Hygiëne

Wat verstaan we onder hygiëne?
1 / 36
volgende
Slide 1: Woordweb
VerzorgingMBOStudiejaar 1

In deze les zitten 36 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 4 videos.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Wat verstaan we onder hygiëne?

Slide 1 - Woordweb

Slide 2 - Video

Slide 3 - Video

Hygiëne =
Geheel aan maatregelen en handelingen die gericht zijn op het bestrijden van ziekteverwekkers. Het gaat hierbij vooral om het schoonhouden van lichaam, kleding en omgeving.

Slide 4 - Tekstslide

Wat zijn ziekteverwekkers?

Slide 5 - Open vraag

Leerdoel: Je kunt opnoemen door welke ziekteverwekkers je ziek wordt.
Noem deze ziekteverwekkers

Slide 6 - Open vraag

Wat ben je als je niet (meer)
ziek wordt van een ziekteverwekker?

Slide 7 - Open vraag

Hygiëne richtlijnen volgens LCHV

Slide 8 - Tekstslide

Hygiëne richtlijnen bij het verschonen
  • Plaats de verschoonplaats in de buurt van een kraan met zeep en papieren doekjes,
    maar gescheiden van de voedselbereidingsplek.

  • Verschoon kinderen op een verschoonkussen van glad en afwasbaar materiaal dat met
    water en allesreiniger schoon te maken is.
    Billendoekjes e.d. zijn niet geschikt om het verschoonkussen schoon te maken.

Slide 9 - Tekstslide

Wat zijn de hygiene richtlijnen in de praktijk
1. Altijd korte mouwen of mouwen opgerold (zodat je altijd blote onderarmen hebt)
2. Korte eigen nagels
3. Haren altijd vast of onder een muts
4. Een hoofddoek altijd goed vast zodat contact met patiënt niet kan plaatsvinden
5. nooit eten of drinken in de ruimte waar de patiënt wordt behandeld

Slide 10 - Tekstslide

HACCP

Slide 11 - Tekstslide

HACCP

Slide 12 - Tekstslide

Wat is HACCP?
A
een verzameling van voorschriften waaraan levensmiddelenbedrijven zich moeten houden
B
een code om ervoor te zorgen dat levensmiddelen niet in kwaliteit achteruitgaan
C
een systeem om de veiligheid van voedsel te controleren en te garanderen

Slide 13 - Quizvraag

Voor wie geldt HACCP?
A
Restaurants
B
Alle bedrijven
C
Voor alle voedselverstrekkende bedrijven
D
Winkelbedrijven

Slide 14 - Quizvraag

Handhygiëne

Slide 15 - Tekstslide

3.Handhygiëne 
Strikte en correcte handhygiëne redt levens!!

  1. Handen wassen
  2. Handen ontsmetten
  3. Momenten voor handhygiëne
  4. Handschoenen

Slide 16 - Tekstslide

Wat zijn de gevaren van een slechte handhygiene?
A
Infecties
B
Kruisbesmetting
C
Het verspreiden van ziektes

Slide 17 - Quizvraag

Waarom is handhygiëne belangrijk?
A
Omdat dan alle ziektekiemen gedood worden.
B
Omdat je afweersysteem hierdoor beter werkt.
C
Omdat je handen pas echt schoon zijn als je handalcohol hebt gebruikt.
D
Omdat ziektekiemen dan minder kans krijgen om zich te verspreiden.

Slide 18 - Quizvraag

Hygiëne in een groepsruimte 
  1. Geen goede hygiëne in een groepsruimte kan zorgen voor ziektes.
  2. Zelf schoonmaken en controleren of alle schoonmakers taken goed uitvoert 

Slide 19 - Tekstslide

Welke taken vallen onder jouw schoonmaaktaken denk je?

Slide 20 - Woordweb

Schoonmaaktaken in een ruimte
  • afnemen van tafels
  • vloer afwegen
  • dweilen
  • zorgen voor ventilatie
  • tissues, neussnuiten
  • Speelgoed schoonmaken

Slide 21 - Tekstslide

sanitair
Het sanitair is alles in de badkamer en wc. 

Slide 22 - Tekstslide

Tijdens het schoonmaken van een sanitaire ruimte mag je geen
A
handschoenen dragen
B
nagellak
C
klompen dragen
D
beschermde kleding dragen

Slide 23 - Quizvraag

Naast hygiëne van sanitaire ruimtes moet je ook aandacht hebben voor de persoonlijke hygiëne van de kinderen.

Slide 24 - Tekstslide

Diaree
Diarree ontstaat meestal door een virus dat via de mond in de darmen terechtkomt. 
Klachten: dunne en waterige ontlasting, buikkrampen, koorts en overgeven.
Gaat meestal binnen een paar dagen weer over. 
Diarree bij jonge kinderen gevaarlijk, i.v.m. uitdroging. 
Wanneer de diarree niet vermindert, is het belangrijk om de huisarts in te schakelen. 
Om uitdroging te voorkomen, kan eventueel door het middel ORS. 
Een goede hygiëne is belangrijk om besmetting te beperken.

Slide 25 - Tekstslide

Waar moet je allemaal op letten tijdens diarree?

Slide 26 - Woordweb

Hygiëne bij voeding 

Slide 27 - Tekstslide

Slide 28 - Video

Slide 29 - Video

Wat is kruisbesmetting?
A
Bij kruisbesmetting komen er ziekmakende bacteriën van het ene product op het andere.
B
Bij een kruisbesmetting moet je kruisjes zetten in het besmette voedsel.
C
Een kruisbesmetting bestaat niet.
D
Een kruisbesmetting is het klaarmaken van voedsel dat slecht geworden is met andere ingrediënten.

Slide 30 - Quizvraag

Micro-organismen zorgen voor bederf van voedsel. Hoe kun je dit voorkomen?
A
Hygiënisch werken, en product goed afdekken
B
Niet te veel licht. Donker bewaren.
C
Koelen, niet te lang bewaren buiten de koelkast bewaren
D
Alle antwoorden zijn goed

Slide 31 - Quizvraag

wat betekent fifo?
A
koude producten koel bewaren
B
ingevroren producten niet langer dan 3 maanden bewaren
C
nieuw binnengekomen producten achteraan zetten
D
etenwaren nooit op de grond bewaren

Slide 32 - Quizvraag

TGT: Te Gebruiken Tot
Bederfelijke producten moet je meestal koel bewaren, meestal maximaal 5 dagen
A
Vlees en melk
B
Bruine bonen
C
broccoli
D
margarine

Slide 33 - Quizvraag

Voedselveiligheid
Kruisbesmetting


Slide 34 - Tekstslide

kruisbesmetting 

Slide 35 - Tekstslide

Opdracht 
Lees in je boek: 1.5 Hygiëne/ bladzijde 22 tm 28.

Maak een samenvatting lever het in op teams

Slide 36 - Tekstslide