KGH_OE5_H5_informeert en adviseert de klant


Hospitality, verkoopt en klantreis

H5 informeert en adviseert de klant

Klantgericht handelen leerjaar 2

1 / 48
volgende
Slide 1: Slide
newEditorRetailMBOStudiejaar 2

In deze les zitten 48 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les


Hospitality, verkoopt en klantreis

H5 informeert en adviseert de klant

Klantgericht handelen leerjaar 2

Artikelen tonen en demonstreren

Paragraaf 1

Leerdoelen

Aan het einde van de les kun je artikelen tonen en demonstreren om de klant te overtuigen.

Aan het einde van de les kun je klantgericht meelopen en gesprekken voeren. Aan het einde van de les kun je koopwensen en koopmotieven identificeren. Aan het einde van de les kun je klanten helpen met passen, proberen, proeven, ruiken, voelen, zien en horen van producten.

Wat weet je al over het tonen van artikelen tijdens een verkoopgesprek?

Het belang van meelopen met de klant

Fysiek vergezellen van de klant.

Tempo van de klant volgen.

Persoonlijke aandacht geven/ praatje houden.

Het tonen en demonstreren van artikelen

Artikelen laten zien en uitleggen.

Voorbeelden tonen.

Klant overtuigen door demonstratie.

Identificeren van koopwensen en koopmotieven

Begrijpen wat de klant wil kopen.

Achterhalen waarom de klant een artikel zoekt.

Luisteren naar de klant.


Koopwens = Wat je wilt kopen

Koopmotief = Waarom je het wilt kopen

Zintuiglijke ervaring bij het verkopen

Passen van kleding.

Proberen van producten.

Proeven van eetwaren. Ruiken van parfums.

Voelen van materialen.

Zien van producten.

Horen van geluid(skwaliteit).

Definitielijst

Koopwens: Wat de klant wil kopen, vaak al specifiek gedefinieerd.

Koopmotief: De reden waarom een klant een bepaald artikel wil kopen.

Demonstreren: Het laten zien van de mogelijkheden van een artikel.

Passen: Het proberen van kleding om te zien of het past en bevalt.

Proberen: Het testen van producten, zoals proefslapen bij matrassen.

Proeven: Het kosten van eet- en drinkwaren om de klant te overtuigen.

Ruiken: Het ervaren van geuren, bijvoorbeeld met teststrips voor parfum.

Voelen: Het aanraken van materialen om de kwaliteit te beoordelen.

Zien: Het visueel beoordelen van producten, belangrijk bij online aankopen.

Horen: Het testen van geluidskwaliteit, bijvoorbeeld bij audioapparatuur.

Schrijf 3 dingen op die je deze les hebt geleerd.

(Online) alternatieven bieden

Paragraaf 2

Leerdoelen

  • Aan het einde van de les kun je alternatieven bieden als een artikel niet op voorraad is.

  • Aan het einde van de les kun je bijverkoopstrategieën toepassen in zowel fysieke winkels als webshops.

  • Aan het einde van de les kun je cross-selling, up-selling en deep-selling onderscheiden en toepassen.

Wat weet je al over alternatieven bij verkoop?

Plaatsvervangende verkoop

Wat is plaatsvervangende verkoop? Aanbieden van alternatieven als een artikel niet op voorraad is.

Bijverkoop

Wat is bijverkoop? Verkopen van meer artikelen dan de klant oorspronkelijk van plan was.

Cross-selling

Aanvullende producten verkopen bij een aankoop.


  • Cross selling = iets aanvullends verkopen (vaas of kaartje erbij verkopen)

  • Bijverkoop = iets extra’s of meer van hetzelfde verkopen (nog een extra roos verkopen)

Up-selling

Wat is up-selling? Een duurder of beter product verkopen aan de klant.

Deep-selling

Wat is deep-selling? Verkopen van meer van hetzelfde artikel, vaak met korting.

overzicht van verschillen

Definities

Plaatsvervangende verkoop: Het aanbieden van een alternatief artikel als het gewenste artikel niet op voorraad is. Bijverkoop: Het verkopen van meer artikelen dan de klant oorspronkelijk van plan was te kopen. Cross-selling: Het verkopen van aanvullende producten bij een aankoop. Up-selling: Het verkopen van een duurder of beter product aan de klant. Deep-selling: Het verkopen van meer van hetzelfde artikel, vaak met korting.

Stel 1 vraag over iets dat je nog niet zo goed hebt begrepen.

Adviseren

paragraaf 3

Leerdoelen

Aan het einde van de les kun je verkoopargumenten effectief gebruiken om klanten te overtuigen. Aan het einde van de les kun je artikelverschillen duidelijk verklaren aan klanten. Aan het einde van de les kun je koopweerstanden herkennen en opvangen. Aan het einde van de les kun je maatwerk bieden aan klanten op basis van hun specifieke wensen.

Wat weet je al over advies geven aan klanten?

Verkoopargumenten

Redenen waarom een klant een artikel interessant vindt. Gebaseerd op de behoeften van de klant. Versterkt door kennis van prijs, garantie en producteigenschappen.

Artikelverschillen verklaren

Uitleggen van verschillen tussen artikelen. Gebruik maken van vergelijkende en optelmethode. Prijs en mogelijkheden benadrukken.

Omgaan met koopweerstanden

Herkennen van bezwaren van klanten tegen aankoop. Tactvol benaderen zonder in discussie te gaan.

Maatwerk bieden

Afgestemd op specifieke wensen van de klant. Advies, producten en diensten op maat aanbieden.

Verkoopkanalen

Manieren om producten aan te bieden. Fysieke winkel, online of telefonisch.

Definitielijst

Verkoopargumenten: Redenen waarom een klant een artikel interessant vindt, gebaseerd op hun behoeften. Artikelverschillen verklaren: Uitleggen van de verschillen tussen artikelen, vaak met betrekking tot prijs en mogelijkheden. Koopweerstanden: Bezwaren van klanten tegen een aankoop, bijvoorbeeld vanwege de prijs. Maatwerk: Producten, diensten of adviezen die zijn afgestemd op de specifieke wensen van de klant. Verkoopkanaal: De manier waarop een winkel zijn producten aanbiedt, zoals via een fysieke winkel, online of telefonisch.

Schrijf 1 ding op waarover je meer wilt weten.

Samenvatting

paragraaf 4


Advies geven tijdens het verkoopgesprek

Belang van goed advies. Klant helpen bij juiste keuze. Producten tonen en demonstreren.

Plaatsvervangende verkoop

Alternatieven aanbieden. Wat te doen als product niet beschikbaar is? Voorbeelden van alternatieven.

Cross-selling, Up-selling en Deep-selling

Cross-selling: Aanvullende producten aanbieden. Up-selling: Duurder of geavanceerder product voorstellen. Deep-selling: Intensiveren van verkoop aan bestaande klant.

Verkoopargumenten gebruiken

Effectieve verkoopargumenten. Klant helpen bij beslissing. Koopweerstanden opvangen.

Definitielijst

Plaatsvervangende verkoop: Het aanbieden van alternatieven als een product niet op voorraad is.

Cross-selling: Het aanbieden van aanvullende producten aan de klant.

Up-selling: Het aanbieden van een duurder of geavanceerder product.

Deep-selling: Het intensiveren van de verkoop aan een bestaande klant.

Quiz

Even kennis testen!

Wat is plaatsvervangende verkoop?

A

Alternatieven tonen voor een product

B

Het verkorten van het verkoopproces

Wat is de aftrekmethode?

A

Optellen van verkoopargumenten

B

Benadrukken van artikelverschillen

Wat is cross-selling?

A

Klant een ander artikel aanbieden

B

Extra product verkopen als aanvulling

Wat omvat maatwerkadvies?

A

Algemeen advies zonder klantenkennis

B

Advies passend bij klantwensen

Wat is up-selling?

A

Beter of duurder product verkopen

B

Korting bij meerdere artikelen

Wat betekent koopweerstand?

A

Bezwaartegen prijs van het product

B

Tevredenheid over de aankoop

Wat is cross-selling?

A

Verkoop van een duurder product

B

Bijverkoop van gerelateerde producten

Hoe help je een klant met koopweerstanden?

A

Verkoopargumenten gebruiken

B

De klant negeren

C

De klant zijn verhaal laten doen

Wat is up-selling?

A

Verkoop van een duurder product

B

Producten in de uitverkoop aanbieden

Wat is deep-selling?

A

Verkoop van meerdere producten tegelijk

B

Kortstondige aanbiedingen doen

Wat moet je doen als een product niet op voorraad is?

A

De klant naar een andere winkel sturen

B

Alternatieven tonen aan de klant

Waar moet je kansen voor bijverkoop herkennen?

A

Bij het inpakken van producten

B

Tijdens het verkoopgesprek