Lenteschool de regel van 3

Deel 2: de regel van 3


1 / 24
volgende
Slide 1: Slide
newEditorWiskundeSecundair onderwijs

In deze les zitten 24 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Deel 2: de regel van 3


Voorbeeld:

 Hoeveel kosten 3 broden?


Meneer Bart kijkt 2 uur televisie per dag. Hoeveel uur televisie kijkt hij per week?

A

14 uur

B

15 uur

C

16 uur

D

17 uur

Meneer Bart kijkt 14 uur televisie per week.


Isadora eet elke week 21 boterhammen. Hoeveel boterhammen eet zij per dag?

A

1 boterham

B

2 boterhammen

C

3 boterhammen

D

4 boterhammen

Isadora eet elke dag 3 boterhammen.


Meneer Bram fietst 2 km op 10 minuten.

Hoeveel km fietst hij op 1 uur?

A

5km

B

10km

C

12km

D

15km

Meneer Bram fietst 12 km op 1 uur.


Hoeveel gram bloem heb je nodig om 1 pannenkoek te maken

Slide titel

Slide tekst

Voeg hier je vraag toe

A

70

B

10

C

280

D

60

Slide titel

Slide tekst

Akramullah maakt een fietstocht. Hij fietst 125 km op 5 uur tijd. Hoeveel km fietst hij op 3 uur tijd?

A

25km

B

50km

C

75km

D

100km

Akramullah fietst 75 km op 3 uur.


Ik rijd 90 km per uur. Ik rijd 150 km. Hoelang moet ik rijden?

A

90 minuten

B

100 minuten

C

110 minuten

D

120 minuten

We zijn dan 100 minuten onderweg. 


Ik rijd 90 km per uur. Ik rijd 150 km. Hoelang moet ik rijden?

A

1 uur en 30 minuten

B

1 uur en 40 minuten

C

1 uur en 50 minuten

D

2 uur


A

50 km/u

B

70 km/u

C

90 km/u

D

110 km/u

Slide titel

Slide tekst

Deel 3: De regel van drie: omgekeerd evenredig.


Hoeveel gram bloem heb je nodig voor 16 pannenkoeken

Slide titel

Slide tekst

Voeg hier je vraag toe

A

€ 992

B

€ 1067

C

€ 1659

D

€ 1892

Slide titel

Slide tekst