2022_03_07 6.3 (4k)

Programma
Mobieltjes in de mobieltas
Bespreken huiswerk 12 t/m 19 vanaf pagina 175
Uitleg 6.3
Zelfstandig werken
Proefwerk hoofdstuk 5 en 6 op vrijdag 18 maart
1 / 15
volgende
Slide 1: Tekstslide
EconomieMiddelbare schoolvmbo bLeerjaar 4

In deze les zitten 15 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Programma
Mobieltjes in de mobieltas
Bespreken huiswerk 12 t/m 19 vanaf pagina 175
Uitleg 6.3
Zelfstandig werken
Proefwerk hoofdstuk 5 en 6 op vrijdag 18 maart

Slide 1 - Tekstslide

Terugblik les 6.2

Slide 2 - Tekstslide

6.2 Arm zijn is arm blijven?
Oorzaken onderontwikkeling
  • gebrek aan goed onderwijs (technische kennis beperkt en lage arbeidsproductiviteit)
  • slechte infrastructuur (vervoer en communicatie moeilijk)
  • protectiemaatregelen (belemmering export)
  • interne conflicten 
  • schulden door leningen
  • corrupte regering
Vraag 13
Vraag 14

Slide 3 - Tekstslide

6.2 Arm zijn is arm blijven?
Wereldbank
  • Onderdeel van de verenigde naties
  • taak: ontwikkelingslanden helpen met leningen
  • Let op: leningen moeten (met rente) worden terugbetaald
Vraag 16
Vraag 20

Slide 4 - Tekstslide

6.2 Arm zijn is arm blijven?

Slide 5 - Tekstslide

6.3 Hoe kunnen landen zich ontwikkelen?
Deze les:
  • maatregelen om ontwikkelingslanden te helpen

Slide 6 - Tekstslide

6.3 Hoe kunnen landen zich ontwikkelen?
Hulp aan ontwikkelingslanden:
  1. microkrediet 
  2. bevorderen vrijhandel door WTO
  3. grondstofovereenkomsten
  4. ontwikkelingssamenwerking
leningen aan kleine ondernemers die niet kunnen lenen bij een reguliere bank
Handelen zonder handelsbelemmeringen (protectiemaatregelen)
Voor stabiliteit prijzen van bepaalde grondstoffen
Rijke en ontwikkelingslanden werken samen om de welvaart van landen met een economische achterstand te vergroten
  • Structurele hulp (langdurig)
  • Bilaterale hulp (directe hulp van een land aan het andere)
  • Gebonden hulp (financiële hulp met een vast doel)
  • Ongebonden hulp (land mag zelf doel bepalen)
  • Noodhulp (hulp op korte termijn)
'speciale pleitbezorger van de VN-secretaris-generaal voor inclusieve financiering voor ontwikkeling'

Slide 7 - Tekstslide

6.3 Hoe kunnen landen zich ontwikkelen?
Hulp aan ontwikkelingslanden:
  1. microkrediet 
  2. bevorderen vrijhandel door WTO
  3. grondstofovereenkomsten
leningen aan kleine ondernemers die niet kunnen lenen bij een reguliere bank
Handelen zonder handelsbelemmeringen (protectiemaatregelen)
Voor stabiliteit prijzen van bepaalde grondstoffen
Rijke en ontwikkelingslanden werken samen om de welvaart van landen met een economische achterstand te vergroten
'speciale pleitbezorger van de VN-secretaris-generaal voor inclusieve financiering voor ontwikkeling'

Slide 8 - Tekstslide

Welke maatregelen ontwikkelingslanden vooruit helpen?
1) Microkredieten zijn kleine leningen (tot maximaal enkele honderden euro's) die voornamelijk worden toegekend aan kleine ondernemers in ontwikkelingslanden die daar, door een gebrek aan onderpand, een vast maandinkomen, niet kunnen lenen bij traditionele banken. Ze worden vaak verstrekt door de Wereldbank en het IMF.

Slide 9 - Tekstslide

Welke maatregelen ontwikkelingslanden vooruit helpen?
2) Het WTO probeert de vrijhandel op de wereld te bevorderen. 
Door protectiemaatregelen van rijke landen kunnen ontwikkelingslanden moeilijk exporten.
Afschaffen van protectiemaatregelen, zou gunstig kunnen zijn voor de export van ontwikkelingslanden

Slide 10 - Tekstslide

Welke maatregelen ontwikkelingslanden vooruit helpen?
3) Veel ontwikkelingslanden zijn afhankelijk van landbouwproducten of grondstoffen. Door het afsluiten van grondstofovereenkomsten en het aanleggen van buffervoorraden kunnen ontwikkelingslanden stabielere inkomsten krijgen

Slide 11 - Tekstslide

Zelfstandig werken
Maak opgave 20 t/m 26 vanaf pagina 178
Eerder klaar? Maak opgave 27 en 28


timer
12:00

Slide 12 - Tekstslide

Huiswerk
Maak opgave 27 t/m 31 vanaf pagina 180

Proefwerk hoofdstuk 5 en 6 op vrijdag 18 maart

Slide 13 - Tekstslide

welke soorten hulp zijn er?
1) noodhulp:het sturen van medicijnen, voedsel, tenten bij rampen ( korte termijn)
2) structurele hulp: gericht op oorzaken van armoede aan te pakken. doel: economisch zelfstandig worden (langer termijn)
3) gebonden hulp: het land dat hulp ontvangt verplicht is om goederen en diensten af te nemen in het land dat de hulp biedt.
4) ongebonden hulp: geen voorwaarden

Slide 14 - Tekstslide

welke soorten hulp zijn er?
5) bilaterale hulp: hulp dat rechtstreeks van land tot land wordt verstrekt. 
6) multilaterale hulp: ontwikkelingshulp die via internationale organisaties wordt verstrekt

Slide 15 - Tekstslide