Op de volgende dia's lezen de leerlingen een zin. De leerlingen maken een tekening bij de zin.
mijn auto is blauw.
Slide 16 - Tekstslide
De leerlingen maken een tekening bij de zin. Is een leerling snel klaar? Laat hem dan de zin erbij schrijven.
paul is blij.
Slide 17 - Tekstslide
De leerlingen maken een tekening bij de zin. Is een leerling snel klaar? Laat hem dan de zin erbij schrijven.
jij krijgt een tien.
ik ben zout.
ik ben een pauw.
Slide 18 - Sleepvraag
Deze slide heeft geen instructies
gauw
Slide 19 - Open vraag
De leerlingen leren ook om de letters op het toetsenbord te vinden. Het lastige is hierbij dat op het toetsenbord de hoofdletters zijn afgebeeld. Je kan de letters afplakken en alleen de aangeleerde letters in klein blokschrift erop plakken. Je kan hier ook gebruik maken van oplegmatjes die gebruikt worden voor het aanleren van blindtypen.
6 7 8
Slide 20 - Tekstslide
Bekijk de werkbladen 6, 7 en 8 van kern 6. De leerlingen maken deze zelfstandig. Loop rond en help waar nodig is.
De leerlingen leren ook om de letters op het toetsenbord te vinden. Het lastige is hierbij dat op het toetsenbord de hoofdletters zijn afgebeeld. Je kan de letters afplakken en alleen de aangeleerde letters in klein blokschrift erop plakken. Je kan hier ook gebruik maken van oplegmatjes die gebruikt worden voor het aanleren van blindtypen.
Slide 32 - Tekstslide
We gaan dobbelsteenlezen.
Print voor elke leerling een kaart uit [zie bijlage].
De leerling rolt de dobbelsteen en leest het rijtje onder het gegooide ogental.
De bovenste letter wordt weggestreept. Gooit de leerling weer dat zelfde aantal ogen, dan leest hij de overige letters. Daarna streept hij weer de bovenste letter weg.