In deze les zitten 18 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.
Lesduur is: 70 min
Onderdelen in deze les
Slide 1 - Tekstslide
Deze slide heeft geen instructies
Language & Literature
Signaalwoorden
Slide 2 - Tekstslide
Deze slide heeft geen instructies
Startklaar
Op je plek zitten
Telefoon in het Zakkie
Jas over de stoel, oortjes in de tas, tas op de grond
Schoolspullen op tafel: Boek, Chromebook, JdW-map, etui
timer
3:00
Slide 3 - Tekstslide
1. Startklaar
Bij de start van iedere les verwelkomt de docent de leerlingen bij de ingang van de deur, noemt leerlingen bij naam, maakt oogcontact en besteedt aandacht aan hun welbevinden. De docent geeft het goede voorbeeld en spreekt hoge verwachtingen uit voor het verloop van de les door succescriteria op gewenst gedrag, schooltaal en effectief leren te benoemen. De leerlingen zijn startklaar: ingelogd in LessonUp, telefoons opgeborgen in het Zakkie, en JdW-map op tafel.
A: Analyzing → herkennen van kenmerken van communicatievormen
B: Organizing → structuur en opbouw (plannen/script)
C: Producing text → kwaliteit van communicatie (taal + lichaamstaal)
D: Using language → correct en passend taalgebruik
Eindopdracht:
✔ Stripverhaal (plannen)
✔ Verbeterde versie van betoog (herzien)
✔ Storyboard + script video
Slide 6 - Tekstslide
Deze slide heeft geen instructies
Waar gebruik je signaal woorden voor?
Slide 7 - Woordweb
2. Voorkennis activeren
De docent activeert relevante voorkennis aan de hand van een terugblik-opdracht, waarbij eventueel een beroep op de thuistalen wordt gedaan. Op deze manier biedt de docent een kapstok om nieuwe stof te verbinden aan de eerder geleerde stof en richting te geven aan het verdere verloop van de les. Tegelijkertijd worden hiermee misconcepties van leerlingen zichtbaar gemaakt, waar de docent vervolgens gericht op in kan spelen.
Welke signaal woorden ken je allemaal?
Slide 8 - Woordweb
2. Voorkennis activeren
De docent activeert relevante voorkennis aan de hand van een terugblik-opdracht, waarbij eventueel een beroep op de thuistalen wordt gedaan. Op deze manier biedt de docent een kapstok om nieuwe stof te verbinden aan de eerder geleerde stof en richting te geven aan het verdere verloop van de les. Tegelijkertijd worden hiermee misconcepties van leerlingen zichtbaar gemaakt, waar de docent vervolgens gericht op in kan spelen.
Leerdoelen
Vandaag herhaal je wat signaal woorden zijn. Je gaat extra oefenen met zinnen langer maken met de juiste signaal woorden.
Slide 9 - Tekstslide
3. Leerdoelgericht werken
De docent geeft het onderwerp, RTTI geformuleerde leerdoelen en de lesopbouw aan. De docent weet de leerdoelen goed te laten aansluiten bij de voorkennis en het (taal)niveau van de leerlingen. Gedurende de les wordt continu een terugkoppeling naar de leerdoelen gemaakt om de mate van beheersing te controleren.
Instructie
Signaal woorden kun je gebruiken om zinnen langer te maken. Tijdens de verschillende verhalen die jullie geschreven hebben werden ze al redelijk goed gebruikt echter denk ik dat jullie dit nog meer zouden kunnen gebruiken.
Waar zit het signaalwoord in deze zin? ;)
Slide 10 - Tekstslide
4. Inclusieve didactiek
De docent past diverse strategieën toe om de betrokkenheid van alle leerlingen te garanderen. Door regelmatig het begrip van de lesstof te controleren en zo nodig de uitleg aan te passen, blijft de stof toegankelijk voor iedereen. Flexibele en heterogene differentiatie ondersteunt dit proces. Interactie in de klas wordt versterkt door het gebruik van thuistalen. Verder creëert de docent een contextrijke en inclusieve leeromgeving door (culturele) achtergronden in de lesstof te integreren. Door positief en proactief op leerlinggedrag te reageren, wordt het voor leerlingen makkelijker om gewenst gedrag te tonen en actief deel te nemen aan de les.
Instructie
De eerste mensen communiceerden waarschijnlijk vooral met gebaren taal, omdat...
De eerste mensen communiceerden waarschijnlijk vooral met gebaren taal, maar...
De eerste mensen communiceerden waarschijnlijk vooral met gebaren taal, dus...
Slide 11 - Tekstslide
5. Concrete en herkenbare voorbeelden
De docent maakt gebruik van praktische en concrete voorbeelden die voor leerlingen herkenbaar zijn in hun eigen leefwereld om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent doet hierbij een beroep op dual coding. Door het visuele en het verbale te combineren vergroot de docent de kans dat lesstof beter bij de leerlingen blijft beklijven.
De opdracht van vandaag:
Tijdens I&S hebben jullie de voor- en nadelen van verschillende communicatiemiddelen op geschreven. Deze informatie mogen jullie gebruiken om deze opdracht uit te voeren.
Waar zit het signaalwoord in deze zin? ;)
Slide 12 - Tekstslide
4. Inclusieve didactiek
De docent past diverse strategieën toe om de betrokkenheid van alle leerlingen te garanderen. Door regelmatig het begrip van de lesstof te controleren en zo nodig de uitleg aan te passen, blijft de stof toegankelijk voor iedereen. Flexibele en heterogene differentiatie ondersteunt dit proces. Interactie in de klas wordt versterkt door het gebruik van thuistalen. Verder creëert de docent een contextrijke en inclusieve leeromgeving door (culturele) achtergronden in de lesstof te integreren. Door positief en proactief op leerlinggedrag te reageren, wordt het voor leerlingen makkelijker om gewenst gedrag te tonen en actief deel te nemen aan de les.
Aan de slag
Vul de zin steeds op de juiste manier aan. Gebruik hiervoor de opdracht die jullie tijdens I&S hebben uitgevoerd. Schrijf de zinnen helemaal over, met het juiste signaalwoord en maak de zin kloppend af.
Slide 13 - Tekstslide
6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. De docent start met modelleren en laat leerlingen vervolgens actief inoefenen. Volgens het 'ik-wij-jullie/jij-wij' principe wordt de ondersteuning geleidelijk afgebouwd. Er wordt gevarieerd in oefentypes en het leerproces wordt zichtbaar gemaakt, bijvoorbeeld met hardop denken opdrachten. Effectieve leerstrategieën zoals zelftesten, gespreid leren, schema’s maken, en samenvatten volgens de Cornell-methode worden expliciet aangeleerd. Dit herkneden van de lesstof helpt bij het bewerken van het lange termijn geheugen.
Samen
Met de telefoon kun je direct met iemand aan de andere kant van de wereld praten, omdat ….
Met de telefoon kun je direct met iemand aan de andere kant van de wereld praten,
maar …..
Met de telefoon kun je direct met iemand aan de andere kant van de wereld praten,
dus …..
Slide 14 - Tekstslide
6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. De docent start met modelleren en laat leerlingen vervolgens actief inoefenen. Volgens het 'ik-wij-jullie/jij-wij' principe wordt de ondersteuning geleidelijk afgebouwd. Er wordt gevarieerd in oefentypes en het leerproces wordt zichtbaar gemaakt, bijvoorbeeld met hardop denken opdrachten. Effectieve leerstrategieën zoals zelftesten, gespreid leren, schema’s maken, en samenvatten volgens de Cornell-methode worden expliciet aangeleerd. Dit herkneden van de lesstof helpt bij het bewerken van het lange termijn geheugen.
Zelfstandig
Maak alle zinnen kloppend.
Extra:
Ken jij zelf nog andere signaal woorden?
Schrijf bij iedere communicatiemiddel een nieuwe zin met een zelf gekozen signaalwoord. Let op, je gebruikt steeds een ander signaalwoord.
timer
20:00
Slide 15 - Tekstslide
6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. De docent start met modelleren en laat leerlingen vervolgens actief inoefenen. Volgens het 'ik-wij-jullie/jij-wij' principe wordt de ondersteuning geleidelijk afgebouwd. Er wordt gevarieerd in oefentypes en het leerproces wordt zichtbaar gemaakt, bijvoorbeeld met hardop denken opdrachten. Effectieve leerstrategieën zoals zelftesten, gespreid leren, schema’s maken, en samenvatten volgens de Cornell-methode worden expliciet aangeleerd. Dit herkneden van de lesstof helpt bij het bewerken van het lange termijn geheugen.
Terugkijken
op de leerdoelen
Lees een zin voor.
Is de zin kloppend? Wat klopt er wel/niet?
Slide 16 - Tekstslide
8. Afsluiting
De docent controleert in de slotfase van de les of de leerdoelen door alle leerlingen behaald zijn en plaatst de les in de context van de betreffende periode. De docent evalueert samen met de leerlingen het leren en het gedrag en blikt vooruit aan de hand van de JdW-planner.
Ik vond deze les wel leuk, maar...
Ik vond deze les wel leuk, omdat...
Ik vond deze les wel leuk, dus...
Slide 17 - Open vraag
8. Afsluiting
De docent controleert in de slotfase van de les of de leerdoelen door alle leerlingen behaald zijn en plaatst de les in de context van de betreffende periode. De docent evalueert samen met de leerlingen het leren en het gedrag en blikt vooruit aan de hand van de JdW-planner.