Trümmerliteratur - Nachts schlafen die Ratten doch

Trümmerliteratur
1 / 28
volgende
Slide 1: Tekstslide
DuitsMiddelbare schoolhavoLeerjaar 5

In deze les zitten 28 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Trümmerliteratur

Slide 1 - Tekstslide

Wat weet je nog over de theorie van Trümmerliteratur? (Weet je niets, noteer dan ook niets.)

Slide 2 - Open vraag

Waar komt de naam Trümmerliteratur vandaan?

Slide 3 - Open vraag

Wat betekent de term 'Stunde-Null'?
A
tijdstip 12 uur 's nachts
B
De periode na WO2 waarin Duitsland helemaal opnieuw opgebouwd moest worden.
C
Een periode waarin schrijvers niets kritisch over de Duitse regering mochten schrijven.
D
De verdeling van Duitsland na WO2.

Slide 4 - Quizvraag

Merkmale Kurzgeschichte
Een Kurzgeschichte is een kort verhaal. Het begint meestal midden in de handeling en stelt één personage en één gebeurtenis centraal, die licht werpt op het karakter of het leven van die figuur. Er is vaak een verrassend keerpunt of einde.


Slide 5 - Tekstslide

Merkmale Kurzgeschichte
Die Kurzgeschichten (der Nachkriegszeit) zeichnen sich durch verschiedene stilistische Merkmale aus. Sie sind selten länger als eine oder eineinhalb Seiten.
  • Straffe Handlung und Aufbau
  • erzählt in kurzen knappen Sätzen
  • offenes Ende, zur eigenen Interpretation und eigenem Denken auffordern 

Slide 6 - Tekstslide

Slide 7 - Video

Inhalt:
Wat doet de jongen alleen bij het kapotte huis?
A
Hij speelt daar
B
Hij moet daar op zijn vader wachten
C
Hij moet letten op het ongedierte
D
Hij wacht daar op zijn broertje

Slide 8 - Quizvraag

Wat is er gebeurd?
A
Zijn huis was vernietigd door een bom
B
Het huis van zijn oma was vernietigd
C
Zijn ouders zijn dood

Slide 9 - Quizvraag

Waarom moet hij opletten dat er geen ratten rondlopen?
A
Zijn broertje ligt dood onder het puin
B
Zijn zusje ligt onder het puin
C
Zijn ouders liggen onder het puin

Slide 10 - Quizvraag

Waarom wil de jongen in eerste instantie niet met de man meegaan om de konijnen te voeren?
A
Hij vertrouwt geen vreemden
B
Hij houdt niet van konijnen
C
Hij wil de ratten niet missen
D
Dan zullen de ratten zijn broer opeten

Slide 11 - Quizvraag

Waarom zegt de man dat de ratten
's nachts slapen?
A
Zodat de man op de ratten kan letten
B
Zodat het jongetje naar huis gaat om te slapen

Slide 12 - Quizvraag

Welke belofte doet de man aan de jongen?
A
Om hem een zwart konijn te geven
B
Om hem te helpen een konijnenhok te bouwen geven
C
Om hem een grijs konijn te geven

Slide 13 - Quizvraag

Konijnen staan hier symbool voor ...
A
de huisdieren
B
het leven, de hoop
C
ongedierte

Slide 14 - Quizvraag

Wat zijn dit voor ouders die hun 9 jarige kind dagen en nachten lang op straat laten zitten?
Noteer wat er als eerste in je opkomt.

Slide 15 - Woordweb

Wat maakt het in dit geval ook wel weer begrijpelijk?

Slide 16 - Woordweb

Jürgen gedraagt zich niet als een 9-jarig kind. Waarom kan Jürgen niet rekenen en rookt hij? Wat heeft de oorlog hiermee te maken

Slide 17 - Woordweb

Wat voor leugen vertelt de man en waarom?

Slide 18 - Open vraag

Beschrijf waaraan je herkent dat Borchert ook door de oorlog getraumatiseerd is.

Slide 19 - Open vraag

Die blasse Anna

Slide 20 - Tekstslide

Wat symboliseert de kleur van Anna?
A
Vrolijkheid en hoop
B
Chaos en geweld
C
Nostalgie en herinnering
D
Verdriet en desillusie

Slide 21 - Quizvraag

Welke thematiek komt vaak voor in Trümmerliteratur?
A
Avontuur en fantasie
B
Liefde en vriendschap
C
Verlies en heropbouw
D
Romantiek en idealisme

Slide 22 - Quizvraag

Wat vertegenwoordigt de stad in het verhaal?
A
Destructie en verval
B
Rust en vrede
C
Natuur en harmonie
D
Welvaart en groei

Slide 23 - Quizvraag

Wat is een kenmerk van de Kurzgeschichte?
A
Enkele personages
B
Langdurige tijdspanne
C
Complexe plotstructuur
D
Korte verhaallijn

Slide 24 - Quizvraag

Waar zit de pointe in het verhaal Die blasse Anna
A
aan het begin als de hospita in zijn kamer komt
B
als hij vertelt over zijn nazivriendin
C
als hij de kamer van Anna binnenkomt
D
als hij zich realiseert dat hij het meisje op de foto herkent

Slide 25 - Quizvraag

Waaraan kun je zien dat de protagonist tegen de oorlog was?

Slide 26 - Open vraag

Welke kleuren komen voor in de tekst en waar staan ze voor?

Slide 27 - Open vraag

Welke vragen heb jij nog?

Slide 28 - Open vraag