H4 - P4 (2526)

H4 - P4 (2526)
  • PO spreekvaardigheid cultuurpresentatie - week 22 en 23 (weging 15)
       13 lessen tot week 22
  • VT leesvaardigheid TW4 (weging 25)
       5 halve lessen i.v.m. presentaties + 5 lessen (2 lessen uitval i.v.m. taaldorp  
       reken ik niet mee) 


1 / 34
volgende
Slide 1: Tekstslide
SpaansMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4

In deze les zitten 34 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

H4 - P4 (2526)
  • PO spreekvaardigheid cultuurpresentatie - week 22 en 23 (weging 15)
       13 lessen tot week 22
  • VT leesvaardigheid TW4 (weging 25)
       5 halve lessen i.v.m. presentaties + 5 lessen (2 lessen uitval i.v.m. taaldorp  
       reken ik niet mee) 


Slide 1 - Tekstslide

H4 - P4 (2526)
  • PO spreekvaardigheid cultuurpresentatie - week 22 en 23 (weging 15)
  • VT leesvaardigheid TW4 (weging 25)
      


Slide 2 - Tekstslide

¿Qué hacemos hoy?
  • Gramática bron D (TB p. 70) - Zinsbouw
  • Hacemos ejercicios 13 y 14

Slide 3 - Tekstslide

La sintaxis (zinsopbouw) - H6 Bron D 
.



Ejemplo 1
Nuestro Reportero ha entrevistado a Claudia esta semana en Salamanca .
Onze verslaggever heeft Claudia deze week in Salamanca geïnterviewd .

1. tijdsbepaling
2. plaatsbepaling

onderwerp
werkwoorden
(hele gezegde)
Lijdendvoorwerp
Meewerkendvoorwerp
1. tijdsbepaling
2. plaatsbepaling
onderwerp:


Nuesrto Reportero
werkwoord:


ha entrevistado
Lijdendvoorwerp:


a Claudia
Tijdsbepaling/ plaatbespaling

esta semana en Salamanca

Slide 4 - Tekstslide

La sintaxis (zinsopbouw) - H6 Bron D 
.



Ejemplo 2.
Esta semana nuestro reportero ha entrevistado a Claudia en Salamanca.
Deze week heeft onze verslaggever Claudia in Salamanca geïnterviewd.

Ejemplo 3
Esta semana en Salamanca nuestro reportero ha entrevistado a Claudia.
Deze week heeft onze verslaggever Claudia in Salamanca geïnterviewd.

1. tijdsbepaling
2. plaatsbepaling

onderwerp
werkwoorden
(hele gezegde)
Lijdendvoorwerp
Meewerkendvoorwerp
1. tijdsbepaling
2. plaatsbepaling

Slide 5 - Tekstslide

La sintaxis (zinsopbouw) - H6 Bron D
Gezegde = alle ww in de zin
In het Spaans staan alle ww bij elkaar
        Voorbeeld: Va a regresar a España pronto. 
        Ze zal binnenkort naar Spanje terugkeren.

Ontkenning staat altijd VOOR de persoonsvorm
         Voorbeeld: ¿Aún no has terminado?
        Ben je nog niet klaar?

Mvw en lvw staan voor het vervoegde ww óf achter een heel ww
Mvw altijd voor het lvw
        Voorbeeld: Si viene Julia, ¿me la presentas?
        Als Julia komt stel je haar aan mij voor?

Slide 6 - Tekstslide

¿Qué hacemos hoy?
Gramática bron D (TB p. 70) - Zinsbouw
  • Corregimos ejercicio 13
  • Hacemos ejercicio 14 (p. 104) + ejercicio 29 (p. 72-74)

Slide 7 - Tekstslide

Slide 8 - Video

¿Qué hacemos hoy?
Gramática bron J (TB p. 63) - Trappen van vergelijking
  • Corregimos ejercicio 29
  • Hacemos ejercicio 30 - niet gedaan
  • Quiz zinsopbouw + trappen van vergelijking - eerste 4 gedaan

Slide 9 - Tekstslide

Tijdsbepaling
plaatsbepaling
tijdsbepaling
plaatsbepaling
gezegde
lvw / mvw
onderwerp
Zet de zinsdelen in goede volgorde. Denk aan de zinsbouw van een Spaanse zin. 
1
2
3
4
5
6
7

Slide 10 - Sleepvraag

Marta
un regalo
comprado
ha
esta mañana
en la ciudad de Amsterdam
Zet de zinsdelen in goede volgorde. Denk aan de zinsbouw van een Spaanse zin. BEGIN MET DE ROZE.
1
2
3
4
5
6

Slide 11 - Sleepvraag

Trappen van vergelijking
Jouw auto is net zo mooi als de mijne.
A
tan bonito como
B
tan bonito que

Slide 12 - Quizvraag

Trappen van vergelijking
Kies de juiste vertaling.
Een koffie is net zo duur als een thee.
A
tan caro como
B
tan caro que

Slide 13 - Quizvraag

¿Qué hacemos hoy?
Gramática bron J (TB p. 63) - Trappen van vergelijking
  • Hacemos ejercicio 9 (p. 57, 58) - leesvaardigheid
  • Hacemos ejercicio 30 (p. 74, 75) - trappen van vergelijking
  • Quiz zinsopbouw + trappen van vergelijking
Hoy es martes, el 7 de abril

Slide 14 - Tekstslide

Trappen van vergelijking:
Mijn moeder is de slimste.
A
Mi madre es la más inteligente.
B
Mi madre es mejor.
C
Mi madre es tan inteligente.
D
Mi madre es más inteligente.

Slide 15 - Quizvraag

Trappen van vergelijking
Kies de juiste vertaling
Jouw cijfer is beter dan mijn cijfer.
A
más buena que
B
mejor que
C
peor que
D
mucho bueno que

Slide 16 - Quizvraag

Trappen van vergelijking
Kies de juiste vertaling.
Deze broek kost minder dan de rok.
A
cuesta menos que
B
cuesta mas que
C
cuesta más que
D
cuesta tan como

Slide 17 - Quizvraag

Trappen van vergelijking
Kies de juiste vertaling.
Jij eet net zoveel als ik
A
tan como yo
B
tanto como yo
C
tan que yo
D
tan como yo

Slide 18 - Quizvraag

Trappen van vergelijking
Kies de juiste vertaling.
Amsterdam is minder grote dan Barcelona.
A
más pequeña que
B
menos pequeña que
C
más grande que
D
menos grande que

Slide 19 - Quizvraag

Trappen van vergelijking
Kies de juiste vertaling.
Amsterdam is kleiner dan Barcelona.
A
más pequeña que
B
menos pequeño que
C
más grande que
D
más pequeño

Slide 20 - Quizvraag

Trappen van vergelijking
Kies de juiste vertaling
Een fiets is minder snel dan een motor.
A
menos rápida que
B
más rápida que
C
menos rápida como
D
tan rápida como

Slide 21 - Quizvraag

Vertaal de vergelijking die tussen haakjes in het Spaans en vul in vorm van de vergrotende trap. (más+bijv+que)

China es (groter dan)___________________ que los Estados Unidos.

Slide 22 - Open vraag

Vertaal de vergelijking die tussen haakjes in het Spaans en vul in vorm van de vergrotende trap. (más+bijv+que)

La canción de Shakira es(beter dan)___________________ que la canción de Béyonce.

Slide 23 - Open vraag

Bueno/a (goed) wordt in een vergelijking...

Slide 24 - Open vraag

Pequeño (klein, met leeftijd) wordt in een vergelijking...

Slide 25 - Open vraag

Vergelijk 2 truien die je om je heen ziet. De trui = el jersey

Slide 26 - Open vraag

¿Qué hacemos hoy?

  • Corregimos el ejercicio 9 (p. 57, 58) - leesvaardigheid
  • Corregimos el ejercicio 30 (p. 74, 75) - trappen van vergelijking
  • Hacemos el ejercicio 22 (p. 67, 68)
Hoy es jueves, el 9 de abril

Slide 27 - Tekstslide

Corregimos ejercicio 30a
1. Mi hermano es menor que yo.
2. Mi raqueta es peor que su raqueta.
3. El vestido es más ancho que la falda.
4. La primera es mejor que la última colección.
5. Un abrigo normal es menos moderno que un abrigo con energía solar.
6. En general, los zapatos son menos caros que las botas.
7. Tu padre es menos estricto que tu madre.

Slide 28 - Tekstslide

Cultuurpresentatie
1 Je presenteert in duo's.
2 Je spreek in het Spaans.
3 Jullie mogen zelf een thema kiezen.
4 Een stuk of 3 lessen op school en de rest thuis.
5 Je geeft feedback op de presentaties van je klasgenoten.
7 Een "extraatje" wordt beloond in het resultaat, bijv. een extra quiz, een traktatie, een gerechtje dat je gemaakt hebt, een video met muziek of iets anders creatiefs. Extra moeite wordt beloond, het moet origineel zijn.
8 Je schrijft je tekst zelf, m.b.v. een woordenboek (niet ChatGPT etc.)

DOEL = zinnen maken en spreken in het Spaans + informatie overbrengen op je publiek

Slide 29 - Tekstslide

Voorbeelden van onderwerpen:
- Een bepaalde streek in Spanje, bijvoorbeeld Andalusië of Baskenland.
- Een bepaald gebruik, bijvoorbeeld het eten van tapas, siësta houden
- Vieringen, bijvoorbeeld Semana Santa (Pasen), El día de los Muertos, La Tomatina, Las Fallas, San Fermín etc.
- Een land in Latijns-Amerika
- Spaanstalige muziek en/of dans (tango, flamenco, salsa, merengue, bachata etc.)
- Over de Inca's en/of Maya's en/of Azteken
                                                                             Maar eigen inbreng is meer dan welkom!

Slide 30 - Tekstslide

Planning laatste deel periode 4
Vandaag en morgen: voorbereiden presentaties.

Volgende week: leesvaardigheid (eventueel do 21 mei aan de presentaties)
26, 28 mei + 1, 2, 8 juni: afname presentatie, 2 per les. Rest van de les lezen.

Daarna nog 7 lessen tot aan de TW voor leesvaardigheid.

Start TW4 is op vrijdag 26 juni.


Slide 31 - Tekstslide

Gekozen onderwerpen (willekeurige volgorde)
Stierenvechten (Maud, Sophie)
Flamenco (Yfke, Isabelle)
La Tomatina ( Jasmijn, Shania)
El Día de los muertos (Dunya, Naomi)
México (Isis, Hana)
Argentinië (Quint, Quincy)
La historia peruana (Abe, Rafael)
La Reina Máxima (Eva, Dijn)
Frida Kahlo (Ines, Jasmijn)
Barcelona (Olivier, Tijn)

Afname vanaf dinsdag 26 mei, elke les start met 2 presentaties. Daarna lezen.

26, 28 mei
1, 2, 8 juni

Voorkeur doorgeven mag, geen garantie.

Slide 32 - Tekstslide

Cultuurpresentatie
1 Je presenteert in duo's m.b.v. een powerpoint. 
2 Je spreek in het Spaans op het niveau van de klas.
3 Jullie mogen zelf een thema kiezen.
4 Een stuk of 3 lessen op school en de rest thuis.
5 Je geeft feedback op de presentaties van je klasgenoten.
7 Een "extraatje" wordt beloond in het resultaat, bijv. een extra quiz, een traktatie, een gerechtje dat je gemaakt hebt, een video met muziek of iets anders creatiefs. Extra moeite wordt beloond, het moet origineel zijn.
8 Je schrijft je tekst zelf, m.b.v. een woordenboek (niet ChatGPT etc.)

DOEL = zinnen maken en spreken in het Spaans + informatie overbrengen op je publiek

Slide 33 - Tekstslide

Aandachtspunten:
- De powerpoint wordt meegenomen in de beoordeling, maar de inhoud is vele malen belangrijker dan de lay-out. Besteed daar dus de meeste tijd aan!
- Zorg dat jullie beide evenveel aan het woord zijn.
- Spreek in taal die de klas begrijpt.
- Leg moeilijke begrippen (in het Spaans) uit.
- Is je onderwerp groot (bijv. een land), kies dan een paar aspecten waar je dieper op in gaat.
- Zorg dat je genoeg tijd hebt om hardop te oefenen, liefst samen.
- Een 'spiekbriefje' is toegestaan, maar let op: alleen steekwoorden (GEEN zinnen) en je laat het vóór de presentatie aan de docent zien + lever het na afloop in.

DOEL = zelf zinnen maken en spreken in het Spaans + informatie overbrengen op je publiek

Slide 34 - Tekstslide