EHBO les 3 - VES 2025

EHBO
Introductie in de EHBO
Les 3
50 min
VES 2025
1 / 31
volgende
Slide 1: Tekstslide
BiologieMiddelbare schoolhavoLeerjaar 3

In deze les zitten 31 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 3 videos.

time-iconLesduur is: 50 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

EHBO
Introductie in de EHBO
Les 3
50 min
VES 2025

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Onderwerpen


  • herhaling les 2
  • reanimatie en AED
  • interactieve film







Tip:
Download de EHBO-app van het rode kruis

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Les 3: theorie en praktijk 
  • Herhaling les 2 (bewusteloosheid met geen normale ademhaling, ademhalingscontrole, stabiele zijligging, verslikking)
  • Reanimatie
  • Life-saver: interactieve film (Engelstalig)

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is een mogelijke oorzaak van bewustloosheid zonder ademhaling?
A
Slaaptekort en uitputting
B
Hyperventilatie door stress of paniek
C
Een ernstige allergische reactie (anafylaxie) met luchtwegobstructie.
D
Flauwvallen door lage bloeddruk.

Slide 4 - Quizvraag

Wat is een mogelijke oorzaak van bewusteloosheid zonder ademhaling?

Correct antwoord: B – Een ernstige allergische reactie kan leiden tot een afgesloten luchtweg, waardoor ademhaling stopt en bewusteloosheid optreedt.
Wat moet je doen als iemand bewusteloos is en niet meer ademt?
A
Direct 112 bellen en beginnen met reanimeren: 30 borstcompressies en 2 beademingen.
B
Water in het gezicht gooien en de persoon stevig schudden om te wekken
C
Alleen een AED halen en wachten tot hulpdiensten arriveren.
D
Slachtoffer in stabiele zijligging leggen en wachten op hulp

Slide 5 - Quizvraag

Wat moet je doen als iemand bewusteloos is en niet meer ademt?

A) Slachtoffer in stabiele zijligging leggen en wachten op hulp.
B) Direct 112 bellen en beginnen met reanimeren: 30 borstcompressies en 2 beademingen.
C) Water in het gezicht gooien en de persoon stevig schudden om te wekken.
D) Alleen een AED halen en wachten tot hulpdiensten arriveren.

Correct antwoord: B – Bij een bewusteloos slachtoffer zonder ademhaling moet je direct 112 bellen en starten met reanimatie: 30 borstcompressies afwisselen met 2 beademingen.
Wat is de juiste volgorde bij het toepassen van de kinlift en het controleren van de ademhaling?
A
Plaats twee vingers onder de kin, duw het hoofd achterover, leg een hand op de borst en controleer de pols.
B
Knijp de neus dicht, kantel het hoofd achterover, blaas twee keer lucht in en luister dan naar ademhaling.
C
Kantel het hoofd voorzichtig achterover met één hand op het voorhoofd en twee vingers onder de kin, kijk, luister en voel
D
Leg één hand op het voorhoofd, til de kin op met twee vingers, kijk naar de borstkas, luister en voel maximaal 10 seconden.

Slide 6 - Quizvraag

Wat is de juiste volgorde bij het toepassen van de kinlift en het controleren van de ademhaling?
Correct antwoord: D – Dit is de juiste techniek volgens de EHBO-richtlijnen van het Oranje Kruis.
Wat moet je doen bij een ernstige verslikking?
A
Vijf slagen tussen de schouderbladen geven, gevolgd door vijf buikstoten als het object niet loskomt; als dit niet lukt ook 112 bellen
B
Het slachtoffer direct plat op de grond leggen en 112 bellen.
C
Het slachtoffer iets te drinken geven om het vastzittende voorwerp weg te spoelen.
D
Het slachtoffer laten hoesten en pas ingrijpen als dit niet werkt.

Slide 7 - Quizvraag

Wat moet je doen bij een ernstige verslikking (verstikking)?
Correct antwoord: A– Bij een ernstige verslikking die leidt tot verstikking, geef je eerst vijf slagen tussen de schouderbladen. Werkt dit niet, dan pas je vijf buikstoten (Heimlich-manoeuvre) toe en herhaal je dit tot de luchtweg vrij is of totdat het slachtoffer bewusteloos raakt.
Wat is reanimeren?

Slide 8 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Slide 9 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Reanimeren
Reanimeren is het kunstmatig overnemen van de ademhaling en de bloedsomloop wanneer er sprake is van een circulatiestilstand (stilstand van de bloedsomloop). Reanimeren bestaat uit het geven van beademing en borstcompressie (hartmassage) en evt het gebruik van een AED. 

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Mag iedereen reanimeren?
A
nee, alleen een gediplomeerd persoon
B
ja

Slide 11 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Hoe reanimeer je?
  • 30 
  • 2 beademingen
  • Eventueel gebruik van AED

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat doe je als een slachtoffer op een gevaarlijke plek is om te reanimeren?
A
doorgaan met reanimeren
B
slachtoffer naar een veiligere plek brengen
C
je houdt afstand en wacht op de ambulance
D
je vraagt iemand anders

Slide 13 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Hoeveel keer beadem je snel achter elkaar tijdens het reanimeren?
A
2
B
3
C
4
D
5

Slide 14 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Hoeveel borstcompressies moet je geven bij het reanimeren?
A
10
B
20
C
30
D
40

Slide 15 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Hoeveel sec. mag er max zitten tussen de borstcompressies - beademingen?
A
10 sec
B
20 sec
C
30 sec
D
40 sec

Slide 16 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat betekent AED?
A
Automatische Elektrische Defibrillator
B
Automatische Externe Defibrillator

Slide 17 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Hoe diep moet je de borstkas indrukken tijdens borstcompressies?
A
2-3 cm
B
3-4 cm
C
4-5 cm
D
5-6 cm

Slide 18 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wanneer is de overlevingskans het grootst wanneer iemand binnen ... minuten start met reanimatie?
A
6 min
B
10 min
C
8 min
D
12 min

Slide 19 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 20 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Wanneer stop je met reanimeren?

Slide 21 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Je stopt met reanimeren wanneer:
  • Een professionele hulpverlener zegt dat je mag stoppen.
  • Het slachtoffer bij bewustzijn komt, beweegt, zijn ogen opent en normaal begint te ademen.
  • Je uitgeput bent.

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 23 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Niet beademen
Bij een slachtoffer met bloedingen in en rond de mond is het niet mogelijk om te beademen.

            Alleen borstcompressies geven, 100 tot 120 x per minuut

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wist je dat?
  • er per dag 43 mensen een hartstilstand krijgen
  • als je binnen 6 min start met reanimatie stijgt de   overlevingskans enorm
  • 7000 tot 8000 slachtoffers worden per jaar gereanimeerd
  • je burgerhulpverlener kunt worden als je kunt reanimeren
  • de ambulance er gemiddeld 12 min over doet
  • na geslaagde reanimaties herstelt 90% volledig

Slide 25 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 26 - Link

Deze slide heeft geen instructies

Reanimeren-film en spel (15 min)
Groep 1: 
gaat in groepjes van 2 de interactieve film bekijken en speelt minimaal 1 spel (domino/memory)

Groep 2: 
gaat met begeleider leren reanimeren 

Slide 27 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Groep 1 (begint met film, daarna 1 vd spelletjes)




Groep 2 (begint met reanimeren)


Slide 28 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Casus
Door een te hoge snelheid vliegt voor je een auto uit de bocht op een doorgaande weg met veel autoverkeer. Dit gebeurt vlak bij een school. Je ziet het ook omdat je op het schoolplein staat.
Door de klap vliegt de deur van de auto open. De bestuurder rolt uit de auto op straat. In de auto zaten verder geen andere inzittenden.
Alle leerlingen op het schoolplein rennen naar het ongeluk. 
Ze staan erbij en kijken ernaar.

Slide 29 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat doe jij?
A
Ik ga kijken en beoordeel dan of ik 112 moet bellen
B
Ik waarschuw het BHV team op school en ga kijken
C
Ik bel meteen 112 en ga kijken of ik ehbo kan verlenen
D
Ik bevries waarschijnlijk

Slide 30 - Quizvraag

Pas op, de airbags kunnen altijd later nog bij een auto open gaan! Dit gebeurt niet altijd meteen tijdens het ongeluk.
Er is een ongeluk gebeurd. De airbags zijn niet open gegaan. Wat is goed?
A
Pas op, de airbags kunnen nog open gaan!
B
De airbags kunnen nu niet meer open gaan.

Slide 31 - Quizvraag

Pas op, de airbags kunnen altijd later nog bij een auto open gaan! Dit gebeurt niet altijd meteen tijdens het ongeluk.