Zorgvragers met aandoeningen aan de hersenen deel 2

Zorgvragers met aandoeningen aan de hersenen
Deel 2
1 / 40
volgende
Slide 1: Tekstslide
Verpleging en verzorgingMBOStudiejaar 3

In deze les zitten 40 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 5 videos.

time-iconLesduur is: 120 min

Onderdelen in deze les

Zorgvragers met aandoeningen aan de hersenen
Deel 2

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Symptomen in de acute fase bij hersenletsel zijn ?

Slide 3 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Een trage ontwikkeling waar kan dat mee te maken hebben?

Slide 4 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Op welke gebieden kan een ZEVMB achterstand hebben?

Slide 7 - Open vraag

 Zeer Ernstige Verstandelijke en Meervoudige Beperkingen

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Diagnostische onderzoeken bij hersenletsel
  • EEG 
  • CT-scan 
  • MRI
  • Echo-onderzoek: Op deze manier kan bijvoorbeeld de mate van vernauwing van de halsslagaders worden bekeken.
  • Angiografie: contrastvloeistof in de vaten gespoten, waarna röntgenfoto’s worden gemaakt.
  • Lumbaalpunctie: Het onderzoek wordt gedaan om iets te weten te komen over de samenstelling van de hersenvloeistof.

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Noem twee taken van de verpleegkundige bij het coördineren van zorg in de GHZ

Slide 13 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Als de situatie met een cliënt vastloopt kan er overlegd worden met de CCE. Wat is de CCE
A
Centrum voor consultatie en expertise.
B
Chronisch Conflict expert.

Slide 14 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

CCE
Centrum voor Consultatie en Expertise (CCE) is partner van zorgprofessionals als het gaat om expertise over ernstig probleemgedrag bij mensen die langdurig en/of intensieve professionele zorg en ondersteuning nodig hebben. 

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Cerebrale parese is eigenlijk een verzamelnaam. Het is een aandoening waarbij je moeilijker kunt bewegen, omdat je je spieren niet goed kunt aansturen. Dit komt door een beschadiging in  de hersenen. Die beschadiging is meestal al voor of tijdens de geboorte ontstaan. Soms is het tijdens het eerste levensjaar ontstaan.

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Welke onderzoeken worden gebruikt om cerebrale parese vast te stellen?

Slide 17 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Bij cerebrale parese zie je vaak da cliënten last hebben van "verkrampen" van ledematen. Hoe noem je dit?
A
gespannenheid
B
stijfheid
C
Spasmen
D
contracturen

Slide 18 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Hoe kun je ervoor zorgen dat cliënt zijn spieren weer ontspant?

Slide 19 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Aan de slag
Boek Gehandicaptezorg
Maken en lezen 3.9 en 3.10 Zorgvragers met aandoeningen aan de hersenen

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 24 - Video

partiële epilepsie

Slide 25 - Video

complexe partiële epilepsie 

Slide 26 - Video

tonisch clonische aanval epilepsie

Slide 27 - Video

Abscence epilepsie

Slide 28 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Grote aanval / schokken / verlies van bewustzijn. Dit hoort bij?
A
Absence
B
Eenvoudige aanval
C
Complexe aanval
D
Tonisch clonische aanval

Slide 29 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Staren / 30 seconden. Dit hoort bij?
A
Absence
B
Eenvoudige aanval
C
Complexe aanval
D
Tonisch clonische aanval

Slide 30 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat regelt een bewindvoerder?
A
Alleen financiële zaken
B
Financiële zaken en persoonlijke zorg
C
Gaat in gesprek met collega's en vrienden van cliënt
D
Alleen persoonlijke zorg

Slide 31 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 32 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat regelt een curator?

Slide 33 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 34 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat doet een mentor
A
Regelen van geldzaken
B
Probeert cliënt er zoveel mogelijk buiten te houden.
C
Neemt zo mogelijk samen met cliënt beslissingen op persoonlijk vlak
D
Regelt alleen leuke uitjes en verjaardag cliënt

Slide 35 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 36 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Welke twee wetten zijn van toepassing in de gehandicaptenzorg?

Slide 37 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 38 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 39 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 40 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies