MA KB 6.3 en 6.4 verkort

Pluriforme samenleving
paragraaf 3 en 4
1 / 37
volgende
Slide 1: Tekstslide
MaatschappijleerMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 3

In deze les zitten 37 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 3 videos.

Onderdelen in deze les

Pluriforme samenleving
paragraaf 3 en 4

Slide 1 - Tekstslide

Een vooroordeel is gebaseerd op feiten
A
Niet waar
B
Waar

Slide 2 - Quizvraag

Een stereotype is altijd een negatief beeld over een groep mensen
A
Waar
B
Niet waar

Slide 3 - Quizvraag

Je accepteert dat mensen een anders zijn of andere normen en waarden hebben dan jij
A
Vooroordeel
B
Waarden
C
Tolerantie
D
Respect

Slide 4 - Quizvraag

1. Respect heeft met normen en waarden te maken
2. Respect is aangeleerd gedrag
A
1 & 2 zijn juist
B
1 is juist en 2 is onjuist
C
1 onjuist en 2 is juist
D
1&2 zijn onjuist

Slide 5 - Quizvraag

Welk begrip past
bij de afbeelding?
A
Tolerantie
B
Discriminatie
C
Vooroordeel
D
Stereotype

Slide 6 - Quizvraag

Emma is 19 jaar oud en wordt niet aangenomen bij de Jumbo omdat ze te oud is.
A
Tolerantie
B
Discriminatie
C
Vooroordeel
D
Stereotype

Slide 7 - Quizvraag

Immigranten
mensen uit andere landen die in Nederland zijn komen wonen

Slide 8 - Tekstslide

Emigreren
verhuizen naar een ander land

Slide 9 - Tekstslide

Slide 10 - Tekstslide

Waar komen de meeste immigranten vandaan?

Slide 11 - Open vraag

Slide 12 - Tekstslide

Vluchtelingen 
Mensen die hun woonplaats onder druk van oorlog en geweld verlaten

De laatste jaren komen veel vluchtelingen uit Syrië, Irak en Eritrea maar sinds vorig jaar helaas ook veel mensen uit Oekraïne. 

vluchteling => Mensen die in Nederland willen komen wonen omdat hun eigen land niet veilig is.


Slide 13 - Tekstslide

Asiel aanvragen
toestemming vragen om hier te mogen blijven

Slide 14 - Tekstslide

Werk 
Mensen komen vaak als arbeidsmigrant naar Nederland, omdat ze in hun eigen land moeilijk aan werk kunnen komen.
In de jaren zestig kwamen ze veelal uit Spanje, Italië, Turkije en Marokko. 

Tegenwoordig komen de meeste arbeidsmigranten uit de Europese Unie.

Slide 15 - Tekstslide

Gastarbeiders 
We kijken weer een videofragment: 
Geef twee verklaringen waarom er in de jaren 60 veel gastarbeiders naar Nederland kwamen. 

Slide 16 - Tekstslide

Slide 17 - Video

Dekolonisatie
Sommige immigranten komen uit één van de voormalige koloniën van Nederland:
  • Suriname (onafhankelijkheid in 1975).
  • Indonesië (onafhankelijkheid in 1949): Nederlands-Indiërs en Molukkers.
  • De Nederlandse Antillen.

Slide 18 - Tekstslide

koloniën
gebieden buiten het eigen land die gebruikt werden om winst te maken

Slide 19 - Tekstslide

Gezin
Gezinsvorming =>Je laat je partner uit een ander land overkomen om hier te trouwen.

Gezinshereniging =>  Je laat je gezin uit een ander land overkomen om weer samen te kunnen wonen.



-Voorwaarden

Slide 20 - Tekstslide

Toelatingsbeleid
In Nederland gelden steeds strengere regels om als immigrant te worden toegelaten:
  • Werkzoekenden moeten uit de EU komen of een beroep hebben waar een grote vraag naar is.
  • Gezinsvorming en gezinshereniging: minimaal 21 jaar oud zijn en voldoende inkomen hebben.
  • Asielzoekers worden alleen toegelaten als ze ernstig gevaar in eigen land lopen.
  • Iedere nieuwkomer moet slagen voor het inburgeringsexamen.

Slide 21 - Tekstslide

Slide 22 - Video

Allochtoon of autochtoon?
Allochtoon => jij of een van je ouders is in het buitenland geboren (en opgegroeid)
Autochtoon => jij én je beide ouders zijn in Nederland geboren.


We kijken een videofragment:
Noem twee redenen waarom de term allochtoon 
niet meer gebruikt zou moeten worden.

Slide 23 - Tekstslide

Slide 24 - Video

6.4 INTEGRATIE 

Slide 25 - Tekstslide

Wat is een dominante cultuur?
A
De cultuur van een kleine groep binnen een grote cultuur
B
De normen, waarden en gewoonten van de meeste mensen in het land

Slide 26 - Quizvraag

Sinterklaas, Koningsdag, haring, drop en Kerst behoren tot de:
A
Dominante cultuur
B
Subcultuur

Slide 27 - Quizvraag

DEZE LES
6.4 INTEGRATIE

Slide 28 - Tekstslide

WAT IS INTEGRATIE?

Slide 29 - Tekstslide

Je grotendeels aanpassen aan de dominante cultuur in de samenleving waar je woont, met behoud van je eigen cultuur.


WAT IS INTEGRATIE?

Slide 30 - Tekstslide

Slide 31 - Tekstslide

Slide 32 - Tekstslide

Je vervangt bijna alles van de cultuur waar je vandaan komt door de dominante cultuur van het land waar je woont.


WAT IS ASSIMILATIE?

Slide 33 - Tekstslide

Slide 34 - Tekstslide

Als cultuurgroepen niet met elkaar, maar volkomen naast en langs elkaar heen leven.
WAT IS SEGREGATIE?

Slide 35 - Tekstslide

Slide 36 - Tekstslide

ZELF AAN DE SLAG
Maak opdracht:
blz 112 opdr 8
blz 113 opdr 10
blz 116 opdr 4 + 7
blz 117 opdr 8 + 10


Slide 37 - Tekstslide