H6 Warmte en Energie - Basis

6. Warmte en Energie
1 / 39
volgende
Slide 1: Tekstslide
NatuurkundeMiddelbare schoolvmbo bLeerjaar 3

In deze les zitten 39 slides, met tekstslides en 3 videos.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

6. Warmte en Energie

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

6.2 Warmte in huis

Aan het einde van les kan ik:
  • uitleggen wat radiatorverwarming is;
  • uitleggen wat vloerverwarming is;
  • uitleggen wat geleiding, straling en stroming is.

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Warmtebron
Een warmtebron zet energie om in warmte.
Voorbeelden:
  •  zon
  • het gasfornuis
  • de aarde
  • een föhn
  • de centrale verwarming (CV-installatie)


Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

CV installatie 
Lesdoelen:
- Ik kan uitleggen hoe een CV installatie werkt.

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 5 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Radiator versus vloerverwarming

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Warmtetransport


                                              Geleiding - Stroming - Straling

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

       Geleiding 
Energie stroomt DOOR een vaste stof. 
Deze stof komt niet van zijn plaats.

Een geleider is een stof die de warmte 
goed doorgeeft.
Een isolator laat de warmte juist
slecht door.

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stroming
De warmte of energie stroomt met een vloeistof of gas mee.  (vaste stoffen stromen niet)

Warme lucht heeft een kleinere dichtheid dan koude lucht. De warme lucht (lucht met energie) stijgt op



Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Straling
Energie wordt door een lege ruimte gestraald.
Je hebt dus geen gas, vloeistof of vaste stof nodig om de warmte te verplaatsen.
Elk voorwerp straalt warmte uit, ook jij!

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

6.3 Isoleren

Aan het einde van les kan ik:
  • uitleggen wat isoleren is;
  • uitleggen wat isolatiewaarde is;
  • beschrijven wat verschillende manieren zijn om te isoleren.

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Isolatie
Isolatie is het het tegenhouden van warmtetransport

Warmteverlies kan door:
  • Geleiding
  • Stroming
  • Straling

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Warmteverlies door geleiding
Geleiders zoals metalen geven warmte snel door. Dat betekent dat ze veel warmte verliezen. 

Isolatoren zoals glas/kunststof/papier geleiden warmte slecht. Hierdoor heb je weinig warmteverlies. 

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Warmteverlies door stroming
Warmteverlies door stroming ga je tegen door te zorgen dat warmte lucht niet weg kan. 

=> lucht opsluiten => isolatiemateriaal (glaswol, piepschuim, purschuim, wol

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Warmteverlies door straling
Warmteverlies door straling voorkom je door de straling terug te kaatsen. Dit kun je doen door spiegelend materiaal te gebruiken. 

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Thermofles
Waar ga ik warmtetransport tegen door:
Geleiding:
  • Plastic afsluitdop - glazen fles
Stroming:
  • Vacuüm (stilstaande lucht) -
Straling:
  • verzilverde wanden

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Isolatiewaarde (k-waarde)
Zie BINAS tabel 20 !!!
Isolatiewaarde
Enkelglas
  • 5,7
Dubbelglas
  • 3,5
Driedubbelglas
  • 0,7

Slide 18 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

6.4 Verbranden en het milieu

Aan het einde van les kan ik:
  • uitleggen wat het (versterkte) broeikaseffect is;
  • beschrijven wat thermische verontreiniging is;
  • beschrijven wat fossiele brandstoffen zijn;
  • uitleggen wat duurzame energie is.

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Versterkt broeikaseffect

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Natuurlijk broeikaseffect
  • Zonnestraling (licht): op aarde
  • Infraroodstraling (warmte): deels terug in atmosfeer, deels blijvend binnen dampkring door natuurlijke broeikasgassen, hierdoor warmt de aarde op.

Versterkt broeikaseffect
  • Zonnestraling (licht): op aarde
  • Infraroodstraling (warmte): blijft binnen dampkring door te veel  broeikasgassen die ontstaan bij gebruik fossiele brandstoffen, de aarde warmt nog meer op dan normaal.

Slide 21 - Tekstslide

Duidelijk verschil tussen natuurlijk en versterkt broeikaseffect uitleggen. Broeikaseffect is er altijd, net als broeikasgassen dus er blijft altijd een deel van de warmte binnen de dampkring en een deel verdwijnt in de ruimte. Door menselijke uitstoot (fabrieken, auto's, grootschalige veeteelt (koeien!) en de grote hoeveelheid mensen) wordt het aandeel broeikasgassen in de dampkring groter en kan warmte minder goed ontsnappen: blijft hangen onder de dampkring en het wordt dus warmer!
Gevolgen versterkt broeikaseffect

Verandering van het klimaat


  • zeespiegelstijging

  • extreem weer

  • uitsterven (of toenemen)                                                                                                         van planten- en diersoorten

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Fijnstof met roetdeeltjes
  • Koolstof (roet), 
  • Irritatie ogen en luchtwegen
Thermische verontreiniging
  • Koolstof (roet), 
  • Irritatie ogen en luchtwegen
Koolstofmono-oxide
  • giftig gas
  • kleurloos, reukloos, niet zichtbaar
  • Onvolledige verbranding

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Fossiele brandstoffen
Energiebronnen uit de bodem heten fossiele brandstoffen.
Aardgas                                Steenkool                              Aardolie

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Verschillende brandstoffen
Niet fossiele brandstoffen
BIJVOORBEELD<div><br></div><div><ul><li>HOUT</li><li>PAPIER</li><li>BIOMASSA</li></ul></div>
Fossiele brandstoffen
<ul><li>AARDOLIE</li><li>AARDGAS</li><li>STEENKOOL</li></ul>

Slide 25 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Witte / Zwarte rook

Duurzaam energie opwekken
  • Groene stroom
  • Biobrandstoffen

Slide 26 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

6.5 Energie

Aan het einde van les kan ik:
  • uitleggen wat het (versterkte) broeikaseffect is;
  • beschrijven wat thermische verontreiniging is;
  • beschrijven wat fossiele brandstoffen zijn;
  • uitleggen wat duurzame energie is.

Slide 27 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Energie omzetten

Slide 28 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

chemische energie → warmte

Slide 29 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Binas: Energieomzettingen (tabel 15)

Slide 30 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Rekenen met Energie
Energie heeft de eenheid Joule (J) 
en kilojoule (kJ)
Kilo betekent 1000
1kilojoule = 1x1000 = 1000 Joule

Temperatuur omrekenen
  • 240 graden Celsius =
  • 240 + 273 = 513 K
  • 1540 Kelvin =
  • 1540 - 273 = 1267 graden Celsius

Slide 31 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 32 - Link

Deze slide heeft geen instructies

Even kort herhalen:
Bij warmtetransport gaat warmte van een plek met hoge temperatuur naar een plek met lage temperatuur.

Slide 33 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Transport van Warmte


- Geleiding
- Stroming
- Straling

Slide 34 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 35 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Slide 36 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Fossiele brandstof:
aardolie
aardgas
steenkool

Slide 37 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

A) Volledige verbranding

Voldoende zuurstof

Er ontstaat H2O (l) en   CO2 (g)



B) Onvolledige verbranding
Onvoldoende zuurstof

Er ontstaat CO(g) en/of roet

Slide 38 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Onvolledige verbranding / Koolstof Monoxide / CO






CO is kleurloos en reukloos en erg giftig!

Slide 39 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies