V1: Unidad 2 Les 5 - Repaso bezittelijke vnw

1 / 29
volgende
Slide 1: Tekstslide
SpaansMiddelbare schoolvwoLeerjaar 1

In deze les zitten 29 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 70 min

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Slide 2 - Tekstslide

Startklaar

Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Tekstslide

Lesprogramma
¿Qué vamos a hacer hoy?
A. Bezittelijke vnw
B. Vocabulario
C. PO



Slide 5 - Tekstslide

Lesdoelen
Después de la clase...
  • R: Ken je de bezittelijke voornaamwoorden in het Spaans.
  • T1: Kun je vertellen over jouw bezittingen met behulp van de bezittelijke voornaamwoorden in het Spaans.

Slide 6 - Tekstslide


Welke zijn de bezittelijke vnw in het Spaans?

Slide 7 - Open vraag

Los deberes

Maken: opdracht 6 & 10 blz 50/51

Slide 8 - Tekstslide

Wat is een bezittelijke voornaamwoord?
  • Een bezittelijke voornaamwoord geeft aan van wie iets of iemand is.

  • Mijn, jouw, uw, zijn, haar, ons, onze, jullie, hun

Slide 9 - Tekstslide

Bezittelijke voornaamwoorden/ Pronombres posesivos

Slide 10 - Tekstslide

Bezittelijke voornaamwoorden
enkelvoud
meervoud
mi libro
mis libros
tu  ...
tus   ...
su...
sus...
nuestro amigo
nuestra amiga
nuestros amigos
nuestras amigas

vuestro...
vuestra...
vuestros...
vuestras...
su...
sus...
Bezittelijk voornaamwoorden

Slide 11 - Tekstslide

  • Je kijk naar het zelfstandig naamwoord wat achter het bezittelijk voornaamwoord staat. 
  • Is het zelfstandig naamwoord meervoud, dan is ook het bezittelijk voornaamwoord meervoud.
  • Bij nuestro/-s en vuestro/-s verandert het in nuestra/-s en vuestra/-s als het zelfstandig naamwoord wat erachter komt vrouwelijk is. 

Slide 12 - Tekstslide

Wat is het bezittelijk voornaamwoord voor 'jullie' in het Spaans?
A
su
B
nuestro
C
vuestro
D
mi

Slide 13 - Quizvraag

Wat is het bezittelijk voornaamwoord voor 'onze' in het Spaans?
A
tu
B
su
C
mi
D
nuestro

Slide 14 - Quizvraag

Wat is het bezittelijk voornaamwoord voor 'hun' in het Spaans?
A
su
B
mi
C
nuestro
D
tu

Slide 15 - Quizvraag

Wat is het bezittelijk voornaamwoord voor 'zijn' (enkelvoud) in het Spaans?
A
mi
B
tu
C
su
D
nuestro

Slide 16 - Quizvraag

Kies de juiste vorm van de pronombre posesivo
1. Este es mi/mis libro.
2. Me gustan mucho vuestro/as camas.
3. Estos son nuestros/nuestras telefonos.
4. Ellas son tu/tus amigas.
5. Esta es su/sus bolsa.
6. Estas son su/sus pelotas.

Slide 17 - Tekstslide

¡A trabajar! 
Maken: opdracht 9 blz 50

Slide 18 - Tekstslide

Opdracht 9 www.mijnwoordenboek.nl
a. Este es mi hermano Martín y su mujer Kim.
b. Mis abuelos/ Mi abuelo y mi abuela
c. Mi mejor amiga con sus hermanos y hermanas.
d. Mi amigo Marc con su perro.
e. Mi amiga Sandra con su maestra, Martina.
f. Joris y Meryem con sus hijos Sam y Sofía.

Slide 19 - Tekstslide

Spreekvaardigheid: Mi casa ideal

Slide 20 - Tekstslide

Mi casa ideal
Maak een lijst met de woorden die je gaat gebruiken tijdens je videopresentatie.

Denk aan woordenschat over familie/huis. 
(Maak gebruik van de woorden in de woordenlijst achter in het boek Unidad 3 blz 131)

Slide 21 - Tekstslide

Los deberes

Slide 22 - Tekstslide

Vocabulario:
Unidad 2: Mis gustas

Slide 23 - Tekstslide




Qué: Busca el significado de las 10 palabras.
Dónde: In je JDW-map/ schrift
Herramienta: Woordenlijst Unidad 2 blz. 130



Ben je klaar?
¡A practicar! 
  1. el hombre
  2. novio/a
  3.  la cama
  4. cocinar
  5.  el armario
  6. la silla
  7. la nevera
  8. el videojuego
  9. abuelo/a
  10. hermano/a

Kies 2 woorden en maak 2 zinnen.
Gebruik: mijnwoordenboek.nl 

Slide 24 - Tekstslide

Vocabulario
  1. el hombre - de man
  2. novio/a - het vriendje/vriendinnetje
  3.  la cama - het bed
  4. cocinar - koken
  5.  el armario - de kast
  6. la silla - de stoel
  7. la nevera - de koelkast
  8. el videojuego - het computerspelletje
  9. abuelo/a - de opa/oma
  10. hermano/a - de broer/zus

Slide 25 - Tekstslide

Objetivos de la clase
Después de la clase...
  • R: Ken je de persoonlijke voornaamwoorden in het Spaans.
  • T1: Kun je vertellen over jouw bezittingen met behulp van de bezittelijke voornaamwoorden in het Spaans.

Slide 26 - Tekstslide


Wat heb je van 
deze les geleerd?

Slide 27 - Open vraag


Wat vond je van deze les?
😒🙁😐🙂😃

Slide 28 - Poll

¡Hasta la próxima clase!

Slide 29 - Tekstslide