4.5 De Franse Revolutie

1 / 44
volgende
Slide 1: Tekstslide
GeschiedenisMiddelbare schoolvmbo, mavo, havo, vwoLeerjaar 2

In deze les zitten 44 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 50 min

Introductie

Aan het eind van deze presentatie kun je herkennen en uitleggen hoe de Franse Revolutie verliep na de bestorming van de Bastille.

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Startklaar
  • Op je plek zitten 
  • Telefoon in het Zakkie 
  • Jas over de stoel, oortjes in de tas, tas op de grond
  • Schoolspullen op tafel: Boek, Chromebook, JdW-map, etui 
timer
3:00

Slide 3 - Tekstslide

Bij de start van iedere les verwelkomt de docent de leerlingen bij de ingang van de deur, noemt leerlingen bij naam, maakt oogcontact en besteedt aandacht aan het welbevinden van leerlingen. De docent geeft het goede voorbeeld en spreekt hoge verwachtingen uit voor het verloop van de les door succescriteria op gewenst gedrag, schooltaal en effectief leren te benoemen. De leerlingen zitten startklaar en zijn bijvoorbeeld ingelogd in LessonUp en hebben hun JdW-map op tafel.

Frederik de Grote staat bekend als een Verlicht absolute vorst. Bewijs dit met behulp van de bron.
Terugblik-opdracht

Slide 4 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies



Wat is de boodschap van de tekenaar?
Terugblik-opdracht

Slide 6 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies


Hoe bereik je het volk?




  • Niet iedereen kon lezen, zeker niet in de 3e stand. 
  • Maar spotprenten? Die begreep iedereen!

  • Deze spotprenten werden meestal gemaakt door de bourgeoisie.
Geestelijkheid
De 1e stand
Adel
De 2e stand
De 3e stand
Alle mensen die niet bij de 1e of 2e stand horen.

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Standensamenleving

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Maxime: Succesvol handelaar in Parijs
A
1e stand
B
2e stand
C
3e stand

Slide 9 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Sara de bourbon: Barones van Orange

A
1e stand
B
2e stand
C
3e stand

Slide 10 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Jean-Marc: Monnik in Macon

A
1e stand
B
2e stand
C
3e stand

Slide 11 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

4.5 De Franse Revolutie

Hoe verliep de Franse Revolutie?
Waarom liep de Franse Revolutie uit op de Terreur?

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

      Leerdoelen
  1. Je kent de betekenis van de volgende begrippen: ‘Staten-Generaal’, ‘Nationale Vergadering’, ‘Franse Revolutie’, Girondijnen’, ‘Jacobijnen’ en ‘Terreur’. (R)
  2. Je kan uitleggen waarom Lodewijk XVI voor het eerst in 175 jaar de Staten-Generaal bij elkaar riep. (T1)
  3. Je kan uitleggen waarom de derde stand de Nationale Vergadering oprichtte en wat het doel was van deze vergadering. (T1)
  4. Je kan uitleggen waarom de Bestorming van de Bastille een belangrijk moment van de Franse Revolutie is. (T1)
  5. Je kan uitleggen welke stappen de Nationale Vergadering zette naar een grondwet. (T2)

Slide 13 - Tekstslide

3. Leerdoelgericht werken
De docent geeft het onderwerp, RTTI geformuleerde leerdoelen en de lesopbouw aan. De docent weet de leerdoelen goed te laten aansluiten bij de voorkennis en het (taal)niveau van de leerlingen. Gedurende de les wordt continu een terugkoppeling naar de leerdoelen gemaakt om de mate van beheersing te controleren.

Misoogst
1788


  • Door mislukte oogsten waren de graanprijzen (en dus ook de prijs van brood) enorm gestegen. Er ontstonden zelfs hongersnoden.
  • Ondertussen moest de 3e stand wél veel belasting betalen.

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


Frankrijk gaat failliet
mei 1789


  • Feesten, paleizen, bestuur en oorlogen kosten heel veel geld, maar het geld is op. 
  • Koning Lodewijk XVI wil graag meer geld hebben, en roept daarom (voor het eerst in 175 jaar) de Staten-Generaal bij elkaar. De vergadering van de 3 standen.

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies




  • De 3e stand hoopt dat de koning nu eindelijk eens naar hen zou luisteren: verlaging van de belasting en/of afschaffing van de privileges. 
  • Helaas: er gebeurt erg weinig. Dit komt ook omdat er per stand wordt gestemd. En de koning heeft altijd de adel en de geestelijkheid mee.

  • De leiders van de 3e stand zijn boos en teleurgesteld, en lopen weg...

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


Eed op de kaatsbaan
juni 1789



  • De 3e stand begint zijn eigen vergadering: de Nationale Vergadering.
  • Een deel van de 1e en 2e stand sluit zich hierbij aan.
  • Op een kaatsbaan spreken ze af pas uit elkaar te gaan als er een nieuwe grondwet is.

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


Bestorming van de Bastille
14 juli 1789



  • De koning stuurt het leger naar Parijs om groepen mensen uit elkaar te slaan. 
  • Het Franse volk bestormt Bastille, een gevangenis én buskruit-opslag. 
  • De wapens hadden ze al eerder buitgemaakt.
  • De Franse Revolutie is begonnen...en slaat over op andere delen van het land!

Slide 18 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


'Rien'

'Niets' in het Frans.
Dat was het enige dat Lodewijk XVI 's avonds opschreef in zijn dagboek.

Lodewijk had nog wel aan een adviseur gevraagd of het een 'opstand' was.
Deze gaf aan: "Het is geen opstand, het is een revolutie."
Lodewijk begreep er niets van: "Waarom?"

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Verklaring van de rechten 
van de mens en de burger
augustus 1789 Vrijheid, gelijkheid en broederschap





  • In dit document wordt duidelijk gemaakt dat ieder mens vrij én met gelijke rechten wordt geboren.
  • Deze verklaring is gebruikt als voorbeeld voor Universele Verklaring van de Rechten van de Mens van de Verenigde Naties.

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


Van Versailles naar Parijs...
oktober 1789



  • Het Franse volk eist dat de koning in Parijs gaat wonen, en niet ver weg in Versailles. De menigte was als vrouwen verkleed in de hoop dat er niet op hen werd geschoten. 
  • Met succes: de koninklijke familie verhuisde naar het Tuilerieënpaleis. 

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


De koning is gevlucht!
juni 1791



  • Het is wel duidelijk dat de koning nog maar weinig macht heeft en dat zijn positie in gevaar is.
  • De koninklijke familie besluit te vluchten, maar worden in het noorden van Frankrijk betrapt en teruggebracht naar het Tuilerieënpaleis in Parijs.

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


Een nieuwe grondwet
september 1791



  • In de nieuwe grondwet is er plek voor de koning, al is zijn macht erg klein geworden.
  • Ondertussen zoekt de koning in het geheim steun bij de koningen en keizers van andere landen: "Kom mij helpen!"

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


Bestorming van de Tuilerieën
september 1792



  • De koning en koningin worden gearresteerd en gevangen gezet.
  • Het koningschap wordt afgeschaft: Frankrijk is een republiek

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


Lodewijk wordt onthoofd
januari 1793



  • De revolutionairen ontdekken de geheime briefwisseling tussen Lodewijk en de Oostenrijkse keizer, en oordelen: "Hoogveraad!"
  • De koning wordt ter dood veroordeeld en terechtgesteld in Parijs.
  • In oktober volgt ook de koningin, Marie Antoinette.

Slide 25 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


Lodewijk wordt onthoofd
januari 1793



De Jakobijnen ontdekken de geheime briefwisseling tussen Lodewijk 
en de Oostenrijkse keizer, en oordelen: "Hoogveraad!"
De koning wordt ter dood veroordeeld en terechtgesteld in Parijs.

Slide 26 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies






Marie Antoinette werd door het volk enorm gehaat. 
Dit kwam vooral door haar luxe levensstijl en de 
grote hoeveelheden geld die ze uitgaf aan
haar hofhouding, kleding en sieraden.

Slide 27 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 28 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Zet de zinnen in de juiste volgorde van tijd. Begin met de gebeurtenis die het langst geleden is.
Een groep burgers maakt bekend dat zij zonder de eerste en tweede stand gaan vergaderen.
De Bastille wordt aangevallen: de Franse Revolutie is begonnen.
De derde stand wil dat ook edelen en geestelijken belasting gaan betalen.
De edelen en de geestelijken stemmen tegen en er verandert dus niets.
De koning roept een vergadering van de drie standen bij elkaar.

Slide 29 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies


De Terreur
1793-1794



  • De macht in Frankrijk komt in handen van de radicale Jakobijnen. (Republiek en gelijkheid bereiken met geweld)
  • Tijdens het Schrikbewind worden tienduizenden 'tegenstanders' van de Revolutie opgepakt en terechtgesteld.
  • De leider van de Jakobijnen is Robespierre.

Slide 30 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies





Marat was één van de leiders van De Terreur.
Vanwege een huidziekte bracht hij een groot deel van de dag door in bad. Daar ontving hij ook zijn bezoek. Eén van deze bezoekers, Charlotte Corday, een tegenstandster, stak hem tijdens zo'n bezoek dood: "Het is volbracht; het monster is dood"

Helaas werden als reactie op de moord, duizenden tegenstanders vermoord.

Slide 31 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


Einde aan De Terreur
zomer 1794



  • Er komt steeds meer weerstand tegen Robespierre en in juli 1794 wordt hij, samen met zijn handlangers, gearresteerd en terechtgesteld. Mensen waren bang voor hem en vonden dat hij te veel macht had.

  • De nacht voor zijn onthoofding, doet hij een mislukte zelfmoordpoging.

Slide 32 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


Einde aan De Terreur
zomer 1794



Er komt steeds meer weerstand tegen Robespierre en in juli 1794
wordt hij, samen met zijn handlangers, gearresteerd en terechtgesteld.

De nacht voor zijn onthoofding, doet hij een mislukte zelfmoordpoging.

Slide 33 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Jacobijnen waren radicale republikeinen, gesteund door het Parijse volk, die streefden naar gelijkheid en vermoorden veel mensen met de Guillotine. Girondijnen wilden de monarchie behouden of beperken en waren tegen gewelddadige beslissingen.

Slide 34 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


De Directoire
1795-1799



  • Na De Terreur, en een korte burgeroorlog, willen de Fransen rust.
  • De regering, de Directoire ('Directie'), van 5 directeuren heeft echter vooral te maken met economische tegenslagen en is erg zwak.
  • Eigenlijk hopen veel Fransen dat één man het land gaat redden...

Slide 35 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


Staatsgreep van Napoleon
november 1799



  • Generaal Napoleon Bonaparte heeft de Franse Republiek al eerder gered: in 1795, toen aanhangers van de overleden koning de macht wilden grijpen.
  • Hij is klaar met de zwakke Directoire en zet hen af. 
  • Napoleon benoemt zichzelf tot consul. Net zoals de Romeinen dat ooit deden.

Slide 36 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


Staatsgreep van Napoleon
november 1799



Generaal Napoleon Bonaparte heeft de Franse Republiek al eerder gered: 
in 1795, toen aanhangers van de overleden koning de macht wilden grijpen.
Hij is klaar met de zwakke Directoire en zet hen af. 
Napoleon benoemt zichzelf tot consul. Net zoals de Romeinen dat ooit deden.

Slide 37 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

1804: Napoleon kroont zichzelf tot keizer

Slide 38 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

1815: Napoleon wordt verslagen bij Waterloo

Slide 39 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 40 - Video

Deze slide heeft geen instructies

    Begrippen uit deze les
  • Verklaring van de rechten van de mens en de burger
  • Terreur (Schrikbewind)
  • Jakobijnen
  • guillotine
  • Directoire
  • staatsgreep

Slide 41 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Aan de slag
Wat?
Tijdbalk  maken van de Franse Revolutie.

Hoe?
Ga aan de slag met de volgende bronnen over de Franse Revolutie.
a. Welk jaartal hoort bij de bron?
b. Beantwoord de vraag die bij de bron staat.
c. Noteer de letters in de juiste volgorde op de tijdbalk.

Hoelang?
30 min.



Slide 42 - Tekstslide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Herhaling HFDST. 3
Waarom werd Amsterdam een belangrijke handelstad?
Wat is het verschil tussen de VOC en de WIC?
Hoe werkte de aandelen markt van de VOC?
Waarom was de republiek een vrij en tolerant land?
Wat is de wetenschappelijke revolutie?
Wat is handelsmonopolie

timer
5:00

Slide 43 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Herhaling HFDST. 4
Wat is het verschil tussen absolutisme en de verlichting?
Wat is het Ancien Regime?
Welke drie standen leefden er in Frankrijk?
Waarom is de standensamenleving een oorzaak van de Franse revolutie?
Waarom riep  Lodewijk XVI voor het eerst in 175 jaar de Staten-Generaal bij elkaar?
Hoe eindigde de terreur? 


timer
5:00

Slide 44 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies