DV21 - Blok 1 - V&V - Konijn en knaagdier - les 2

DV21 - Blok 1 - V&V
Konijn en knaagdier - les 2
1 / 33
volgende
Slide 1: Tekstslide
DierverzorgingMBOStudiejaar 1

In deze les zitten 33 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 120 min

Onderdelen in deze les

DV21 - Blok 1 - V&V
Konijn en knaagdier - les 2

Slide 1 - Tekstslide

Samenvatting les 1
Een konijn is geen knaagdier
  • Valt onder de orde van de haasachtigen en niet van de knaagdieren
Het verschil tussen konijnen en knaagdieren
  • Konijn heeft 4 snijden waaronder 2 stifttanden, knaagdier 2 snijtanden
Wat domesticatie inhoudt
  • het proces waarbij mensen eigenschappen van dieren en planten veranderen, zodat ze nuttiger zijn voor de mens en gemakkelijker in onze nabijheid kunnen leven
Het verschil tussen nestvlieders en nestblijvers
  • Nestblijvers zijn afhankelijk van hun ouders, kunnen nog niet zien, horen en ruiken zijn vaak kaal, hebben de ogen nog dicht.
  • Nestvlieders kunnen kort nadat ze geboren zijn al meteen staan. Ze hebben al haar en de ogen en oren zijn open.

Slide 2 - Tekstslide

Leerdoelen les 2
De student kent en herkent de raskenmerken van konijnen

Slide 3 - Tekstslide

Ken jij al konijnenrassen?
Zo ja, welke?

Slide 4 - Open vraag

Oorsprong van het konijn
  • Rond de 11de eeuw werden de wilde konijnen gedomesticeerd.
            Domesticatie = het proces waarbij het dier afhankelijk wordt van ons (de mens) het tot huisdier maken
  • Konijnen werden gehouden voor vlees en de vacht
  • In Nederland nu ongeveer 600.000 konijnen als huisdier
  • Konijnen geen knaagdieren maar behoren tot de orde van haasachtigen (Lagomorpha)
  • Groepsdier; leeft in de natuur in konijnenholen. Heeft sociaal contact nodig met soortgenoten.
  • Er is maar 1 soort: het Europese Konijn (Oryctolagus cuniculus)
              Zowel het wilde als tamme konijn behoren tot deze ene soort.

  •  Haasachtigen hebben in de bovenkaak 4 snijtanden
  •  2 grote snijtanden en 2 kleinere stifttanden

Slide 5 - Tekstslide

Verschil wilde konijn en de haas
Blz 136 
Gezelschapsdieren 1

Slide 6 - Tekstslide

Verschil
haas vs konijn

Slide 7 - Woordweb

Kenmerken konijnen

Slide 8 - Tekstslide

Natuurlijk gedrag
  • In het wild leven konijnen in grote groepen - familiegroepen
  •  Vaak met meerdere familiegroepen, dit wordt ook wel een kolonie genoemd
  •  Een konijnenhol bestaat uit een uitgebreid gangenstelsel
  •  Konijnenhol wordt ook wel burcht genoemd.
  •  In hun territorium gaan ze opzoek naar voedsel en worden de jongen verzorgd
  •  Ze zetten dit af met keutels, plas en geur
  •  geurklieren bij hun kin

Slide 9 - Tekstslide

Exterieur 
 Ogen: zijkant, derde ooglid, goed zien in schemering
 Neus: goed ontwikkeld, tastharen
 Gebit: 4 snijtanden, 2 stifttanden en 22 plooikiezen, groeien door!
 (elodont gebit)
 Poten : Sterke achterpoten
 Vacht: dekharen, wolharen, rui

Slide 10 - Tekstslide

Blindedarmkeutels
Caecotrofie: opeten eigen keutels --> voedingsstoffen 

Wordt vaak in de ochtend uitgepoept en direct vanuit de anus opgegeten.



Slide 11 - Tekstslide

Welke van deze twee
keutels is een
blindedarmkeutel?
A
Links
B
Rechts

Slide 12 - Quizvraag

Blindedarmkeutels
Blindedarmkeutel
dun laagje slijm uit de blindedarm. 

Andere keutel
droge, grote, vezelrijke keutel



Slide 13 - Tekstslide

Gezond?
Zie je veel blindedarmkeutels/ caecotrofen liggen in het hok?
  • Problemen met gezondheid of voeding, bijvoorbeeld:
  1. Tandproblemen
  2. Gewrichtsproblemen
  3. Overgewicht (het dier kan er niet bij)
  4. Krijgt teveel brokken/ snacks
  • Verder onderzoek nodig
Let op: deze ontlasting is plakkerig en kan een vieze kont geven

Slide 14 - Tekstslide

Voeding
  •  Konijnen zijn planteneters/herbivoren
  • Behoefte aan vezelrijk en caloriearme voeding --> 24u per dag hooi aanbieden
  • Constant voeding + extra hoog gehalte ruwe celstof nodig.
  • Hooi (tanden) en brok (kiezen)
  • Brok vs gemengd voer (20 a 25 gram per kg lichaamsgewicht)
  •  Toevoeging/afwisseling groenvoer.

Slide 15 - Tekstslide

Wat zouden enkele voordelen
en nadelen kunnen zijn van de
krachtvoersoorten hiernaast?

<-- Knaagdierkorrel
Gemengd knaagdiervoer -->

Slide 16 - Open vraag

Voeren 
Doorgaans worden de meeste konijnen één keer per dag gevoerd:

  1. Hooi --> Hooi moet altijd beschikbaar zijn
  2. Krachtvoer --> Krachtvoer in kleine hoeveelheid
  3. Groenvoer en fruit --> een keer per dag als bijvoeding, niet teveel waterige groenten/fruit!

Slide 17 - Tekstslide

Functie ruwvoer
  •  Dwingen tot kauwen en zorgt voor speekselproductie
  •  Stimulatie darmwand en gezonde blindedarm en dikke-darmwerking
  •  Stimuleert natuurlijk gedrag

Slide 18 - Tekstslide

'Fouten'
  •  Wam te groot (onderkin bij een vrouwtje)
  •  Te veel voeren -> laten liggen van blindedarmkeutels
  •  Geen verrijking 

Slide 19 - Tekstslide

Voedingsfouten
  •  Jonge konijnen --> stressgevoelig, speciaal voer en groenvoer vanaf een half jaar
  •  Groenvoer --> geen sla of koolsoorten i.v.m. gasvorming
  •  Te veel groenvoer --> 100 gr per kg lichaamsgewicht i.v.m. diarree
  •  Knaagstenen --> heel veel kalk kunnen blaas- en nierproblemen veroorzaken
  •  Gras: lentegras meer eiwitten --> diarree/plakpoep
  •  Gras: net gemaaid gras --> gas.
  •  Gras: langs de weg --> vervuild door uitlaatgassen
  •  Let op met bedorven groente

Slide 20 - Tekstslide

BCS - Body Condition Score

Slide 21 - Tekstslide

Wat bedoelen we met 'verrijking'?

Slide 22 - Open vraag

Verrijking
  • Houd konijnen altijd samen!
  • Zorg voor een interessante leefomgeving met veel ruimte
  • Zorg voor genoeg vers ruwvoer gedurende dag & nacht
  • Varieer veel met groenvoer
  • Koop konijnenspeeltjes

Slide 23 - Tekstslide

Verzorgen konijn
  •  Vachtverzorging kortharige vachten
  •  Kortharige vachten hebben weinig verzorging nodig.
  • Help tijdens de rui de haren te verwijderen om verstoppingen te voorkomen. Dit kan met een kam of harenborstel


Slide 24 - Tekstslide

Nagels knippen

Slide 25 - Tekstslide

Vaccineren
Myxomatose (konijnenpest) en VHS (viraal hemorragisch syndroom)

Zowel bij wilde als tamme konijnen. 

Geen medicijnen, wel vaccins (enten in voorjaar, jaarlijks herhalen)

Slide 26 - Tekstslide

Ontwormen
Alleen wanneer het nodig is tenzij je veel dieren op grote schaal houdt.

Slide 27 - Tekstslide

Registratie
Alleen bij raskeuring
Oornummer in oren --> tatoeage 

Voorbeeld:
Rechts:  1VM
1 = geboren in 2011
VM = code van de rasvereniging

Links: 150
1 = geboren in de maand januari
50 = 50ste konijnen getatoeëerd in januari

Slide 28 - Tekstslide

Vertel mij iets over deze tatoeages:
Rechts: 3KB
Links: 1212

Slide 29 - Open vraag

Antwoord
Rechts: 3KB
3 = geboren in 2023
KB = code van de rasvereniging

Links: 1212
12 = geboren in de maand december
12= 12de konijnen getatoeëerd in december

Slide 30 - Tekstslide

Aan de slag!
Maak een rassenlijst van de 12 konijnenrassen van de rassenlijst (CumLaude) in PowerPoint.
Zoek een plaatje (of meerdere) en schrijf daarbij:
  • Grootte (klein of groot)
  • Vachttype
  • Kleur
  • Gedragskenmerken

De moet je inleveren op 6 oktober - 
via de mail bij je docent. 

Slide 31 - Tekstslide

Samenvatting les 2
  • Verschil tussen een (wild) konijn en een haas
  • Het natuurlijke gedrag van het konijn
  • Het exterieur van een konijn (uiterlijk)
  • Blindedarmkeutels --> caecotrofie
  • Voedingsbehoefte van het konijn
  • 'Fouten' 
  • Het verzorgen van het konijn
  • Oormerken 

Slide 32 - Tekstslide

Afsluiten 

Tijd over? Kahoot!

Volgende les: kenmerken knaagdieren
Meenemen: Boek gezelschapsdieren 1

Slide 33 - Tekstslide