BLB Lowan thema 7 de omgeving dag 2 herhaling & dictee

de omgeving
1 / 46
volgende
Slide 1: Tekstslide
NT2Middelbare schoolvmbo lwooLeerjaar 1,2

In deze les zitten 46 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

de omgeving

Slide 1 - Tekstslide

één park - twee ______

Slide 2 - Open vraag

de winkel
de slager
de snackbar
de bakkerij
de markt
de supermarkt

Slide 3 - Sleepvraag

Korte klank of lange klank?
steden
A
korte klank
B
lange klank

Slide 4 - Quizvraag

één voetbalveld - twee ______

Slide 5 - Open vraag

Dit is...
A
de sportzal
B
de gymzal
C
de sportzaal
D
het gymzaal

Slide 6 - Quizvraag

Dit is....

Slide 7 - Open vraag

Korte klank of lange klank?
hotel
A
korte klank
B
lange klank

Slide 8 - Quizvraag

Fatima _______ in de moskee.
(bidden)

Slide 9 - Open vraag

Dit is...
A
het park
B
de park
C
de tuin
D
het tuin

Slide 10 - Quizvraag

Wat hoor je?

Slide 11 - Open vraag

Dit is...
A
het hokje
B
de boeshalte
C
de bushalte
D
het halte

Slide 12 - Quizvraag

één brandweerwagen - twee ______

Slide 13 - Open vraag

Dit is...
A
de ziekenauto
B
de politieauto
C
de vrachtwagen
D
de brandweerauto

Slide 14 - Quizvraag

Korte klank of lange klank?
zaal
A
korte klank
B
lange klank

Slide 15 - Quizvraag

Lieke _______ __________.
(boodschappen doen)

Slide 16 - Open vraag

de politie

Slide 17 - Sleepvraag

Wat hoor je?

Slide 18 - Open vraag

de

Slide 19 - Sleepvraag

Wat hoor je?

Slide 20 - Open vraag

Dit is....
A
de hotel
B
de flat
C
het flat
D
het hotel

Slide 21 - Quizvraag

Dit is....

Slide 22 - Open vraag

Dit is....
A
de disco
B
de discotheek
C
de club
D
het danshuis

Slide 23 - Quizvraag

De jongen _______ op de bus.
(wachten)

Slide 24 - Open vraag

Ik _______ bij de kassa.
(pinnen)

Slide 25 - Open vraag

één bushalte - twee ______

Slide 26 - Open vraag

Korte klank of lange klank?
brand
A
korte klank
B
lange klank

Slide 27 - Quizvraag

Ganzenbord dag 2

Slide 28 - Tekstslide

Dictee woorden dag 2

Slide 29 - Tekstslide

1

Slide 30 - Tekstslide

2

Slide 31 - Tekstslide

3

Slide 32 - Tekstslide

4

Slide 33 - Tekstslide

5

Slide 34 - Tekstslide

6

Slide 35 - Tekstslide

7

Slide 36 - Tekstslide

8

Slide 37 - Tekstslide

9

Slide 38 - Tekstslide

10

Slide 39 - Tekstslide

11

Slide 40 - Tekstslide

12

Slide 41 - Tekstslide

13

Slide 42 - Tekstslide

14

Slide 43 - Tekstslide

15

Slide 44 - Tekstslide

Leesboekje
Technisch lezen in tweetallen
Doel: uitspraak oefenen

Lees bladzijde 2, 3 en 4.

Pak een papier. Geef antwoord op de vragen op de volgende dia.

Slide 45 - Tekstslide

Ik pin bij de kassa in de winkel.
Nora rijdt met de scooter naar het voetbalveld.
Henk betaalt €15,- bij de bioscoop.
De tieners dansen in de disco.
De vrienden fietsen naar het zwembad.
De ziekenwagen rijdt naar het ziekenhuis.
De bushalte is voor het station.
De bibliotheek is naast de kerk.
Mijn ouders gaan op vrijdag naar de moskee.
We gaan op zondag naar de kerk.
Bij het voetbalveld is ook een zwembad. 
  1. Wat doe ik bij de kassa?
  2. Wie rijdt met de scooter?
  3. Hoeveel betaalt Henk bij de bioscoop?
  4. Waar dansen de tieners?
  5. Hoe gaan de vrienden naar het zwembad?
  6. Waar gaat de ziekenwagen heen?
  7. Wat is het voorzetsel in deze zin?
  8. Wat is het voorzetsel in deze zin?
  9. Wanneer gaan we naar de moskee?
  10. Wat zijn de voorzetsels in deze zin?
  11. Wat is het voorzetsel in deze zin?

Slide 46 - Tekstslide