Seizoenen: volgorde en kenmerken
Seizoenen: volgorde en kenmerken
Hoe ziet de les eruit?
terugblik
doel
aan slag met vragen in lesson-up
evaluatie
Terugblik
Wat weet je over de seizoenen?
Doel
Aan het einde van deze les kun je de volgorde van de seizoenen benoemen en de kenmerken van het seizoen bij het juiste seizoen plaatsen.
Wat is een seizoen?
Een seizoen is een periode van het jaar met typische weersomstandigheden. Er zijn vier seizoenen.
De volgorde van de seizoenen
De seizoenen volgen elkaar in deze volgorde: lente, zomer, herfst, winter. Daarna begint het weer opnieuw.
Kenmerkend voor de lente
In de lente worden dagen langer, groeit er nieuw groen, en krijgen dieren jongen.
Zomerse kenmerken
In de zomer is het vaak warm, groeien veel planten en hebben mensen zomervakantie.
Winterse kenmerken
In de winter zijn de dagen kort, kan het vriezen of sneeuwen en houden sommige dieren een winterslaap.
De bomen worden kaal.
Herfst: wat zie je?
In de herfst worden bladeren bruin en vallen van de bomen. Het regent vaker en het wordt kouder.
Quiz
Luister goed naar de vraag en geef antwoord.
Welke maand begint de lente?
Februari
November
Maart
Juli
Wat gebeurt er in de herfst?
Bladeren vallen van de bomen
Dagen worden langer
Het wordt warmer
Bloemen gaan bloeien
Wat komt na de winter?
Herfst
Seizoen
Zomer
Lente
Welke feestdag valt in de winter?
Halloween
Kerstmis
Pasen
Zomerfeest
Wat komt na de herfst?
Winter
Seizoen
Zomer
Lente
Wat is kenmerkend voor de zomer?
Koude wind
Hoge temperaturen
Sneeuwval
Donkere dagen
Wanneer begint de winter?
22 maart
1 januari
30 juni
21 december
Wat komt na de lente?
Herfst
Seizoen
Zomer
Winter
Wat komt na de zomer?
Herfst
Seizoen
Lente
Winter
Kun jij de seizoenen opnoemen?
Probeer nu in de juiste volgorde de seizoenen te noemen en bij ieder seizoen één kenmerk te geven.
Ik kan de seizoenen in de juiste volgorde noemen?