V4 - bijvoeglijk naamwoord Neue Kontakte K4

Das Adjektiv = bijvoeglijk nw.
1 / 44
volgende
Slide 1: Tekstslide
DuitsMiddelbare schoolvwoLeerjaar 4

In deze les zitten 44 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Das Adjektiv = bijvoeglijk nw.

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Welke woorden horen bij de DER-Gruppe?

Slide 2 - Woordweb

Voorkennis activeren
Welke woorden horen bij de EIN-Gruppe?

Slide 3 - Woordweb

Voorkennis activeren.
Wat weet je nog over de uitgangen van de DER- en EIN-Gruppe?

Slide 4 - Open vraag

Voorkennis activeren.
Welke geslachtregels ken je nog?

Slide 5 - Woordweb

Voorkennis activeren.
Lernziele
1. Ik ken de uitgangen van het bijvoeglijk naamwoord van de          DER- en de EIN-Gruppe.                                                                            
2. Ik kan de uitgangen van het bijvoeglijk naamwoord                           toepassen in een context, zowel bij de DER- als ook bij de             EIN-Gruppe.                                                                                                        


Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Was ist ein Adjektiv?
ein  Adjektiv = een bijvoeglijk naamwoord. Het bijvoeglijk naamwoord...
  • zegt iets over een zelfstandig naamwoord;       
  • betreft vaak een eigenschap of een kenmerk;  
  • staat vaak vóór het zelfstandig naamwoord.    


Beispiel: Mijn oom heeft een mooie auto. 
Auf Deutsch: Mein Onkel hat ein schönes Auto.

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Vervoegen van het bijvoeglijk naamwoord
Het bijvoeglijk naamwoord krijgt een uitgang. De uitgang van het bijvoeglijk naamwoord is afhankelijk van:
1. Het woord dat eraan voorafgaat (woord uit de DER-Gruppe of de EIN-Gruppe 
2. De naamval van de woordgroep. 
3. Het geslacht (mannelijk, vrouwelijk, onzijdig, meervoud) van het zelfstandig naamwoord. 

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Bijvoeglijk naamwoord: Der-Gruppe

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Uitgangen bijvoeglijk naamwoord DER-Gruppe: 

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Bijvoeglijk naamwoord: Ein-Gruppe

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Uitgangen bijvoeglijk naamwoord EIN-Gruppe:

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Bijvoeglijk naamwoord: Null-Gruppe

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

LET OP!
1. Twee of meer bijvoeglijke naamwoorden voor hetzelfde zelfstandige naamwoord hebben dezelfde uitgang. 
Dieser große, nette Mann spielt in unserer Mannschaft.

Er komt een komma tussen de verschillende bijvoeglijke naamwoorden!



Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stappenplan
1. Bepaal of je te maken hebt met de DER- of EIN-Gruppe.
2. Bepaal de naamval van de woordgroep (1e, 3e of 4e naamval?).
3. Bepaal het geslacht van het zelfstandig naamwoord.
4. Vul nu eerst de uitgang van het bepaald of onbepaald lidwoord in.
5. Vul nu de uitgang van het bijv. naamwoord in (sleutelschema).

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Beispiel 1: D... groß... Haus gefällt mir gut!
1. DER- of EIN-Gruppe?   DER
2. naamval van het zinsdeel? 1e nv.
3. geslacht van 'Haus' ? onzijdig
4. uitgang lidwoord (rese, mrmn, nese) Das
5. uitgang bijv. naamwoord (sleutel) große

                   Das große Haus gefällt mir gut!

Slide 16 - Tekstslide

voordoen
Beispiel 2: Ein... groß... Haus gefällt mir gut!
1. DER- of EIN-Gruppe? EIN
2. naamval van het zinsdeel? 1e nv.
3. geslacht van 'Haus' ? onzijdig
4. uitgang lidwoord (-e-e, mrmn, nese)
5. uitgang bijv. naamwoord (sleutel) großes
          
                     Ein- großes Haus gefällt mir gut!

Slide 17 - Tekstslide

Voordoen.
Wir üben das jetzt erst mal gemeinsam.
D....gelb.... Bananen auf Teneriffa schmecken sehr gut!


Slide 18 - Tekstslide

Samen met de klas doen.
D.... gelb.... Bananen auf Teneriffa schmecken sehr gut!
Stap 1: DER- of EIN-Gruppe?

Slide 19 - Tekstslide

Samen met de klas doen. 
D.... gelb.... Bananen auf Teneriffa schmecken sehr gut!
Stap 2: Bepaal de naamval.


Slide 20 - Tekstslide

Samen met de klas doen.
D.... gelb.... Bananen auf Teneriffa schmecken sehr gut!
Stap 3: Bepaal het geslacht van het zelfstandig naamwoord.

Slide 21 - Tekstslide

Samen met de klas doen.
D.... gelb.... Bananen auf Teneriffa schmecken sehr gut!
Stap 4: Vul nu eerst de uitgang van het bepaald lidwoord in.

Slide 22 - Tekstslide

Samen met de klas doen.
D.... gelb.... Bananen auf Teneriffa schmecken sehr gut!
Stap 5: Vul nu de uitgang van het bijv. naamwoord volgens het sleutelschema in.

Slide 23 - Tekstslide

Samen met de klas doen.
Und hier ist die richtige Antwort:
Die gelben Bananen auf Teneriffa schmecken sehr gut!


Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Noch ein Übungssatz, den wir gemeinsam machen: 
Auf der Fahrt zur Bananenplantage sind wir durch ein.... wunderschön...., ruhig.... Umgebung gefahren.


Slide 25 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Auf der Fahrt zur Bananenplantage sind wir durch ein.... wunderschön...., ruhig.... Umgebung gefahren.
Stap 1: DER- of EIN-Gruppe?

Slide 26 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Auf der Fahrt zur Bananenplantage sind wir durch ein.... wunderschön...., ruhig.... Umgebung gefahren.
Stap 2: Bepaal de naamval.

Slide 27 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Auf der Fahrt zur Bananenplantage sind wir durch ein.... wunderschön...., ruhig.... Umgebung gefahren.
Stap 3: Bepaal het geslacht van het zelfstandig naamwoord.

Slide 28 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Auf der Fahrt zur Bananenplantage sind wir durch ein.... wunderschön...., ruhig.... Umgebung gefahren.
Stap 4: Vul nu eerst de uitgang van het bepaald lidwoord in.

Slide 29 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Auf der Fahrt zur Bananenplantage sind wir durch ein.... wunderschön...., ruhig.... Umgebung gefahren.
Stap 5: Vul nu de uitgang van het bijv. naamwoord volgens het sleutelschema in.

Slide 30 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Und hier ist die richtige Antwort:
Auf der Fahrt zur Bananenplantage sind wir durch eine wunderschöne, ruhige Umgebung gefahren. 

Slide 31 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Kurzer Check:
Ik snap de uitleg en de stappenplan.
😒🙁😐🙂😃

Slide 32 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Üben!!!
So, jetzt seid ihr dran!

Slide 33 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Ein ... jung... Frau hat uns geholfen.
A
einer junge
B
ein junges
C
einen jungen
D
eine junge

Slide 34 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Ich habe dies... braun... Schuhe (mv) gekauft.
A
diesem braunem
B
diese braunen
C
dieser braunes
D
diesen braunen

Slide 35 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Er trägt mein... blau... Pulli (m).
A
meine blaue
B
meiner blauen
C
meinen blauen
D
meinem blauem

Slide 36 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Mein Bruder hat ein... gelb...... T-Shirt (0) bekommen.
A
ein gelben
B
ein gelbes
C
einen gelben
D
einer gelber

Slide 37 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wir fahren mit d... rot..... Boot (o).
A
dem roten
B
den roten
C
das rote
D
dem rotem

Slide 38 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Ein... groß..... Mann kauft ein Eis.
A
Ein großen
B
Eine große
C
Eine großes
D
Ein großer

Slide 39 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Durch dies... toll... Deutschstunde habe ich die Grammatik verstanden :)
A
diese tolle
B
dieser toller
C
diesem tollen
D
diese tolles

Slide 40 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Check Lernziele:
1. Ik ken de uitgangen van het bijvoeglijk naamwoord van de DER- en de EIN-Gruppe.
2. Ik kan de uitgangen van het bijvoeglijk naamwoord toepassen in een context, zowel bij de DER- als ook bij de EIN-Gruppe.
Ik ken de uitgangen en kan ze toepassen. Ik ben dus nu al een topper!
Ik ben op weg naar een topper en moet nog een beetje extra oefenen.
Ik wil graag een topper worden maar snap het nog niet helemaal en heb nog hulp/ extra uitleg nodig.

Slide 41 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Bitte gebt mir ein kurzes Feedback (in het NL)
1. Was hat euch an dieser Stunde gefallen?
2. Was könnte ich noch besser machen?

Slide 42 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Fangt jetzt an mit euren Hausaufgaben.
Neue Kontakte, K4, ab Seite 215, Übungen 50,51, 52 und 53 machen.

Braucht ihr noch extra Hilfe/ Erklärungen? Dann lasst es mich wissen!

Slide 43 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 44 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies