24-25 Week 3 RB MC 2 Weer en klimaat

WEER EN KLIMAAT
1 / 97
volgende
Slide 1: Tekstslide
AardrijkskundeSecundair onderwijs

In deze les zitten 97 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

WEER EN KLIMAAT

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Welke 5 weerselementen zijn er?

Slide 2 - Open vraag

1. temperatuur
2. neerslag
3. windsnelheid
4. windrichting
5. luchtdruk
Windrichting
Luchtdruk
Neerslag
Temperatuur
Windsnelheid
Barometer
Pluviometer
Anemometer
Thermometer
Windvaan

Slide 3 - Sleepvraag

1. temperatuur in °C
2. neerslag in mm
3. windsnelheid in km/u
4. windrichting in NOZW
5. luchtdruk in hPa 
Even herhalen...

Slide 4 - Tekstslide

De wind waait op donderdag uit het westen.
De wind komt op één dag na altijd uit het zuiden.
De temperatuur is maximaal 16 °C.
De wind waait nooit harder dan 35 km/h.
Er wordt regen verwacht op vrijdag, zaterdag en zondag.


Welke stelling is fout?
A
De wind waait op donderdag uit het westen.
B
De temperatuur is maximaal 16°C.
C
De wind waait nooit harder dan 35km/h.
D
Er wordt regen verwacht op vrijdag, zaterdag en zondag.

Slide 5 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 7 - Tekstslide

°F: niet verdeeld over 100, maar over 180 stappen tussen vriespunt en kookpunt water.

Kelvin: geen negatieve getallen (in labo's). 
Toerisme aan de Belgische Kust

Slide 8 - Tekstslide

De Belgische Kust is een populaire bestemming voor een vakantie of een dagtrip. 
In deze grafiek vind je welke maanden de Belgische Kust het meest populair is. 


In welk seizoen zijn er het meeste overnachtingen aan de kust?
A
lente
B
zomer
C
herfst
D
winter

Slide 9 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Temperatuurcurve Knokke-Heist

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


In welk seizoen is de temperatuur het hoogst?
A
lente
B
zomer
C
herfst
D
winter

Slide 11 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Aantal overnachtingen
Temperatuurcurve

Slide 12 - Tekstslide

We zien een verband tussen de temperatuur en het aantal overnachtingen aan de kust!
Ook in april is er een lichte stijging = paasvakantie
isothermen

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 14 - Tekstslide

Zie je op deze kaart een hittegolf? NEE
isothermen
ATLAS:
kaart gemiddeld aantal uren zonneschijn in België.

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is het gemiddeld aantal uren zonneschijn per dag in Mont Rigi?
A
4,0-4,1u
B
3,9-4,0u
C
dat staat niet op de kaart
D
4,4-4,5u

Slide 16 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat is de gemiddelde julitemperatuur in Kleine Brogel?
A
18-18,5 °C
B
16-16,5 °C
C
19-19,5 °C
D
18,5-19°C

Slide 17 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 18 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Neerslag in Knokke-Heist

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


Welke stelling klopt volgens de grafiek?
A
In maart viel er minder neerslag dan in april + mei.
B
In maart viel er meer neerslag dan in april + mei.
C
In maart viel er evenveel neerslag dan in april + mei.
D
In maart viel er minder neerslag dan in april en mei samen.

Slide 21 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Aantal overnachtingen
Neerslag

Slide 22 - Tekstslide

We zien een verband tussen de neerslag en het aantal overnachtingen aan de kust!
De zomer is een populaire periode om naar de zee te trekken. Doordat we dagelijks het weer meten, kunnen we ook terugkijken in de geschiedenis. Zo valt het op dat het in de zomer altijd warmer is dan in de winter.
Droogte wordt erger: 85 procent van de grondwaterstanden historisch laag

Slide 23 - Tekstslide

In het nieuws duiken er regelmatig doemberichten op over het weer.
Over welk weerelement gaat dit nieuwsbericht? neerslag
Zoek in de atlas naar een kaart van de gemiddelde jaarneerslag in België.

isohyeten
< Gr. iso (gelijk) + huetos (regen)
ATLAS:
kaart gemiddelde jaarneerslag in België.

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hoeveel mm neerslag valt er gemiddeld per jaar in Florennes?
A
700-800
B
800-900
C
900-1000
D
1000-1100

Slide 25 - Quizvraag

atlas p.16 F

Slide 26 - Tekstslide

Zie je op deze kaart de droogtes? NEE
Van 1 om de 4 jaar, naar minstens 1 per jaar: 'nieuwe standaard' voor hittegolven in België, u went er maar beter aan

Slide 27 - Tekstslide

In het nieuws duiken er regelmatig doemberichten op over het weer.
Over welk weerelement gaat dit nieuwsbericht? temperatuur
Zoek in de atlas naar een kaart van de gemiddelde jaartemperatuur in België.

3. Windrichting

Slide 28 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

4. windsnelheid

Slide 29 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 30 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

5. luchtdruk

Slide 31 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

isobaren
< Gr. báros (zwaarte, druk)

Slide 32 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 33 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Welke luchtdruk komt overeen met mooi weer?
A
Hoge druklucht
B
Lage luchtdruk
C
Lage luchtbaren
D
Hoge luchtdruk

Slide 34 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat doet warme lucht?
A
Blijft hangen
B
Naar beneden gaan
C
Omhoog stijgen
D
Het gaat alle kanten uit

Slide 35 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 36 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 37 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 38 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 39 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Weer

-> dat wat vandaag of in de nabije toekomst zal zijn. Voorbeeld: Vandaag en morgen zal de zon schijnen. 
Klimaat

-> berekent de gemiddelde toestand van temperatuur en neerslag over 30 jaar

Slide 40 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Weer
Klimaat

Slide 41 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

KLIMAATZONE

Slide 42 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Op basis van temperatuur én neerslag

Slide 43 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Klimaatzones
We onderscheiden drie grote klimaatzones op basis van temperatuur:
  1. Koud
  2. Gematigd
  3. Warm

Slide 44 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Koude klimaatzone
Maandtemperatuur ligt altijd lager dan 10°C


Slide 45 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Gematigde klimaatzone
Maandtemperatuur ligt bij minstens 1 maand tussen 10°C en 18°C


Slide 46 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Warme klimaatzone
Maandtemperatuur altijd hoger dan 18°C.
- Woestijnen
- Tropische savanne
- Tropisch regenwoud

Slide 47 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

KLIMAATTYPE

Slide 48 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Het klimaat in de atlas
ATLAS:
kaart klimaat in Europa (en in België).

Slide 49 - Tekstslide

Zoek in de atlas naar een kaart van het klimaat van Europa.
Wat is het klimaat voor België? (koel)gematigd met zachte winter
Wat is het klimaat in België?
A
koelgematigd met koude winter
B
koelgematigd met zachte winter
C
warmgematigd met natte winter
D
warmgematigd met natte zomer

Slide 50 - Quizvraag

atlas p. 156 + legende zijflap achter
Wat is het klimaat in Zuid-Portugal?
A
warmgematigd met koude winter
B
koelgematigd met zachte winter
C
warmgematigd met natte winter
D
warmgematigd met natte zomer

Slide 51 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Het klimaat in de atlas
ATLAS:
kaart klimaat in Europa (en in België).

Slide 52 - Tekstslide

Zoek in de atlas naar een kaart van het klimaat van Europa.
Wat is het klimaat voor België? (koel)gematigd met zachte winter
Op basis van temperatuur én neerslag

Slide 53 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

1.
2a.
2b.
3.
1. koud
2. warm
3. nat
4. droog

Slide 54 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Het klimaat bepalen met een klimatogram

Slide 55 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 56 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Temperatuur
Neerslag

Slide 57 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Temperatuur
Neerslag

Slide 58 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Temperatuur
Neerslag

Slide 59 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Temperatuur
Neerslag

Slide 60 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Temperatuur
Neerslag

Slide 61 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Temperatuur
Neerslag

Slide 62 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Temperatuur
Neerslag

Slide 63 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Welke verschillen in de klimatogrammen zijn merkbaar op basis van die twee weerelementen?
Madrid

Slide 64 - Tekstslide

- Ukkel: koelgematigd met zachte winter (loofwoud)

- Madrid: warmgematigd met natte winter (hardbladige vegetatie)
Op basis van temperatuur én neerslag

Slide 65 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is de warmste maand in Neiva?
A
maart
B
augustus
C
september
D
oktober

Slide 66 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Op basis van het klimatogram weten we dat Neiva is gelegen in de .... klimaatzone (vul in):
A
koude
B
warme
C
gematigde

Slide 67 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Hoeveel droge maanden heeft Neiva?
A
0
B
4
C
8
D
12

Slide 68 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welk klimaattype heeft Neiva?

Gebruik de determineertabel!
A
warm en droog
B
warm met nat seizoen
C
warm altijd nat
D
warmgematigd met droge zomer

Slide 69 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat is de Tk in Ukkel?
A
2,5°C
B
9,8°C
C
67
D
3,2°C

Slide 70 - Quizvraag

Tk = temperatuur van de koudste maand
Wat is de Tw in Ukkel?
A
15,5°C
B
17,2°C
C
17,0°C
D
9,8°C

Slide 71 - Quizvraag

TW = temperatuur van de warmste maand
Dus in welke klimaatzone ligt Ukkel?
A
Koude klimaatzone
B
Gematigde klimaatzone
C
Warme klimaatzone

Slide 72 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welk klimaattype heeft Ukkel?

Gebruik de determineertabel!
A
koelgematigd met strenge winter
B
koud met dooiseizoen
C
warmgematigd met natte winter
D
koelgematigd met zachte winter

Slide 73 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welke verschillen in de klimatogrammen zijn merkbaar op basis van die twee weerelementen?
Madrid

Slide 74 - Tekstslide

- Ukkel: koelgematigd met zachte winter (loofwoud)

- Madrid: warmgematigd met natte winter (hardbladige vegetatie)
Welke verschillen in de klimatogrammen zijn merkbaar op basis van die twee weerelementen?
Madrid
Ukkel: koelgematigd met zachte winter (loofwoud)

Slide 75 - Tekstslide

- Ukkel: koelgematigd met zachte winter (loofwoud)

- Madrid: warmgematigd met natte winter (hardbladige vegetatie)
Welke verschillen in de klimatogrammen zijn merkbaar op basis van die twee weerelementen?
Madrid
Ukkel: koelgematigd met zachte winter (loofwoud)
Madrid: warmgematigd met natte winter (hardbladige vegetatie)

Slide 76 - Tekstslide

- Ukkel: koelgematigd met zachte winter (loofwoud)

- Madrid: warmgematigd met natte winter (hardbladige vegetatie)
AAR MC 2 (week 3)
p. 2: bepaal klimaattype Mango en Ganzhou.

Slide 77 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

AAR MC 2 (week 3)
Mango: warm met nat seizoen (altijd warmer dan 18 °C + 5 droge maanden) = tropische savanne.

Ganzhou: warmgematigd altijd nat (subtropisch regenwoud). 

Slide 78 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 79 - Link

Deze slide heeft geen instructies

Afhankelijkheid van de temperatuur door de ligging

ten opzichte van de breedteligging

Slide 80 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hoe verder 
van de evenaar verwijderd, 
hoe kouder 
het gemiddeld wordt. 

Slide 81 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 82 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Afhankelijkheid van de temperatuur door de ligging

ten opzichte van de afstand tot de oceaan of zee

Slide 83 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Zeewater onderdrukt de koudste en warmste temperaturen.

Slide 84 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 85 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Afhankelijkheid van de temperatuur door de ligging

ten opzichte van de hoogteligging

Slide 86 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hoe hoger een gebied ligt, hoe kouder:
           ongeveer 0.8 °C kouder per 100 m hoger! 

Slide 87 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 88 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Afhankelijkheid van de neerslag door de ligging

ten opzichte van de breedteligging

Slide 89 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hoe dichter het gebied bij de keerkringen ligt, hoe droger. 

Slide 90 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 91 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Afhankelijkheid van de neerslag door de ligging

ten opzichte van de afstand tot de oceaan of zee

Slide 92 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies



Hoe dichter bij de zee, hoe meer neerslag.

Slide 93 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

AAR MC 3 (week 3)
p. 1: bepaal klimaattype Bergen (Noorwegen).

Slide 94 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

AAR MC 3 (week 3)
Bergen: koelgematigd met zachte winter (loofwoud)
veel neerslag: dicht bij zee (veel waterdamp)
lage gemiddelde jaartemperatuur: ver van evenaar (kouder), afkoelend effect van zee. 

Slide 95 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

KMI: klimatogram van jouw droombestemming
https://www.meteo.be/nl/klimaat/klimaat-in-de-wereld/klimatogrammen-wereldwijd-1991-2020

Slide 96 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 97 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies