Werkboek 16: Beslagen & gebak

Werkboek 16: Beslagen & gebak

Taarten, cake en andere lekkere producten

1 / 15
volgende
Slide 1: Slide
newEditorHorecaMiddelbare schoolvmbo bLeerjaar 3

In deze les zitten 15 slides, met interactieve quiz en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Werkboek 16: Beslagen & gebak

Taarten, cake en andere lekkere producten

🧁 Wat is een beslag?


Wanneer je een cake of cupcake bakt, begin je met het maken van een beslag.
Een beslag is een mengsel van grondstoffen dat je goed door elkaar mixt tot een luchtig geheel.


Een beslag bestaat meestal uit:

  • eieren, suiker, bloem.


Soms wordt er ook een vetstof toegevoegd, bijvoorbeeld boter of olie.



🎯 Leerdoelen


Na deze les kun je:

  • uitleggen wat een beslag is;

  • drie soorten beslag noemen;

  • voorbeelden geven van producten die van beslag worden gemaakt;

  • het verschil uitleggen tussen taart en gebak.



Door het mixen komt er lucht in het beslag.


De lucht kan worden vastgehouden door de boter en/ of de eieren.


Tijdens het bakken zet de lucht uit en daardoor wordt het product groter en krijgt het zijn wollige structuur..

👉 Let op: niet ieder beslag is hetzelfde.


Soezenbeslag is bijvoorbeeld anders dan cakebeslag.


Soezenbeslag wordt eerst gekookt en daarna gebakken. Daarom noemen we dit ook wel een kookdeeg. Het wordt niet luchtig geklopt zoals cake- of kapselbeslag.



👨‍🍳 Een banketbakker maakt dagelijks verschillende producten van beslag.


Misschien denk je bij beslag meteen aan cake of cupcakes, maar er kan veel meer van gemaakt worden.

Voorbeelden van producten van beslag zijn:

  • roombotercake, cupcakes, taartbodems

  • soezen, eierkoeken, slagroomgebakjes


De bodem van een taart wordt vaak gemaakt van kapselbeslag. Zonder beslag geen taart!

🎬 Bekijk nu de film over de banketbakker.

Vraag 1

Welke producten zag je in de film die van een mix gemaakt kunnen worden? Noem er twee.

🏭 Werken met mixen

In veel bakkerijen wordt gewerkt met mixen.


Een mix is een halffabricaat van ingrediënten. De fabrikant heeft de bloem, suiker en andere droge ingrediënten al precies afgewogen en gemengd.


De bakker hoeft dan vaak alleen nog water, eieren of boter toe te voegen.

Tapas

Tapas komen oorspronkelijk uit Spanje

Het zijn kleine gerechtjes die je samen deelt


Tapas kunnen warm of koud zijn en worden vaak tegelijk op tafel gezet.

Tapas eten is populair in de horeca, omdat het gezellig is en gasten verschillende smaken kunnen proberen. 


Voorbeelden zijn gehaktballetjes, olijven, aardappeltjes met saus of brood met dips.

De tosti: een populair gerecht

Een gerecht dat veel voorkomt op de kleine kaart is de tosti


De bekendste is de tosti ham/kaas, maar er zijn veel variaties mogelijk. 


Je kunt tosti’s maken met hartige vullingen, zoals kip, salami, tonijn of groenten.----> ander voorbeeld??






Daarnaast zijn er ook zoete tosti’s, bijvoorbeeld met banaan en chocolade of appel en kaneel. ----> Ander voorbeeld?

Tosti’s maak je in een tosti-ijzer, contactgrill of panini-grill.

Bij een tosti serveer je vaak een sausje apart, zoals ketchup, mayonaise of chilisaus. ---->

Hoe krijg je bovenkant krokant?


Tot slot

Als horeca-medewerker heb je een belangrijke rol bij het serveren van hapjes. Door goed te letten op versheid, presentatie en service zorg jij voor tevreden gasten en een gezellige sfeer. ----> Wat is service?

Maak nu alle vragen van:


* Hoofdstuk 1 

* Boekje 19