Het huishouden

Het huishouden
1 / 22
volgende
Slide 1: Tekstslide
BurgerschapPraktijkonderwijsLeerjaar 2

In deze les zitten 22 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Het huishouden

Slide 1 - Tekstslide


Leerdoelen:

  • Wat het huishouden betekent.
  • We leren dat het huishouden van nu anders is dan dat van vroeger.
  • We leren dat er in het huishouden afspraken worden gemaakt.
  • We leren dat het huishouden niet alleen maar gaat om opruimen en afwassen.
  • We gaan zelf een huishouden naspelen.


Slide 2 - Tekstslide

Inleiding
Theorie
Opdrachten
Verwerking
Afsluiting
In de inleiding introduceren we het onderwerp en bekijken we wat jij hier al over weet.
Bij theorie slides krijg je informatie over het onderwerp door tekst, plaatjes, audio en video.
Bij opdrachten testen we je kennis.
We sluiten de les af en blikken terug.
Tijdens de verwerking maak je een opdracht om te controleren of je de les goed hebt begrepen.
Waar
ben ik?

Slide 3 - Tekstslide

Huishouden

Huishouden betekent het op orde houden van het huis. Het rare van huishouden is, dat je het past ziet als je het níét doet.

In deze les kijken we hoe je goed voor jouw huis kunt zorgen en waarom dit belangrijk is.
Waar
ben ik?

Slide 4 - Tekstslide

Respect
Wat weet je al van het huishouden?
Het huishouden

Slide 5 - Woordweb

koken
Koken is eten bereiden. Je kunt op verschillende manieren koken. Door iets te bakken, iets in de oven te doen of door een koude salade te bereiden.
de was doen
Vieze kleding doe je in de was. Veel huishoudens hebben een wasmachine die vieze kleding weer schoonmaakt. De kleren moet je ophangen of in de droger doen.
kamer opruimen
Grote kans dat je dit zelf regelmatig moet doen: je kamer opruimen. Ook dit behoort tot het huishouden.
stofzuigen
Stofzuigen is schoonmaken door alle rotzooi te verwijderen.
boodschappen
Boodschappen zijn spullen die je koopt. Je kunt bijvoorbeeld eten en drinken kopen. Dit kun je op de markt doen of in een winkel (supermarkt).
In het huishouden zijn veel dingen te doen. Hieronder zie je een aantal zaken die vallen onder het huishouden.
Waar
ben ik?

Slide 6 - Tekstslide

Theorie 1
Het huishouden van vroeger
Vroeger leefden veel families hetzelfde. De man ging naar zijn werk en de vrouw deed het huishouden. In sommige landen is dit nog steeds zo. 

Nu is dit in Nederland anders. In steeds meer gezinnen werken de man en de vrouw, en doen zij beiden ook het huishouden. 

Door apparaten, zoals een wasmachine, droger, afwasmachine en stofzuiger, is het huishouden gemakkelijker geworden. Je hoeft minder zelf met de hand te doen. Sommige dingen van vroeger kunnen we nog steeds met de hand doen.


Theorie 1
vroeger
nu
borden met de hand afwassen
afwasmachine
kleding met de hand wassen
wasmachine
vegen met een stoffer en blik
stofzuiger

Slide 7 - Tekstslide

Sleep de taak naar de juiste afbeelding.
strijken
wassen
afwassen
dweilen
stofzuigen
boenen

Slide 8 - Sleepvraag


Hoe ziet jouw huishouden er thuis uit? Wie doet wat? Je mag het ook tekenen en daar een foto van maken.

Slide 9 - Open vraag

Respect
Wat vind jij leuke taken in het huishouden?
Het huishouden

Slide 10 - Woordweb

Respect
Wat vind jij minder leuke taken in het huishouden?
Het huishouden

Slide 11 - Woordweb

Theorie 1
In het huishouden maak je regels met elkaar. Vaak doen ouders en/of verzorgers dit, maar van sommige zaken vind jij misschien ook iets. 

Voorbeelden van regels die thuis gemaakt worden:
  • Bord opruimen als je klaar bent met eten.
  • Schoenen uitdoen als je binnenkomt.
  • Niet met deuren smijten. 
  • Bedtijd en ontbijttijd.

De afspraken die je met elkaar maakt en die jouw ouders maken, helpen bij een goed en georganiseerd huishouden. Soms voorkomt het een ruzie. ;)

Theorie 2
Hoeveel tijd ben je gemiddeld kwijt aan het huishouden per dag?

Slide 12 - Tekstslide


Welke afspraken hebben jullie thuis gemaakt?

Slide 13 - Open vraag


Hoeveel tijd ben jij per dag kwijt aan het huishouden? Noteer elke klus en de hoeveelheid tijd die je daaraan kwijt bent.

Slide 14 - Open vraag

Theorie 1
Doe samen leuke activiteiten.
Bespreek je dag samen met ouders en/of verzorgers, speel een spelletje of ga samen koken.
Een huishouden gaat niet alleen maar om schoonmaken en opruimen. Het gaat ook over gezelligheid in huis. 

Naast afspraken in het huis, heb je ook bepaalde gewoontes die voor veel gezelligheid zorgen. Je bespreekt na een schooldag samen met je vader hoe het was, je kookt samen met je moeder of je speelt na het eten samen een spel. 

Gezelligheid kan op veel verschillende manieren plaatsvinden.


Theorie 3
Vier tips die helpen bij gezelligheid thuis
Maak het gezellig in huis.
In de winter kun je bijvoorbeeld kaarsjes aansteken. Je kunt leuke spulletjes kopen om het gezellig te maken.
Neem vriendjes en vriendinnetjes mee.
Hoe meer mensen hoe gezelliger! :)
Zet een leuk muziekje op.
Je hoeft natuurlijk niet de hele dag een concert in je huiskamer te houden, maar soms kan muziek op de achtergrond helpen.

Slide 15 - Tekstslide


Ga op onderzoek uit. Zoek op YouTube naar een video over het gezellig maken van het huishouden. Lever de link in en leg uit waarom je het een goed filmpje vindt.

Slide 16 - Open vraag


Wat doen jullie om te zorgen dat het thuis gezellig is?

Slide 17 - Open vraag


Wat doe jij om het gezellig te maken thuis?

Slide 18 - Open vraag

Het huishouden:

  • Het huishouden betekent het op orde houden van je huis.
  • Door apparaten, zoals een wasmachine, droger, afwasmachine en stofzuiger, is het huishouden gemakkelijker geworden.
  • Het huishouden is nu beter verdeeld tussen man en vrouw. 
  • In het huishouden maak je afspraken met elkaar om het huishouden goed te organiseren.
  • Het huishouden draait niet alleen om opruimen en afwassen. Het gaat ook om gezelligheid.

Om te 
onthouden

Slide 19 - Tekstslide

Verwerking

Slide 20 - Tekstslide

Theorie 1
Vorm samen met twee klasgenoten een huishouden. Maak een taakverdeling. Hoe gaan jullie ervoor zorgen dat het gezellig bij jullie wordt?

Stap 1: Bespreek samen wat jullie belangrijk vinden in een huishouden en wat je leuk en minder leuk vindt in een huishouden.

Stap 2: Verdeel huishoudelijke taken.

Stap 3: Welke activiteiten gaan jullie doen om het gezellig bij jullie thuis te maken?

Vul samen het werkblad in. Klik hier voor het werkblad.





Instructie

Slide 21 - Tekstslide

Deze les hebben we geleerd wat het huishouden is. De volgende les gaan we het hebben over 'mijn kamer'.

Slide 22 - Tekstslide