Much many a lot of a few a little

Much, many & a lot of, (a) few, (a) little
1 / 24
volgende
Slide 1: Tekstslide
EngelsMiddelbare schoolmavoLeerjaar 2

In deze les zitten 24 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Much, many & a lot of, (a) few, (a) little

Slide 1 - Tekstslide

Aan het einde van de les kan je
  • Vertellen wat much, many & a lot of betekenen in het NL.

  • Het verschil in gebruik tussen much, many & a lot of uitleggen en toepassen.

Slide 2 - Tekstslide

Betekenis
  • Much, many & a lot of betekenen allemaal veel in het Nederlands.


  • Je gebruikt ze alleen niet allemaal hetzelfde. Kijk naar de volgende voorbeelden en probeer het verschil tussen much & many te raden!

Slide 3 - Tekstslide

Voorbeelden
  1. many friends
  2. much water
  3. many chairs
  4. much time
  5. many superheroes
  6. much water 

Slide 4 - Tekstslide

Uitleg much & many
  • Je gebruikt much als het woord dat erna komt enkelvoud en ontelbaar is.

Do you have much work? 
We haven't got much money.

Kan je het woord water tellen?

Slide 5 - Tekstslide

Uitleg much & many
  • Je gebruikt many als het woord dat erna komt meervoud en telbaar is.

He hasn't got many friends.
Do we have many videogames?

Tip: Je kunt meervoud herkennen aan de letter -s achter een woord.

Slide 6 - Tekstslide

Welk woord hoort waarbij? Sleep het woord naar het juiste witte vlak.
MANY
MUCH
pocketmoney
tables
witches
buses
fun
light
fans

Slide 7 - Sleepvraag

A lot of
  • A lot of betekent veel, net als bij many & much.

  • A lot of gebruik je bij bevestigende (+) zinnen.

  • Much/ many gebruik je bij vragende (?)/ ontkennende (-) zinnen. 

Slide 8 - Tekstslide

Voorbeelden
  • I have a lot of friends. (+)
  • She has not got many friends. (-)
  • Do we have much homework? (?)
  • The school has a lot of pupils. (+)
  • Our village has not got much snow. (-)
  • Does the cat have many kittens? (?)

Slide 9 - Tekstslide

I have got ... problems.
A
many
B
much
C
a lot of

Slide 10 - Quizvraag

The dogs aren't ... fun.
A
many
B
much
C
a lot of

Slide 11 - Quizvraag

How ... milk is left in the fridge?
A
many
B
much
C
a lot of

Slide 12 - Quizvraag

Are there ... ghosts in that creepy building?
A
many
B
much
C
a lot of

Slide 13 - Quizvraag

They haven't got ... paint left in the store
A
many
B
much
C
a lot of

Slide 14 - Quizvraag

My brother has ... problems with my dad.
A
many
B
much
C
a lot of

Slide 15 - Quizvraag

Samenvatting
'Much', 'many' & 'a lot of' betekenen allemaal 'veel'.
Enkelvoud / ontelbaar
Meervoud / telbaar
Bevestigende zinnen
We have a lot of money.
They have a lot of friends.
Ontkennende zinnen
We don't have much money.
They don't have many friends.
Vragende zinnen
Do we have much money?
Do they have many friends?

Slide 16 - Tekstslide

But there is more...
Naast much, many & a lot of,
kun je ook zinnen maken met (a) few of (a) little. 
Er zit verschil tussen few/a few & little/a little. 

Few & little betekenen weinig
A few betekent een paar
a little betekent een beetje

Slide 17 - Tekstslide

few/little
Few & a few gebruik je in bevestigende- en vraagzinnen. Deze zijn telbaar.

Little & a little gebruik je in bevestigende- en vraagzinnen. Deze zijn ontelbaar. 

In je boek op blz 67 heb je een mooi overzicht. 

Slide 18 - Tekstslide

Let's get an ice cream. I have ______ money.
A
little
B
few
C
a little
D
a few

Slide 19 - Quizvraag

I'm sorry. I can't pay for your lunch. I have _______ money.
A
little
B
few
C
a little
D
a few

Slide 20 - Quizvraag

Not many children like vegetables. For example, _______ children eat squash.
A
little
B
few
C
a little
D
a few

Slide 21 - Quizvraag

Joe is always angry. That's why he has ______ friends.
A
little
B
few
C
a little
D
a few

Slide 22 - Quizvraag

The party was fun. There were ______ people I knew there.
A
little
B
few
C
a little
D
a few

Slide 23 - Quizvraag

Do you know how to use a lot of, many, much, few, a few, little, a little?
😒🙁😐🙂😃

Slide 24 - Poll