Wie weet hoeveel spanning er op onze stopcontacten staat?
230 Volt (V)
Slide 7 - Tekstslide
Stroomkringen
Daarnaast zagen we bij die batterij pijltjes bewegen van plus naar min
Dit noemen we ook wel de stroom(sterkte)
Zolang de stroomkring verbonden is zal er een stroom blijven lopen
Slide 8 - Tekstslide
Stroomkringen
Ook stroom is een grootheid waar jullie mee moeten kunnen rekenen
We geven stroom weer met de letter (I)
De eenheid van stroom is Ampère (A)
Slide 9 - Tekstslide
Slide 10 - Video
Stroomkringen
En die stroomsterkte kan je ook meten!
Slide 11 - Tekstslide
Stroomkringen
Daarnaast hebben we stoffen die goed stroom geleiden
En juist stoffen die goed isoleren
Slide 12 - Tekstslide
Stroomkringen
Wat zou hier goed geleiden, en wat zou juist isoleren?
Slide 13 - Tekstslide
Slide 14 - Video
Schakelschema tekenen
Dan moeten we ook nog schakelschema's kunnen tekenen
En dat is niks anders dan het weergeven van jouw bron, lampje, schakelaar, draad en mogelijk nog wat andere dingen die we gedurende dit hoofdstuk tegenkomen
Hier even een paar tips/regeltjes
Slide 15 - Tekstslide
Schakelschema tekenen
Tekenen doen we met potlood, maak je een foutje dan kan je dit makkelijk gummen
Draden in het schema tekenen we recht, gebruik dus een liniaal of geodriehoek
Overige symbolen teken je uit de losse pols
Slide 16 - Tekstslide
Schakelschema tekenen
De symbolen van vandaag:
Draad:
Spanningsbron
Lampje
Slide 17 - Tekstslide
Schakelschema tekenen
Even oefenen... Probeer eens een schakeling te maken met deze 3 onderdelen. LET OP, je kring moet gesloten zijn!!
Draad:
Spanningsbron
Lampje
Slide 18 - Tekstslide
Een stroomkring is .......
A
Dat er stroom kan lopen van - naar +
B
Dat er stroom kan lopen van x naar y
C
Dat er stroom kan lopen van y naar x
D
Dat er stroom kan lopen van + naar -
Slide 19 - Quizvraag
Welk van onderstaande stof is een geleider?
A
rubber
B
hout
C
lood
D
wol
Slide 20 - Quizvraag
Welk van onderstaande stof is een isolator?
A
zilver
B
papier
C
goud
D
koolstof
Slide 21 - Quizvraag
Vul het ontbrekende woord in: Met een ........... kun me een stroomkring op een nette manier onderbreken!
A
lampje
B
batterij
C
snoer
D
schakelaar
Slide 22 - Quizvraag
Vul het ontbrekende woord in: Een ......... is een bron die elektrische energie levert!!!
A
voltmeter
B
spanningsbron
C
amperemeter
Slide 23 - Quizvraag
Spanning wordt gemeten met een ............
A
amperemeter
B
voltmeter
C
stroommeter
Slide 24 - Quizvraag
De spanning van het lichtnet is .......
A
U= 12 V
B
U= 230 V
C
U= 9 V
D
U = 1,5 V
Slide 25 - Quizvraag
Huiswerk 4.1
Maak opgave 1 tot en met 10
Klaar? Steek even je hand op
timer
5:00
Slide 26 - Tekstslide
Afsluiting
Binnenkort practicum!
Zelf schakelschema's (na)maken met echte onderdelen