Bijeenkomst 3 Flex VT

PDH2b

Pedagogisch didactisch handelen oude kind

Bijeenkomst 3


Mariël Hidding zij/haar
hidding.m@hsleiden.nl
06-38997231
1 / 25
volgende
Slide 1: Tekstslide
PedagogiekHBOStudiejaar 2

In deze les zitten 25 slides, met interactieve quiz, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 120 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

PDH2b

Pedagogisch didactisch handelen oude kind

Bijeenkomst 3


Mariël Hidding zij/haar
hidding.m@hsleiden.nl
06-38997231

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Inhoud bijeenkomsten
  • Bijeenkomst 1 & 2; kennismaken, LU, groep in beeld brengen, groepsfasen
  • Bijeenkomst 3 & 4; terugblik, SEL & ontwikkelingspsychologie 
  • Bijeenkomst 5; vervalt!
  • Bijeenkomst 6 & 7; terugblik, inleiding op toetsing & didactische onderwijsbehoeften
  • Bijeenkomst 8 & 9; terugblik, formatief evalueren & differentiatie
  • Bijeenkomst 10 & 11; terugblik, SEL-methodes vergelijken & start plan en onderbouwing
  • Bijeenkomst 12 t/m 18; werkcolleges, vragen & feedback
  • Bijeenkomsten bo zijn apart geroosterd op 11/11, 16/11, 10/12, 17/12, 14/01

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Terugblik; wat weet je nog?
voorkennis ophalen

Slide 3 - Tekstslide

Informatie die herkend wordt of kan worden gelinkt aan bestaande kennis wordt doorgelaten en opgenomen in het langetermijngeheugen. Ons brein is dus voortdurend op zoek naar betekenis (wat weten we al) en verbindingen die kunnen worden gelegd.

Activeren van voorkennis zorgt er dus voor dat het werkgeheugen informatie herkent en deze doorsluist naar het langetermijngeheugen, en dat de nieuwe kennis gekoppeld wordt aan bestaande kennis (De Bruyckere, 2017).
timer
0:30

Slide 4 - Tekstslide

  1. Onderwijsbehoeften
  2. sociogram/sociomatrix
  3. Sociaal emotioneel leren (SEL)
  4. groepsfase(n)
  5. Dynamische schooldag
  6. Storming
  7. Observeren
  8. Ik-competentie

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Waar moeten onderwijsbehoeften aan voldoen?
En hoe formuleer je ze?
  • Positief geformuleerd
  • Haalbaar
  • Gericht op actie
  • Concreet maar niet te!

Slide 6 - Tekstslide

Positief geformuleerd
Haalbaar
Gericht op actie
Concreet maar niet te!
Zie leerpad en boek voor aanvulzinnen
Een onderwijsbehoefte bestaat uit twee delen:
  1. Welk doel streef je samen met de leerlingen na?
  2. Wat geven de leerlingen aan nodig te hebben om dit doel te bereiken?



Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 8 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Onderwijsbehoeften groep

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is een goed geformuleerde onderwijsbehoefte mbt. de sociale ontwikkeling?
A
Deze groep heeft behoefte aan ondersteuning bij het herkennen en benoemen van eigen emoties en die van anderen.
B
Deze groep heeft behoefte aan een instructie waarbij de leerkracht gebruik maakt van visuele ondersteuning.
C
Deze groep heeft behoefte aan pictogrammen bij het herkennen en benoemen van eigen emoties en die van anderen.
D
Deze groep heeft behoefte aan minder op elkaar reageren tijdens de samenwerkingsopdrachten.

Slide 10 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Onderwijsbehoeften leerkracht
Wat doe ik al en doe ik dit goed?
Wat doe ik al en gaat nog niet goed?
Wat doe ik nog niet en wil ik ook niet doen?
Wat doe ik nog niet maar wil ik wel gaan doen?

Vanuit antwoorden actiepunt(en) formuleren = jouw ondersteuningsbehoefte(n).

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Onderwijsbehoeften leerkracht
Als leraar wil ik bereiken dat … (doel).
Zelf doe ik al ….
Verder heb ik nodig:
attitude/houding die …
kennis/begrip van …
vaardigheden om …
materialen waarmee …
‘meer handen in de klas’ in de vorm van ...
feedback op …
collega’s, intern begeleider, mentor, zorgcoördinator of leidinggevende die …
observeren hoe collega … lesgeeft aan …
coaching of co-teaching bij …
ouders die …
begeleider die …
etc.











Slide 13 - Tekstslide

Zie leerpad!

Wat doe ik al en doe ik dit goed?
Wat doe ik al en gaat nog niet goed?
Wat doe ik nog niet en wil ik ook niet doen?
Wat doe ik nog niet maar wil ik wel gaan doen?
Vanuit de antwoorden actiepunten formuleren en deze zijn jouw ondersteuningsbehoeften.

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

6-9 jaar
  • helder zelfbeeld (kunnen zichzelf goed beschrijven)
  • besef eigen identiteit
  • conventionele stadium (Kohlberg) (kennen regels)
  • relatie met volwassenen
  • brusjes
  • echte vriendschappen (loyaliteit &n wederzijdse steun)

Slide 15 - Tekstslide

Erikson beschrijft de psychosociale ontwikkeling in crisisfasen. In de basisschoolleeftijd spelen er vooral twee fasen:

Fase 'Initiatief vs. Schuldgevoel' (kleuters): Kleuters willen ontdekken en zelf doen. Een onderwijsbehoefte zoals "heeft ruimte nodig om faalangst te overwinnen door succeservaringen bij vrije taken" link je aan deze fase.

Fase 'Vlijt vs. Minderwaardigheid' (schoolkind, vanaf ca. 6 jaar): Kinderen willen presteren en horen hoe ze het doen ten opzichte van anderen.

Theoretische koppeling: Een onderwijsbehoefte als "heeft behoefte aan procesgerichte feedback in plaats van productgerichte feedback om een gevoel van competentie te ontwikkelen" sluit hier naadloos op aan om te voorkomen dat een kind een minderwaardigheidscomplex ontwikkelt.

4. Motivatie en werkhouding & Deci & Ryan (Zelfbeschikkingstheorie)
Hoewel dit vaak als motivatietheorie wordt gezien, is het diep geworteld in de psychologische ontwikkeling. Kinderen hebben drie psychologische basisbehoeften: Relatie, Competentie en Autonomie.

Onderwijsbehoefte: "Heeft behoefte aan keuzevrijheid in de weektaak" (Autonomie), "heeft behoefte aan taken op eigen niveau om succes te ervaren" (Competentie), of "heeft behoefte aan een sterke band met de leerkracht alvorens tot leren te komen" (Relatie).

Theoretische koppeling: Je koppelt dit direct aan de Zelfbeschikkingstheorie (Self-Determination Theory). Zodra aan deze drie behoeften wordt voldaan, stijgt de intrinsieke motivatie van de leerling.

Handige vuistregel voor je verslag of plannen:
Formuleer het via de 'Omdat-methode'. Bijvoorbeeld: "De leerling heeft behoefte aan concrete telblokjes (onderwijsbehoefte), omdat hij zich volgens Piaget nog in de concreet-operationele fase bevindt en abstracte concepten zonder visuele steun nog niet kan verwerken (theorie)."

Als we specifiek inzoomen op Sociaal-Emotioneel Leren (SEL), kijken we naar hoe kinderen emoties reguleren, relaties opbouwen, empathie tonen en verantwoorde keuzes maken. Binnen het primair onderwijs verschuift dit enorm per leeftijdsfase.De vertaalslag van sociaal-emotionele onderwijsbehoeften naar de ontwikkelingspsychologie kun je heel sterk maken met de volgende drie theoretische fundamenten:
1. Emotieregulatie & De Hechtingstheorie (John Bowlby / Mary Ainsworth)Hoewel de basis van hechting in de babytijd ligt, echoot dit direct door in de klas. Een veilig gehecht kind durft fouten te maken en hulp te vragen. Een onveilig of angstig gehecht kind schiet bij stress sneller in de 'vecht-, vlucht- of bevriesmodus'.Onderwijsbehoefte: "Heeft behoefte aan een voorspelbare structuur, een vaste 'veilige haven' (leerkracht) en emotieregulatie-coaching bij frustratie."Theoretische koppeling: Dit link je aan de Hechtingstheorie. De leerkracht treedt hierbij op als een beveiligde basis (secure base). Het kind heeft co-regulatie nodig (samen rustig worden) voordat het kan overgaan tot zelfregulatie, omdat het emotionele fundament in de hersenen nog in ontwikkeling is.

2. Empathie en Samenspel & Theory of Mind (ToM)Theory of Mind is het psychologische vermogen om te begrijpen dat andere mensen andere gedachten, gevoelens en intenties hebben dan jijzelf. Dit ontwikkelt zich volop tussen de 4 en 7 jaar. Onderwijsbehoefte (met name onderbouw/middenbouw): "Heeft behoefte aan expliciete begeleiding bij het oplossen van conflicten en het verwoorden van de gevoelens van de ander." Theoretische koppeling: Jonge kinderen handelen vaak nog vanuit moreel egocentrisme (Piaget) of een nog onvolledige Theory of Mind. Ze kunnen zich simpelweg nog niet altijd verplaatsen in het verdriet van een klasgenootje. De onderwijsbehoefte is hier het trainen van de ToM door situaties te ondertitelen ("Kijk eens naar zijn gezicht, hoe zou hij zich voelen?").

3. Sociale status en Groepsdruk & De Morele Ontwikkeling (Lawrence Kohlberg)Kohlberg beschrijft hoe ons morele kompas — wat vinden we 'goed' en 'fout' — groeit. In de basisschoolleeftijd maken kinderen de overstap van het Pre-conventionele niveau (gehoorzamen om straf te voorkomen) naar het Conventionele niveau (doen wat de groep/maatschappij van je verwacht). Onderwijsbehoefte (met name bovenbouw): "Heeft behoefte aan begeleiding bij groepsdruk, het leren innemen van een eigen standpunt en het constructief omgaan met sociale uitsluiting."Theoretische koppeling: In de bovenbouw (groep 7/8) wordt de peergroup (leeftijdsgenoten) de belangrijkste graadmeter voor gedrag. Volgens Kohlberg willen leerlingen in deze fase voldoen aan het beeld van de 'goede jongen / het aardige meisje' (sociale acceptatie). 
De onderwijsbehoefte komt voort uit de angst om buiten de groep te vallen, wat directe impact heeft op hun SEL-competenties (zoals sociale bewustwording).Het SEL-model in de praktijk (CASEL)Als je dit in een plan of scriptie schrijft, wordt er in het onderwijs vaak gebruikgemaakt van het CASEL-model voor sociaal-emotioneel leren. Dit model onderscheidt vijf kerncompetenties:
 
Voorbeeldkoppeling:"De leerling heeft behoefte aan een time-out-plek en visuele emotiemeters (onderwijsbehoefte: zelfmanagement), omdat zijn executieve functies op het gebied van impulscontrole (neurowetenschappelijke ontwikkeling) nog onvoldoende gerijpt zijn om sterke frustraties zelfstandig te reguleren."
9-12 jaar
  • omgaan met emoties
  • invloed geweld (via media)
  • groot vermogen zelfreflectie
  • identiteit ontwikkelt via sociale interactie
  • lid van groep belangrijk
  • veranderende relaties volwassenen
  • meer coöperatief spel
  • morele ontwikkeling (verantwoordelijkheidsgevoel)

Slide 16 - Tekstslide

Erikson beschrijft de psychosociale ontwikkeling in crisisfasen. In de basisschoolleeftijd spelen er vooral twee fasen:

Fase 'Initiatief vs. Schuldgevoel' (kleuters): Kleuters willen ontdekken en zelf doen. Een onderwijsbehoefte zoals "heeft ruimte nodig om faalangst te overwinnen door succeservaringen bij vrije taken" link je aan deze fase.

Fase 'Vlijt vs. Minderwaardigheid' (schoolkind, vanaf ca. 6 jaar): Kinderen willen presteren en horen hoe ze het doen ten opzichte van anderen.

Theoretische koppeling: Een onderwijsbehoefte als "heeft behoefte aan procesgerichte feedback in plaats van productgerichte feedback om een gevoel van competentie te ontwikkelen" sluit hier naadloos op aan om te voorkomen dat een kind een minderwaardigheidscomplex ontwikkelt.

4. Motivatie en werkhouding & Deci & Ryan (Zelfbeschikkingstheorie)
Hoewel dit vaak als motivatietheorie wordt gezien, is het diep geworteld in de psychologische ontwikkeling. Kinderen hebben drie psychologische basisbehoeften: Relatie, Competentie en Autonomie.

Onderwijsbehoefte: "Heeft behoefte aan keuzevrijheid in de weektaak" (Autonomie), "heeft behoefte aan taken op eigen niveau om succes te ervaren" (Competentie), of "heeft behoefte aan een sterke band met de leerkracht alvorens tot leren te komen" (Relatie).

Theoretische koppeling: Je koppelt dit direct aan de Zelfbeschikkingstheorie (Self-Determination Theory). Zodra aan deze drie behoeften wordt voldaan, stijgt de intrinsieke motivatie van de leerling.

Handige vuistregel voor je verslag of plannen:
Formuleer het via de 'Omdat-methode'. Bijvoorbeeld: "De leerling heeft behoefte aan concrete telblokjes (onderwijsbehoefte), omdat hij zich volgens Piaget nog in de concreet-operationele fase bevindt en abstracte concepten zonder visuele steun nog niet kan verwerken (theorie)."

Als we specifiek inzoomen op Sociaal-Emotioneel Leren (SEL), kijken we naar hoe kinderen emoties reguleren, relaties opbouwen, empathie tonen en verantwoorde keuzes maken. Binnen het primair onderwijs verschuift dit enorm per leeftijdsfase.De vertaalslag van sociaal-emotionele onderwijsbehoeften naar de ontwikkelingspsychologie kun je heel sterk maken met de volgende drie theoretische fundamenten:
1. Emotieregulatie & De Hechtingstheorie (John Bowlby / Mary Ainsworth)Hoewel de basis van hechting in de babytijd ligt, echoot dit direct door in de klas. Een veilig gehecht kind durft fouten te maken en hulp te vragen. Een onveilig of angstig gehecht kind schiet bij stress sneller in de 'vecht-, vlucht- of bevriesmodus'.Onderwijsbehoefte: "Heeft behoefte aan een voorspelbare structuur, een vaste 'veilige haven' (leerkracht) en emotieregulatie-coaching bij frustratie."Theoretische koppeling: Dit link je aan de Hechtingstheorie. De leerkracht treedt hierbij op als een beveiligde basis (secure base). Het kind heeft co-regulatie nodig (samen rustig worden) voordat het kan overgaan tot zelfregulatie, omdat het emotionele fundament in de hersenen nog in ontwikkeling is.

2. Empathie en Samenspel & Theory of Mind (ToM)Theory of Mind is het psychologische vermogen om te begrijpen dat andere mensen andere gedachten, gevoelens en intenties hebben dan jijzelf. Dit ontwikkelt zich volop tussen de 4 en 7 jaar. Onderwijsbehoefte (met name onderbouw/middenbouw): "Heeft behoefte aan expliciete begeleiding bij het oplossen van conflicten en het verwoorden van de gevoelens van de ander." Theoretische koppeling: Jonge kinderen handelen vaak nog vanuit moreel egocentrisme (Piaget) of een nog onvolledige Theory of Mind. Ze kunnen zich simpelweg nog niet altijd verplaatsen in het verdriet van een klasgenootje. De onderwijsbehoefte is hier het trainen van de ToM door situaties te ondertitelen ("Kijk eens naar zijn gezicht, hoe zou hij zich voelen?").

3. Sociale status en Groepsdruk & De Morele Ontwikkeling (Lawrence Kohlberg)Kohlberg beschrijft hoe ons morele kompas — wat vinden we 'goed' en 'fout' — groeit. In de basisschoolleeftijd maken kinderen de overstap van het Pre-conventionele niveau (gehoorzamen om straf te voorkomen) naar het Conventionele niveau (doen wat de groep/maatschappij van je verwacht). Onderwijsbehoefte (met name bovenbouw): "Heeft behoefte aan begeleiding bij groepsdruk, het leren innemen van een eigen standpunt en het constructief omgaan met sociale uitsluiting."Theoretische koppeling: In de bovenbouw (groep 7/8) wordt de peergroup (leeftijdsgenoten) de belangrijkste graadmeter voor gedrag. Volgens Kohlberg willen leerlingen in deze fase voldoen aan het beeld van de 'goede jongen / het aardige meisje' (sociale acceptatie). 
De onderwijsbehoefte komt voort uit de angst om buiten de groep te vallen, wat directe impact heeft op hun SEL-competenties (zoals sociale bewustwording).Het SEL-model in de praktijk (CASEL)Als je dit in een plan of scriptie schrijft, wordt er in het onderwijs vaak gebruikgemaakt van het CASEL-model voor sociaal-emotioneel leren. Dit model onderscheidt vijf kerncompetenties:
 
Voorbeeldkoppeling:"De leerling heeft behoefte aan een time-out-plek en visuele emotiemeters (onderwijsbehoefte: zelfmanagement), omdat zijn executieve functies op het gebied van impulscontrole (neurowetenschappelijke ontwikkeling) nog onvoldoende gerijpt zijn om sterke frustraties zelfstandig te reguleren."
Vijf kerncompetenties
SEL-Competentie                                                      Wat zie je in de klas?                                                           Gekoppelde Theorie

Zelfbewustzijn                                                 Herkennen van eigen emoties en sterktes         Erikson (Identiteit en competentie)
Zelfmanagement                                            Reguleren van impulsen en stress                         Executieve Functies (Neurowetenschappen)
Sociaal bewustzijn                                         Empathie tonen voor anderen                                  Theory of Mind                      Relatievaardigheden                                     Samenwerken en communiceren                           Vygotsky (Sociaal-constructivisme)
Keuzes maken                                                  Verantwoordelijkheid nemen voor gedrag          Kohlberg (Morele ontwikkeling)

Slide 17 - Tekstslide

Voorbeeldkoppeling:
"De leerling heeft behoefte aan een time-out-plek en visuele emotiemeters (onderwijsbehoefte: zelfmanagement), omdat zijn executieve functies op het gebied van impulscontrole (neurowetenschappelijke ontwikkeling) nog onvoldoende gerijpt zijn om sterke frustraties zelfstandig te reguleren."

Slide 18 - Tekstslide

In welke bouw ga je deze LU uitvoeren? Maak groepjes van 3 of 4 per bouw.
Opdracht
  • In welke groepsfase zit jouw eigen groep?
  • En welke SEL competenties sluiten daar bij aan?
  • Formuleer nu een onderwijsbehoefte voor jouw eigen groep mbt het bevorderen van     verbondenheid en een veilig groepsklimaat en onderbouw met theorie.
  • Formuleer een onderwijsbehoefte voor jezelf.
  • Wat kun jij concreet gaan doen om de groep en jezelf verder te helpen?
  • Onderbouw ook nu weer met theoretische inzichten uit oa. de ontwikkelingspsychologie.

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stappenplan
Maak een stappenplan om in kaart te brengen welke stappen je moet nemen om een analyse op het gebied van sociale relaties van jouw groep te kunnen maken (welke data verzamel je en wat zegt deze data dan en wat hebben zij nodig om hier een stapje verder in te komen? Uiteraard met onderbouwing vanuit literatuur en ontwikkelingspsychologie.

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stappenplan
Stap 1: Analyse van de groep en behoeften
  1. Maak een sociogram: Breng de sociale relaties en de groepsvormingsfase van de groep (7-12 jaar) in kaart. 
  2. Verzamel gegevens: Gebruik observaties, kindvolgsystemen, vragenlijsten, voer korte 1-op-1-gesprekken met leerlingen, etc. om de sociaal-emotionele en cognitieve ontwikkelbehoeften te achterhalen. 
  3. Interpreteer de gegevens: Analyseer wat de groep nodig heeft op het gebied van brede ontwikkeling (cognitief, sociaal-emotioneel, fysiek, etc.) en stem hier je pedagogische insteek op af. 
  4. Onderbouw met passende literatuur (ook vanuit ontwikkelingspsychologie).

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

LET OP!

Bijeenkomst 5 (woensdag 7 oktober) vervalt!

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 25 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies