2.2 les 1

  • Ga rustig zitten

  • Leg je boek, pen en schrift op tafel

  • Leg je huiswerk open neer op tafel (pagina 42)

Welkom!

1 / 19
volgende
Slide 1: Slide
newEditorM&MMiddelbare schoolvmbo b, kLeerjaar 2

In deze les zitten 19 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 60 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

  • Ga rustig zitten

  • Leg je boek, pen en schrift op tafel

  • Leg je huiswerk open neer op tafel (pagina 42)

Welkom!

Vandaag

  • Herhaling 2.1

  • Uitleg kiesrecht

  • Aan de slag

  • Uitleg schoolstrijd

  • Aan de slag

  • Afsluiting

Verwachtingen in de les

  • Respect en eerlijkheid tegenover iedereen

  • Vingers opsteken

  • Luister naar elkaar

  • Actief meedoen

Herhaling

  • Welk jaar?

  • Welke koning?

  • Ander woord voor koning?

  • Ander woord voor koninkrijk?

  • Had het land een grondwet?

  • Ander woord voor grondwet?

Herhaling

  • Nederland was een koninkrijk met een grondwet.

  • Nederland was een monarchie met een constitutie.

  • Nederland was een constitutionele monarchie.

  • Liberalen wilden meer vrijheid

  • De grondwet werd in 1848 herschreven en Nederland werd een parlementaire democratie.

Herhaling

  • Hoe waren de omstandigheden van de arbeiders?

  • Hoe noemen we dat?

  • Wat deden arbeiders daaraan?

  • Wat voor soort wetten kwamen er toen?

  • Je kunt het verschil tussen passief en actief kiesrecht benoemen en de stappen van kiesrecht op de tijdlijn plaatsen

  • Je kunt de schoolstrijd uitleggen aan de hand van het begrip confessionelen

Leerdoelen

  • In 1815 zijn er verschillende klassen in de samenleving:

  • Rijke ondernemers

  • Arbeiders

  • Vrouwen

  • Niet iedereen had dezelfde rechten

Kiesrecht

  • Rijke ondernemers hadden kiesrecht, zij mochten stemmen

  • Maar de arbeiders en vrouwen kwamen in protest

  • In 1917 kregen alle mannen (rijk of niet) kiesrecht

  • Het mogen stemmen noemen we actief kiesrecht

Kiesrecht

  • In 1917 kregen vrouwen passief kiesrecht

  • Ze mochten wel gekozen worden, maar niet zelf stemmen

  • Vanaf 1919 kregen ook de vrouwen actief kiesrecht

  • Elke klasse mocht stemmen; er was algemeen kiesrecht

Kiesrecht

Aan de slag

  • Wat?

  • Hoe?

  • Hulp nodig?


  • Tijd?

  • Ben je klaar?

Opdracht 2 (pagina 50)

Alleen of samen met je buur

Lees het blauwe tekstvak en steek anders je hand op

5 minuten

Maak opdracht 1



5

minute

00

second

  • Er gingen weinig mensen naar school

  • De regering maakte daarom gratie openbare scholen

  • Op deze manier kon iedereen goede banen en kansen krijgen

  • Mensen gingen emanciperen

  • = mensen kregen gelijke rechten en geen achterstand meer

Schoolstrijd

  • Gelovigen wilden ook christelijke scholen

  • Dus gingen ze die oprichten

  • Maar ze kregen hiervoor geen geld van de regering

  • Daarom richten ze politieke partijen op vanuit de stroming confessionalisme

Schoolstrijd

  • Deze confessionelen waren mensen die uitgaan van het geloof

  • De politieke partijen werkten goed

  • In 1917 kregen alle scholen geld van de regering

  • De schoolstrijd was voorbij

Schoolstrijd

Aan de slag

  • Wat?

  • Hoe?

  • Hulp nodig?


  • Tijd?

  • Ben je klaar?

Opdracht 1 t/m 4 (pagina 49)

Alleen of samen met je buur

Lees de blauwe tekstvakken en steek anders je hand op

10 minuten

Maak de herhaling van 2.1 (pagina 47)



10

minute

00

second

  • Je kunt het verschil tussen passief en actief kiesrecht benoemen en de stappen van kiesrecht op de tijdlijn plaatsen

  • Je kunt de schoolstrijd uitleggen aan de hand van het begrip confessionelen

Leerdoelen

Afsluiting

  • Je krijgt van mij een briefje

  • Ik wil graag dat je:

  • 3 dingen opschrijft die je hebt geleerd vandaag

  • 2 dingen opschrijft die je interessant vond

  • 1 vraag opschrijft die je nog hebt over de les

  • Zet je naam erop en lever hem bij mij in bij de deur

Tot de volgende!

  • Huiswerk: opdracht 1 t/m 4

  • Vragen? Stuur mij een bericht in Magister of kom langs bij mijn kantoor (1.23, groen)!