Startrekenen 1F - Hoofdstuk 1 - 1.1 Cijfers en getallen

Rekenen
Getallen

Even en oneven getallen
1 / 30
volgende
Slide 1: Tekstslide
RekenenPraktijkonderwijsLeerjaar 3

In deze les zitten 30 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 60 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Rekenen
Getallen

Even en oneven getallen

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Aan het eind van deze les.
  • Kan ik benoemen of een getal even of oneven is.
  •  Kan ik de waarde van een getal benoemen.
  •  Kan ik getallen op een getallenlijn plaatsen.


Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Welk symbool hoort op de stippenlijn?

1 87 ...... 1 83

A
>
B
<
C
=
D
Weet ik niet

Slide 3 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Even / Oneven
Even getallen: Kun je door 2 delen. 
Dus eindigen op:  0 - 2 - 4 - 6 - 8
Dit kan je eerlijk in 2 gelijke groepen verdelen. 
2 : 2 = allebei 1. 
4 : 2 = allebei 2.

Oneven getallen: Kun je niet door 2 delen.
Dus eindigen op: 1 - 3 - 5 - 7 - 9
3 : 2 = 1,5
5 : 2 = 2,5
Het kan niet eerlijk verdeeld worden.

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Voorbeeld even getallen

Voorbeeld oneven getallen

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Dit is een .......getal

11
A
Even
B
Oneven

Slide 6 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Dit is een .......getal

200
A
Even
B
Oneven

Slide 7 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Dit is een .......getal

44
A
Even
B
Oneven

Slide 8 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Dit is een .......getal

99
A
Even
B
Oneven

Slide 9 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Dit is een .......getal

86
A
Even
B
Oneven

Slide 10 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat hoort bij elkaar?
1
33
45
17
95
4
68
96
54
36
even getallen
oneven getallen

Slide 11 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

Waarde van getallen:
De plaats van een cijfer in een getal bepaalt de waarde van het cijfer.
D      Duizendtal   1000
H      Honderdtal    100
T       Tiental                10
E       Eenheid                1



Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 13 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Welke waarde heeft de 8 in dit getal?

781
A
Eenheid
B
Tiental
C
Honderdtal
D
Duizendtal

Slide 14 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welke waarde heeft de 5 in dit getal?

2507
A
Eenheid
B
Tiental
C
Honderdtal
D
Duizendtal

Slide 15 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welke waarde heeft de 8 in dit getal?

817
A
Eenheid
B
Tiental
C
Honderdtal
D
Duizendtal

Slide 16 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welke waarde heeft de 9 in dit getal?

719
A
Eenheid
B
Tiental
C
Honderdtal
D
Duizendtal

Slide 17 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welke waarde heeft de 1 in dit getal?

341 782
A
Eenheid
B
Tiental
C
Honderdtal
D
Duizendtal

Slide 18 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Getallen ordenen op
de getallenlijn

  • Een getallenlijn is een lijn met streepjes waarop je getallen kunt plaatsen en ordenen.
  • Een getallenlijn helpt je om te zien in welke volgorde getallen staan. Het is een hulpmiddel om simpele optel- en aftreksommen uit te rekenen.

Slide 19 - Tekstslide

Het doel van de getallenlijn is optel- en aftreksommen over het tiental tot 100 en tot 1000 goed leren maken. Door het werken met de getallenlijn wordt het inzicht in optel- en aftreksommen bevorderd.
Een getallenlijn hoeft niet bij 0 te beginnen.
Kijk maar naar de onderste getallenlijn.

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Koppel de getallen aan de juiste getallenlijn.
Kijk goed waar de getallenlijn begint!!
471
66
251

Slide 21 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

Symbolen:

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Sleep het getal naar de juiste plek op de getallenlijn.
795
760
800
775
790
770
785

Slide 23 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welk symbool hoort op de stippenlijn?

negen ...... 9

A
>
B
<
C
=
D
Weet ik niet

Slide 24 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welk symbool hoort op de stippenlijn?

201 ...... 2001

A
>
B
<
C
=
D
Weet ik niet

Slide 25 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welk symbool hoort op de stippenlijn?

115 ...... 150

A
>
B
<
C
=
D
Weet ik niet

Slide 26 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welk symbool hoort op de stippenlijn?

21 ...... eenentwintig

A
>
B
<
C
=
D
Weet ik niet

Slide 27 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Zet de getallen in de juiste volgorde.
Begin bij het kleinste getal.

1097 / 799 / 917 / 1790 / 177

timer
15:00

Slide 28 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Begrijp je alles wat ik heb uitgelegd?
0100

Slide 29 - Poll

Deze slide heeft geen instructies


Wat vond je van deze les?
😒🙁😐🙂😃

Slide 30 - Poll

Deze slide heeft geen instructies