4.1, het skelet

Doelen
Je kent de delen van het lichaam.

Je kunt in een afbeelding van het skelet de botten benoemen.

Je kunt de functies van het skelet noemen.
1 / 15
volgende
Slide 1: Tekstslide
BiologieMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 1

In deze les zitten 15 slides, met tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

Doelen
Je kent de delen van het lichaam.

Je kunt in een afbeelding van het skelet de botten benoemen.

Je kunt de functies van het skelet noemen.

Slide 1 - Tekstslide

Delen van mijn lichaam 
1. Het hoofd

2. De romp

3. De ledematen

Slide 2 - Tekstslide

Uit welke lichaamsdelen bestaan de ledematen ?
....................................................................................................................

Wat betekend "romp"?
....................................................................................................................

Wat betekend "uitwendig"?
....................................................................................................................

Geef het tegengestelde van "uitwendig"
....................................................................................................................

Slide 3 - Tekstslide

Uit welke lichaamsdelen bestaan de ledematen ?
De benen 

Wat betekend "romp"?
Romp of torso. Is het lichaamsdeel zonder hoofd, armen of benen. 

Wat betekend "uitwendig"?
De buitenkant van je lichaam. 

Geef het tegengestelde van "uitwendig"
Inwendig

Slide 4 - Tekstslide

Rangschik de volgende lichaamsdelen. 
Kuit, tanden, wimpers, borsten, schouder, enkel, tong, rimpels, bovenlip, hiel, arm, elleboog, tepels, rug, lippen, wijsvinger, neusgaten, middenvinger, oor, pupil, buik, onderbeen, ringvinger, neus, dij, hand, snijtanden, bekken, borstkas, duim, navel scheenbeen, zitvlak, pols, pink, gebit, wenkbrauwen, onderlip voorhoofd, oog, knie, oorlel, mond, vinger, voet, tenen.

Hoofd
Romp
Ledematen

Slide 5 - Tekstslide

Hoofd
  • tanden
  • wimpers
  • tong
  • rimpels
  • bovenlip
  • lippen
  • neusgaten
  • oor 
  • pupil
  • oor
  • neus
  • snijtanden
  • gebit
  • wenkbrauwen
  • onderlip
  • voorhoofd
  • oog 
  • mond

Slide 6 - Tekstslide

Romp
  • borsten
  • schouder
  • arm
  • elleboog
  • tepels
  • rug
  • wijsvinger
  • middenvinger
  • buik
  • ringvinger
  • hand
  • borstkas
  • duim
  • navel
  • pols
  • pink
  • vinger

Slide 7 - Tekstslide

Ledematen
  • enkel
  • hiel
  • onderbeen
  • dij
  • bekken
  • scheenbeen
  • zitvlak
  • knie
  • voet
  • tenen

Slide 8 - Tekstslide

Slide 9 - Video

Functies skelet
- Stevigheid
- Vorm
- Beweging
- Bescherming

Slide 10 - Tekstslide

Skelet
Op de volgende pagina staat een link. Als je op die link drukt kun je online alle botjes in het skelet benoemen. 

Slide 11 - Tekstslide

Slide 12 - Link

Slide 13 - Video

Functies skelet
Bescherming, stevigheid, vorm geven, beweging mogelijk maken.

Slide 14 - Tekstslide

Aan de slag
LEES 4.1 en MAAK de opdrachten van 4.1 



Slide 15 - Tekstslide