Quiz oktober 2025

Vragen over Landstede
1 / 46
volgende
Slide 1: Tekstslide
Praktische economieMiddelbare schoolvmbo kLeerjaar 2

In deze les zitten 46 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

Onderdelen in deze les

Vragen over Landstede

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Op welke locatie zitten de opleidingen van Handel & Commercie?
A
Rechterland
B
Ossenkamp
C
Dokterspad
D
Fuchsiastraat

Slide 2 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welke bus moet je nemen
naar Landstede vanaf station Zwolle?
A
Alleen 7
B
7 of 9
C
7 of 11
D
9 of 301

Slide 3 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Hoe lang duren de niveau 4 opleidingen?
A
2 jaar
B
3 jaar
C
4 jaar

Slide 4 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Op welk verdieping zit
Handel & Commercie?
A
Eerste verdieping
B
Tweede verdieping
C
Derde verdieping

Slide 5 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wanneer loop je stage tijdens je een niveau 4 opleiding?
A
Leerjaar 1, 2 en 3
B
Leerjaar 1 en 2
C
Leerjaar 1 en 3
D
Leerjaar 2 en 3

Slide 6 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Na welk uur zijn de broodjes
voor helft van het geld?
A
Vanaf 13.00 uur
B
Vanaf 14.00 uur
C
Vanaf 15.00 uur
D
Vanaf 16.00 uur

Slide 7 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Vragen over E-commerce
E-commerce is het kopen en verkopen van goederen en diensten via internet. E-commerce klanten kunnen aankopen doen vanaf hun computer/telefoon.

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Kopen jullie meer online
of in een fysieke winkel?

Licht je antwoord toe.

Slide 9 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Wat is een Customer Journey?
A
De aankoop
B
De klantreis

Slide 10 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Hoe noemen we dit perspectief van fotograferen?
A
Kikkerperspectief
B
Vogelperspectief
C
Ooghoogteperspectief

Slide 11 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Hoe noemen we deze compositierichtlijn?
A
Regel van rechts fotograferen
B
Regel van links fotograferen
C
Regel van derden
D
Regel van gelijke vlakken

Slide 12 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Waar staat SEO voor?
A
Search engine optimization
B
Search engine orgin
C
Search engine organisation
D
Search engine objective

Slide 13 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat is het grote verschil tussen SEO en SEA?
A
SEO is gratis, SEA moet je voor betalen.
B
SEA is gratis, SEO moet je voor betalen.
C
SEO kan je zelf regelen en SEA niet.
D
SEA kan je zelf regelen en SEO niet.

Slide 14 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welk social media kanaal heeft de meeste gebruikers in Nederland?
A
Snapchat
B
WhatsApp
C
Facebook
D
Instagram

Slide 15 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Vragen over algemene economie

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Onder welke P valt reclame uitingen?
A
Product
B
Prijs
C
Promotie
D
Presentatie

Slide 18 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Je bestelt online schoenen. Wat is de wettelijke bedenktijd op dit product?
A
Er zit hier geen bedenktijd op
B
7 werkdagen
C
14 werkdagen
D
30 werkdagen

Slide 19 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat betekent inflatie in economische termen?
A
Een stijging van de rentevoet
B
Een toename van het nationale inkomen
C
Een stijging van de prijzen
D
Een afname van het aanbod van producten

Slide 20 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat is een belangrijk kenmerk van een monopolistische markt?
A
Er zijn veel concurrenten
B
Er is slechts één aanbieder van een product of dienst
C
De overheid bepaalt de prijzen
D
De producten zijn identiek

Slide 21 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Social media
'Sociale media is een verzamelbegrip voor online platforms waar de gebruikers de inhoud verzorgen.'

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

In welk jaar is Instagram gelanceerd?
A
2005
B
2010
C
2012
D
2015

Slide 23 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Kylie Jenner heeft de meeste volgers op Instagram
A
Waar
B
Niet waar

Slide 24 - Quizvraag

Ronaldo is de grootste met 665 miljoen volgers. Kylie Jenner volgt met 392 miljoen volgers.
Hoeveel verdient Ronaldo met een gesponsorde post op Instagram?
A
500.000 dollar
B
1.000.000 dollar
C
2.000.000 dollar
D
3.000.000 dollar

Slide 25 - Quizvraag

bron: https://www.manners.nl/cristiano-ronaldo-best-betaalde-influencer-ek-2024-per-post/#:~:text=Dit%20is%20Cristiano%20Ronaldo%20waard,omgerekend%203.021.704%20euro%20waard. 
Hoeveel actieve gebruikers heeft TikTok wereldwijd?
A
Ongeveer 500.000.000
B
Ongeveer 1 miljard
C
Ongeveer 1,5 miljard
D
Ongeveer 2 miljard

Slide 26 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

De foto met de meeste likes op Instagram is afkomstig van Messi
A
Waar
B
Niet waar

Slide 27 - Quizvraag

Waar. Tot dat moment was een foto van een ei de meeste gelikete foto op Instagram. Sinds 2022 is het de foto op de volgende slide van Messi

Slide 28 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Waar zitten meer bacteriën op...?
A
Telefoon
B
WC bril

Slide 29 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Vragen over communicatie
Communicatiemiddelen worden gebruikt voor communicatie tussen zender en ontvanger en dus voor de overdracht van informatie. Dit kan zowel online als offline.

Slide 30 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat kost een commercial (30 seconden) tonen
tijdens de Super Bowl?
(het sportevenement van het jaar in Amerika)
A
tussen de 2 en 3 miljoen dollar
B
tussen de 4 en 5 miljoen dollar
C
tussen de 6 en 7 miljoen dollar
D
tussen de 8 en 9 miljoen dollar

Slide 31 - Quizvraag

Marketeer club Ikons maakte in 2023 een snelle berekening voor de prijzen van een spotje tijdens de finalewedstrijd. Ervan uitgaande dat de gemiddelde kosten voor een advertentie van 30 seconden nog steeds tussen de 6 en 7 miljoen liggen, kost zo'n filmpje 175 duizend dollar per seconde!10 feb 2024
Welk type communicatiemethode gebruiken veel bedrijven om klanten te informeren over o.a. kortingen?
A
E-mailmarketing
B
Webinars
C
Telefonische gesprekken
D
Persoonlijke brieven

Slide 32 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 33 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Deze reclame-uiting is een voorbeeld van een ...
A
Online communicatiemiddel
B
Offline communicatiemiddel

Slide 34 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Logo's en slogans
Een beeldmerk of logo is een grafische uiting die met een bedrijfs- of productnaam dan wel met een organisatie geassocieerd wordt. 
Een slagzin of slogan is een korte tekst die wordt gebruikt voor commerciële doeleinden.

Slide 35 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

"I'm Loving it"
Van welk bedrijf is deze bekende slogan?
A
KFC
B
Burger King
C
McDonalds
D
Five Guys

Slide 36 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

"Steeds verrassend altijd voordelig"
Van welk bedrijf is dit een bekende slogan?
A
Kruidvat
B
Trekpleister
C
Hema
D
Etos

Slide 37 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

"Just Do It"
Van welk bedrijf is deze bekende slogan?
A
Puma
B
FOUR
C
Adidas
D
Nike

Slide 38 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 39 - Video

Deze slide heeft geen instructies


Van welke bank is deze leeuw een onderdeel van het logo?
A
ABN AMRO
B
Rabobank
C
ING
D
SNS bank

Slide 40 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies


Dit logo is van?
A
Randstad
B
Renault
C
Unilever
D
Tesla

Slide 41 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Van welk tankstation is dit logo?
A
BP
B
Shell
C
Esso
D
Firezone

Slide 42 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Handel
Handel is het uitwisselen van goederen, diensten of activa door koop en verkoop, vaak met het doel om winst te maken. Het kan zowel fysieke producten omvatten, zoals meubels of levensmiddelen, als financiële activa zoals aandelen en valuta's.

Slide 43 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat wordt bedoeld met internationale handel?
A
Het kopen en verkopen van producten binnen één land
B
Het importeren en exporteren van goederen tussen landen
C
Het verhandelen van tweedehands goederen
D
Het verkopen van producten via een webshop

Slide 44 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat verstaan we onder import?
A
Goederen en diensten uit het buitenland halen
B
Producten uit eigen land verkopen aan het buitenland
C
Het doorverkopen van producten zonder winst
D
Producten produceren voor de binnenlandse markt

Slide 45 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welke van de volgende is een voorbeeld van een groothandel?
A
Een supermarkt die producten verkoopt aan consumenten
B
Een fabriek die producten maakt voor eigen gebruik
C
Een bedrijf dat goederen in grote hoeveelheden verkoopt aan winkels
D
Een marktkraam die producten rechtstreeks verkoopt aan klanten

Slide 46 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies