NOVA T4 Basisstof 6

Djano
Gaby
Romy
Chéden
Keano
Aneidy
Sara
Jahvendrix
Anouk
Chabo
Sey
Pavel
Kim
Omar
                              bord
HUISWERK CONTROLE
LEG JE BOEK KLAAR
en je begrippenlijst
r
a
a
m
1 / 36
volgende
Slide 1: Tekstslide
Nask / BiologieMiddelbare schoolvmbo bLeerjaar 2

In deze les zitten 36 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Djano
Gaby
Romy
Chéden
Keano
Aneidy
Sara
Jahvendrix
Anouk
Chabo
Sey
Pavel
Kim
Omar
                              bord
HUISWERK CONTROLE
LEG JE BOEK KLAAR
en je begrippenlijst
r
a
a
m

Slide 1 - Tekstslide

Elektriciteit
1. Batterijen 
2. Spanningsbronnen
3. De stroomkring
4. Schakelingen
5. Vermogen en energie
6. Veiligheid

Slide 2 - Tekstslide

Vandaag
Absentie, zorg dat je spullen op tafel liggen
Vorige les..
Doel van de les
Uitleg 
Opdrachten
Nakijken
Doel van de les en afsluiting

Slide 3 - Tekstslide

Uitleg: Je kunt benoemen dat elektrische apparaten energie verbruiken. 
Het vermogen is de elektrische energie die een apparaat elke seconde verbruikt. 

Het vermogen staat op een typeplaatje van een apparaat. Dit geeft de informatie over het apparaat. 

Eenheid : Watt (W)

Slide 4 - Tekstslide

Je kunt watt en kilowatt naar elkaar omrekenen.

1 Kilo Watt = 1000 Watt

< je mag dus ook zeggen : 
                      2.4 kW

Slide 5 - Tekstslide

4000W = 4 kW
A
Waar
B
Niet waar

Slide 6 - Quizvraag

50W = 0,5 kW
A
Waar
B
Niet waar

Slide 7 - Quizvraag

Je kunt met de standen van de kilowattuurmeter berekenen hoeveel energie je verbruikt.
Meterkast in je huis = energiestand om energieverbruik te meten

kWh = kilowatt uur

Slide 8 - Tekstslide

Je kunt berekenen hoeveel je moet betalen voor elektrische energie.
normale prijs : 
1 kWh = 0.23 cent

Tegenwoordig : 
1 kWh = 0.74 cent

(verschil in) Meterstand x prijs 

Slide 9 - Tekstslide

Wat is de som: Vorig jaar: 62 195 kWh
Dit jaar: 63 865 kWh
Prijs = 1 kWh is 0.23 euro

Slide 10 - Open vraag

Vorig jaar: 62 195 kWh
Dit jaar: 63 865 kWh
Prijs = 1 kWh is 0.23 euro
A
384.10 euro
B
63 865 kWh
C
0.23 cent
D
62 195 kWh

Slide 11 - Quizvraag

Hoe schrijf ik kilowatt in afkorting?
A
kW
B
kWh

Slide 12 - Quizvraag

hoeveel kW is 1400 Watt?
A
140 kW
B
14 kW
C
1.4 kW
D
0.14 kW

Slide 13 - Quizvraag

hoeveel Watt is 3,8 kW?
A
380 Watt
B
3.800 Watt
C
0.038 Watt

Slide 14 - Quizvraag

blz 242 - 247
opdr 1 - 17
Heb je vragen?? Stel ze!

Slide 15 - Tekstslide

Doel van de les
Je kunt...
  • Je kunt beschrijven hoe je de stroomsterkte meet.
  • Je kunt uitleggen wat overbelasting is en wat het gevolg van overbelasting is. 
  • Je kunt uitleggen wat kortsluiting is en wat het gevolg is. 
  • Je kunt uitleggen wat een groep is in een elektrische installatie in een woonhuis. 
  • je kunt uitleggen hoe een smeltveiligheid werkt. 

Slide 16 - Tekstslide

  • Je kunt beschrijven hoe je de stroomsterkte meet.






Stroom kun je meten met een 
- stroommeter
- ampèremeter. 

Je meet de stroom in ampère. 
Afkorting van ampère = A. 

Slide 17 - Tekstslide

Je kunt uitleggen wat overbelasting is en wat het gevolg van overbelasting is. 
overbelasting = stroom wordt warm. Een beetje warm is niet erg, maar als het te warm doordat je te veel apparaten aansluit, wordt de stroom te groot. 

Hierdoor kan brand ontstaan. 

Slide 18 - Tekstslide

Hoe meet je stroom?
A
met een spanningsmeter
B
met een stroommeter

Slide 19 - Quizvraag

Hoe meet je stroom?
A
in Volt
B
in ampère

Slide 20 - Quizvraag

Leg uit wat overbelasting is:

Slide 21 - Open vraag

Wanneer is de hoeveelheid
snoeren niet erg?

Slide 22 - Open vraag

Je kunt uitleggen wat kortsluiting is en wat het gevolg is. 
Kortsluiting: de plus en min koperdraden raken elkaar rechtstreeks. De stroom wordt ineens veel te groot. Er kan brand ontstaan. 
Dit komt door: 
- De isolatie is bijvoorbeeld kapot gegaan. 
- Of de draden zijn losgekomen. 

Slide 23 - Tekstslide

Je kunt uitleggen wat een groep is in een elektrische installatie in een woonhuis. 
In de meterkast heb je groepen. 
Die groepen verdelen de stroom. 
Elke groep is beveiligd tegen te grote stroom
(kortsluiting)

Deze zijn parallel geschakeld. Als er iets gebeurt 
in een groep, dan blijft de rest gewoon branden. 

Slide 24 - Tekstslide

Je kunt uitleggen hoe een smeltveiligheid werkt. 
In elke groep zit een zekering.
Dit is in oude meterkasten vaak een smeltveiligheid. Bij een te grote stroom, smelt dit draadje. De stroomkring wordt onderbroken. Spanning wordt uitgeschakeld. 
Zekering moet vervangen worden
nadat deze gesmolten is. 

Slide 25 - Tekstslide

Je kunt uitleggen hoe een installatie-automaat werkt. 
Installatie-automaat werkt als volgt:
Het is een schakelaar dat reageert op warmte. 
Wordt het te warm (de stroom te groot) dan gaat de schakelaar om. 
De stroomkring wordt onderbroken. 
Zoek het probleem, los het op en je kunt
de schakelaar weer omzetten om de stroomkring
weer te sluiten. 

Slide 26 - Tekstslide

Waardoor kan er brand ontstaan: Als je denkt aan hetgeen wat net besproken is.

Slide 27 - Open vraag

Waarvoor heeft een meterkast groepen?

Slide 28 - Open vraag

Aan de slag!
Lezen blz 248 - 258
Maken : opdracht 1 t/m 9

Klaar? Laten aftekenen

Laatste 5 minuten afsluiten!

Slide 29 - Tekstslide

hoeveel kW is 1700 Watt?
A
170 kW
B
17 kW
C
1.7 kW
D
0.14 kW

Slide 30 - Quizvraag

Hoe meet je stroom?
A
met een spanningsmeter
B
met een stroommeter
C
met een voltmeter

Slide 31 - Quizvraag

Hoe meet je stroom?
A
in Volt
B
in ampère
C
in meter
D
in groepen

Slide 32 - Quizvraag

Leg uit wat kortsluiting is:

Slide 33 - Open vraag

Wanneer is de hoeveelheid
snoeren niet erg?

Slide 34 - Open vraag

Waardoor kan er brand ontstaan: Als je denkt aan hetgeen wat net besproken is.

Slide 35 - Open vraag

Waarom is een meterkast verdeelt in groepen?

Slide 36 - Open vraag