Het bezittelijk voornaamwoord / les déterminants possessifs

Het Bezittelijk
voornaamwoord

Le déterminant possessif
1 / 18
volgende
Slide 1: Woordweb
NT2BasisschoolGroep 7

In deze les zitten 18 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

Het Bezittelijk
voornaamwoord

Le déterminant possessif

Slide 1 - Woordweb

Les déterminants possessifs?
Ca vous dit à qui appartient quelque chose:

Ik heb een boek. Dat boek is van mij. 

Het is mijn boek. 


Slide 2 - Tekstslide

Slide 3 - Video

Slide 4 - Tekstslide

Slide 5 - Tekstslide

Kies het juiste bezittelijk voornaamwoord:

_________ (jouw) mère
A
ton
B
ta
C
son
D
sa

Slide 6 - Quizvraag

Traduit le déterminant possessif en français.


_________ (onze) grands-parents
A
nos
B
notre
C
vos
D
votre

Slide 7 - Quizvraag

Comment on traduit 'zijn'?
A
mon/ma/mes
B
ton/ta/tes
C
son/sa/ses
D
u/uw

Slide 8 - Quizvraag

Comment on traduit le déterminant possessif : 'haar'?
A
son/sa/ses
B
ton/ta/tes
C
mon/ma/mes
D
u/uw

Slide 9 - Quizvraag

Traduit le mot entre parenthèse
C'est (ton) adresse

A
mijn
B
jullie
C
zijn
D
jouw

Slide 10 - Quizvraag

Choisit le bon déterminant possessif.

_________ (leur) appartement
A
jullie
B
hun
C
zijn
D
ons

Slide 11 - Quizvraag

Traduis le déterminant
Dit is het huis van Sophie.
Dit is ......... huis.


A
zijn
B
mijn
C
haar
D
uw

Slide 12 - Quizvraag

Traduit le déterminant
Lucas heeft 2 broers.
Dat zijn .......... broers
A
zijn
B
mijn
C
jouw
D
jullie

Slide 13 - Quizvraag

Quel est le bon déterminant?
Dit is de neef van Julie en Gaston.
Het is ................ neef
A
jullie
B
onze
C
haar
D
hun

Slide 14 - Quizvraag

Traduit le déterminant possessif.

Dit is de juf Nederlands. Dit is ............ juf.


A
ons
B
onze
C
zijn
D
jullie

Slide 15 - Quizvraag

Traduit le déterminant possessif.

C'est votre maîtresse.
Il y a 2 bonnes réponses
A
uw
B
jullie
C
jouw
D
hun

Slide 16 - Quizvraag

Dit is het nichtje van Louis.
Dit is .......... nichtje.
A
zijn
B
haar
C
jullie
D
onze

Slide 17 - Quizvraag

Laatste vraag:
Jullie hebben een boek.
Het is.................. boek


A
hun
B
jouw
C
jullie
D
haar

Slide 18 - Quizvraag