GL Hoofdstuk 4 oefenvragen

Hoofdstuk 4 oefenvragen
1 / 18
volgende
Slide 1: Tekstslide
EconomieMiddelbare schoolvmbo k, g, tLeerjaar 3

In deze les zitten 18 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Hoofdstuk 4 oefenvragen

Slide 1 - Tekstslide

De verzekeraar is
A
De maatschappij die iemand verzekert.
B
De persoon die verzekerd is.
C
Het bedrag dat jij bij schade van een verzekeringsmaatschappij krijgt.
D
Het bedrag dat jij aan een verzekeringsmaatschappij moet betalen.

Slide 2 - Quizvraag

De AVP(aansprakelijkheidsverzekering particulieren) dekt de financiële gevolgen van
A
de diefstal van jouw fiets.
B
schade die derden jou toebrengen.
C
schade die je toebrengt aan derden.
D
slijtage aan jouw fiets.

Slide 3 - Quizvraag

Bij de AVP is de aansprakelijkheid van jongeren afhankelijk van hun leeftijd. Wie is aansprakelijk voor een jongere met de leeftijd van 13 jaar?
A
Ouders
B
Ouders, tenzij zij het echt niet konden verhinderen
C
Jijzelf

Slide 4 - Quizvraag

Bij de AVP is de aansprakelijkheid van jongeren afhankelijk van hun leeftijd. Wie is aansprakelijk voor een jongere met de leeftijd van 15 jaar?
A
Ouders
B
Ouders, tenzij zij het echt niet konden verhinderen
C
Jijzelf

Slide 5 - Quizvraag

Bij de AVP is de aansprakelijkheid van jongeren afhankelijk van hun leeftijd. Wie is aansprakelijk voor een jongere met de leeftijd van 16 jaar?
A
Ouders
B
Ouders, tenzij zij het echt niet konden verhinderen
C
Jijzelf

Slide 6 - Quizvraag

AVP
Aansprakelijkheidsverzekering voor particulieren (AVP):

Particulieren??
  • Vergoedt schade die je zonder opzet aan iemand anders toebrengt (materieel en/of immaterieel)
  • Vanaf 16 jaar ben je zelf aansprakelijk!

Slide 7 - Tekstslide

Verzekeringskosten berekenen: De assurantiebelasting wordt berekend over
A
de premie
B
de poliskosten
C
premie + poliskosten
D
premie + poliskosten + verzekeringskosten

Slide 8 - Quizvraag

Kosten verzekering
De totale verzekeringskosten bestaan uit: 
  • premie
  • poliskosten 
  • assurantiebelasting

Verzekeringskosten = (premie+poliskosten) + assurantiebelasting

Slide 9 - Tekstslide

Assurantiebelasting en verzekeringskosten
  • Assurantiebelasting is de belasting die de verzekerde tegelijk met de verzekeringspremie betaalt.
  • Verzekeringskosten zijn (premie + poliskosten) + ass. belasting

Slide 10 - Tekstslide

Welke van de volgende autoverzekeringen is verplicht?
A
Cascoverzekering
B
WA -verzekering
C
Casco- en WA-verzekering
D
All risk verzekering

Slide 11 - Quizvraag

Een annuleringsverzekering
A
dekt de schade aan bagage door diefstal tijdens een vakantie.
B
is verplicht als je op vakantie gaat.
C
vergoedt de kosten van een vakantie die onverwacht niet doorgaat.
D
sluit je af wanneer je op je vakantiebestemming bent aangekomen.

Slide 12 - Quizvraag

Met een inboedelverzekering ben je verzekerd voor schade aan je huis.
A
Juist
B
Onjuist

Slide 13 - Quizvraag

Een inboedelverzekering is hetzelfde als een woonhuisverzekering.
A
Juist
B
Onjuist

Slide 14 - Quizvraag

De opstalverzekering gaat uit van de nieuwwaarde van de spullen in je huis.
A
Juist
B
Onjuist

Slide 15 - Quizvraag

Tegen de schade van inbraak kun je een inboedelverzekering afsluiten.
A
Juist
B
Onjuist

Slide 16 - Quizvraag

Voor zijn huis neemt Piet in 2013 een geïndexeerde verzekering voor € 325.000. Het jaar 2013 is het basisjaar. 8 jaar later is het indexcijfer voor woonhuizen gestegen naar 125.
Bereken het nieuwe verzekerde bedrag.

A
€400.952
B
€415.500
C
426.123
D
€406.250

Slide 17 - Quizvraag

Feedback
😒🙁😐🙂😃

Slide 18 - Poll