Les pedagogiek laatste les

Pedagogiek
23-01-26
1 / 38
volgende
Slide 1: Tekstslide
Pedagogisch werkMBOStudiejaar 4

In deze les zitten 38 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 90 min

Onderdelen in deze les

Pedagogiek
23-01-26

Slide 1 - Tekstslide

Programma
Check - in 
H 4, H5, H6, H7
Aan de slag 

Slide 2 - Tekstslide

Hoe gaat het met je?
😒🙁😐🙂😃

Slide 3 - Poll

Ik ben al gestart met leren!
A
Ja
B
Nee
C
Een beetje

Slide 4 - Quizvraag

Ik heb er vertrouwen in dat ik de toets ga halen.
A
Zeker
B
Nog niet
C
Helemaal niet
D
Welke toets?

Slide 5 - Quizvraag

H 4
Pedagogische vaardigheden voor kindgericht werken

10 vragen in de toets
Waarvan 2 openvragen. 

Slide 6 - Tekstslide

Pedagogische
vaardigheden

Slide 7 - Woordweb

Inleven 
Bewust zijn van de gevoelens en de behoeftes van een ander en hiermee rekening houden. 
Aansluiten  bij de belevingswereld
Hoe het kind de wereld om zich heen beleeft. Leefwereld is de thuissituatie. 
Respect hebben 
Weet wat er speelt in de wereld van het kind en houdt daar rekening mee. 
Open en eerlijk zijn
Kinderen begrijpen niet alles, je kunt ze niet belasten met dingen waar ze nog aan toe zijn.
Aandacht hebben 
Gehoord en gezien, gevoel van geborgenheid en veiligheid, hechtere band

Slide 8 - Tekstslide

Vriendelijkheid 
Geïnteresseerd, geduldig en aardig
Betrokkenheid 
Verbonden zijn met het kind en goed kan afstemmen.
Enthousiasme en inspiratie 
is bepalend voor de sfeer
Band opbouwen 
Wees voorspelbaar en stabiel, doe wat je zegt en zeg wat je doet, wees eerlijk
Ruimte geven om zelfstandig te worden
Je helpt, ondersteund en begeleidt met als doel dat ze jou niet meer nodig hebben.

Slide 9 - Tekstslide

Je bent met een kind aan het spelen in het winkeltje, welke pedagogische vaardigheden zet je in?
A
Inleven en eerlijk zijn
B
Enthousiasme en inspiratie en aansluiten bij de belevingswereld.
C
Respecteren en inleven
D
Afstemmen en respecteren

Slide 10 - Quizvraag

Wat is het verschil tussen de leefwereld en de belevingswereld?

Slide 11 - Open vraag

H 5
Opvoeden: vaardigheden en stijlen

13 vragen
1 open vraag

Slide 12 - Tekstslide

Opvoeden
'Het handelen van een opvoeder ten opzichte van het kind, met als doel het kind te begeleiden in zijn ontwikkeling in de richting van volwassenheid'

Slide 13 - Tekstslide

Welke factoren beïnvloeden de opvoeding?

Slide 14 - Open vraag

Algemene Opvoedvaardigheden
Structureren: Regels, routines, rituelen.
Sturen: leiding en grenzen stellen
Steunen: Liefde positieve aandacht, verzorging. 
Stimuleren: aanmoedigen in het proberen en leren van dingen die de ontwikkeling bevorderen. 
Communiceren: bevorderen van contact tussen ouder/opvoeder en kind. 

Slide 15 - Tekstslide

Specifieke opvoedvaardigheden
Aandacht geven: zelfvertrouwen, goede band.
Belonen: goed voor de ontwikkeling en zelfbeeld van het kind.
Regels stellen: maken duidelijk waar de grenzen liggen.
Ongewenst gedrag negeren: laten weten dat je het gedrag afkeurt. 
Gesprek voeren/uitleggen: inzicht geven in eigen gedrag en om verantwoordelijkheid te nemen.
Straffen: 

Slide 16 - Tekstslide

Wat wordt bedoeld met de opvoedingsvaardigheid ‘stimuleren’?

Slide 17 - Open vraag

Opvoedstijlen
Autoritaire opvoedstijl 
Autoritatieve / democratische opvoedstijl
Laissez-faire opvoedstijl 
Verwaarlozende opvoedstijl

Slide 18 - Tekstslide

Autoritaire opvoedstijl

Slide 19 - Woordweb

Laissez-faire opvoedstijl

Slide 20 - Woordweb

Slide 21 - Video

Sam is een jongen van 9 jaar die in de klas vaak gespannen oogt. Hij volgt regels strikt op en raakt zichtbaar in paniek wanneer hij iets fout doet. Tijdens klassikale opdrachten durft Sam nauwelijks zijn vinger op te steken en kijkt hij regelmatig naar de leerkracht voor bevestiging.
A
Laissez faire
B
Autoritatief
C
Autoritair
D
Verwaarlozend

Slide 22 - Quizvraag

Welke houding hebben laissez faire ouders vaak?
A
Controlerend en veeleisend
B
Lichtelijk afwezig en ongeïnteresseerd
C
Flexibel en open-minded
D
Ondersteunend en begripvol

Slide 23 - Quizvraag

Pedagogische visies

Slide 24 - Woordweb

Wie heeft de 'vrije school' opgericht?
A
Rudolf Steiner
B
Maria montessori
C
Thomas Gordon
D
Celestin Freinet

Slide 25 - Quizvraag

In wiens visie komt de
'ik boodschap' naar voren?
A
Loris Mallaguzzi
B
Celestin Freinet
C
Thomas Gordon
D
Helen Parkhurst

Slide 26 - Quizvraag

“Een kind heeft honderd talen, maar de school en de samenleving stelen er negenennegentig van”
A
Rudolf Steiner
B
Maria montessori
C
Thomas Gordon
D
Loris Malaguzzi

Slide 27 - Quizvraag

De opvoeder schept de voorwaarden die het kind in staat stellen om zelf keuzes te maken. Het kind geeft zelf aan wanneer het ergens rijp voor is.
A
Maria Montessori
B
Loris Malaguzzi
C
Helen Parkhurts
D
Thomas Gordon

Slide 28 - Quizvraag

H6
Interactievaardigheden
8 vragen
waarvan 1 open

Slide 29 - Tekstslide

'Interactie is de wisselwerking tussen personen die op elkaar reageren door middel van communicatie'

Slide 30 - Tekstslide

Interactievaardigheden

Slide 31 - Tekstslide

Interactievaardigheden
Bedenk in tweetallen een s

Slide 32 - Tekstslide

Morele ontwikkeling: het besef van goed en fout.
Geweten: je innerlijke stem die zegt wat goed en fout is en hoe je moet handelen.

Slide 33 - Tekstslide

Sociogram
Door het maken van een sociogram kun je de onderlinge relaties tussen kinderen in beeld brengen en krijg je inzicht in hoe de positie van een kind in de groep.

Slide 34 - Tekstslide

H 7.
9 vragen 
2 open vragen

Slide 35 - Tekstslide

Tuckman

Slide 36 - Tekstslide

Groepsnormen!
Omgangsnormen: onderlinge contact tussen groepsleden.
Taaknormen: regels die helpen om de taak die of het doel dat de groep heeft, zo goed mogelijk uit te voeren

Slide 37 - Tekstslide

Aan de slag!
Sociogram
Leren

Slide 38 - Tekstslide