide

Slide 8 - Tekstslide

Slide 9 - Video

Slide 10 - Video

Opdracht 16
Wat hoort er niet bij vallen?
A
uitglijden
B
struikelen
C
zitten
D
afstappen

Slide 11 - Quizvraag

Opdracht 17
Losliggende tegel (struikelen)
Losse ondergrond (uitglijden, verstappen)
Groot hoogte verschil (verstappen, afstappen)

Slide 12 - Sleepvraag