H6.2 les 1

HV2 H6.2 Gevolgen klimaatveranderingen
1 / 43
volgende
Slide 1: Tekstslide
AardrijkskundeMiddelbare schoolhavoLeerjaar 2

In deze les zitten 43 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 6 videos.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

HV2 H6.2 Gevolgen klimaatveranderingen

Slide 1 - Tekstslide

Gevolgen klimaatveranderingen

Slide 2 - Woordweb

Waar is in de zomer de temperatuur het hoogst in Nederland?

A
In de steden
B
Op het platteland
C
Langs het strand
D
Overal is de temperatuur even hoog

Slide 3 - Quizvraag

Doornemen van 6.2 leerboek

Slide 4 - Tekstslide

Duurzame
energie
Biobrandstof
Steenkolen
Geo-thermische energie
Fotosynthese
Delfstof
Fossiele brandstof

Slide 5 - Sleepvraag

Uitspraak 1: De transitie van fossiele brandstoffen naar duurzame zorgt voor meer klimaatverandering.

Uitspraak 2: Klimaatverandering zorgt in Nederland voor een hogere gemiddelde temperatuur en een hogere zeespiegel.
A
Beide uitspraken juist
B
Beide uitspraken onjuist
C
Uitspraak 1: Juist Uitspraak 2: Onjuist
D
Uitspraak 1: Onjuist Uitspraak 2: Juist

Slide 6 - Quizvraag

Wat is GEEN gevolg van het versterk broeikaseffect?
A
Stijging gemiddelde temperatuur op aarde
B
Vaker extremer weer op aarde
C
Minder CO2 in de atmosfeer
D
Afname van % landijs op de polen

Slide 7 - Quizvraag

Uitspraak 1: Door het versterkt broeikaseffect wordt het warmer en stijgt het zeewater bij de Nederlandse kust.

Uitspraak 2: Door klimaatverandering zet het zeewater uit en stijgt het zeewater bij de Nederlandse kust.

A
Beide uitspraken juist
B
Beide uitspraken onjuist
C
Uitspraak 1: Juist Uitspraak 2: Onjuist
D
Uitspraak 1: Onjuist Uitspraak 2: Juist

Slide 8 - Quizvraag

Uitspraak 1: op de grafiek zie je een toename van tropische dagen.

Uitspraak 2: bij vorstdagen ligt de maximumtemperatuur onder nul en bij ijsdagen de minimumtemperatuur onder nul.

A
Beide uitspraken juist
B
Beide uitspraken onjuist
C
Uitspraak 1: Juist Uitspraak 2: Onjuist
D
Uitspraak 1: Onjuist Uitspraak 2: Juist

Slide 9 - Quizvraag

Zeespiegel stijging?

Slide 10 - Tekstslide

gevolg?

Slide 11 - Tekstslide

Leerdoelen 6.3
Lesdoelen:
1. Je weet het verschil tussen absolute en relatieve zeespiegelstijging.
2.Je weet wat de 3 oorzaken voor bodemdaling in NL zijn.
3. Je kan de volgende begrippen uitleggen: bodemdaling, glaciaal, interglaciaal, relatieve zeespiegelstijging. 

Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Video

Uitleg:
Absolute zeespiegelstijging
Oorzaken:
- Dat komt door het smelten van ijskappen en gletsjers op Groenland en Antarctica. 
- Het water bij opwarming altijd iets uit. 

Gevolg: 
- Het zeewater langs de Nederlandse kust
stijgt gemiddeld met 1,7 mm per jaar. 

Slide 14 - Tekstslide

Absolute zeespiegelstijging

Slide 15 - Tekstslide

In Nederland is er naast de reden dat de zeespiegel stijgt nóg een oorzaak waardoor het gevaar van de zee toeneemt voor Nederland.
Welke oorzaak is dat denk jij?

Slide 16 - Open vraag

Uitleg:
Relatieve zeespiegelstijging
In een groot deel van Nederland daalt de bodem met gemiddeld 0,2 mm per jaar. Door de bodemdaling komt het land lager te liggen ten opzichte van de zeespiegel. Dat versterkt de stijging van de zeespiegel. Bodemdaling en zeespiegelstijging samen heten de relatieve zeespiegelstijging.

Slide 17 - Tekstslide

Absolute zeespiegelstijging - Bodemdaling =
Relatieve zeespiegelstijging

Slide 18 - Tekstslide

Slide 19 - Video

Is er sprake van absolute zeespiegelstijging als de zeespiegel met 1 meter stijgt maar de bodem stijgt met 2 meter?
A
Ja
B
Nee
C
Nee, maar wel relatieve zeespiegelstijging
D
Geen idee

Slide 20 - Quizvraag

Uitleg over oorzaken bodemdaling in Nederland


Bekijk het filmpje op de volgende dia en maak de bijbehorende vragen.

Slide 21 - Tekstslide

3

Slide 22 - Video

04:48
Waar zijn de Waterschappen wel verantwoordelijk voor?
A
Waterveiligheid
B
Bodemdaling
C
Drinkwater voorraad
D
Waterzuivering

Slide 23 - Quizvraag

06:09
Wat wordt er bedoeld met ''ontwateren''?

Slide 24 - Open vraag

07:41
Leg uit hoe het verrotten van veen zorgt voor absolute zeespiegelstijging EN hoe het zorgt voor relatieve zeespiegelstijging.

Slide 25 - Open vraag

Wat betekend de donkerrode op de kaart?

Slide 26 - Open vraag

Hoe kan het dat de bodem in N-Holland niet overal even snel is gedaald?

Slide 27 - Open vraag

Naast het inzakken van veen en klei zakt de bodem door nog een andere oorzaak in Groningen, welke?

Slide 28 - Open vraag

Uitleg:
Oorzaken van bodemdaling in Nederland
Oorzaken van bodemdaling in Nederland:
- Bodemdaling door het winnen van delfstoffen (aardgas en zout) in Groningen. 
- Bodemdaling door het inzakken van klei en veen (versterkt door ontwatering door de mens)
- Bodemdaling door het wip-wap effect. 

Het wip-wap effect heeft te maken met het verleden. In het verleden zijn er verschillende ijstijden geweest. IJstijden (of met een moeilijk woord Glacialen)  zijn koude periodes op aarde waarin de gemiddelde temperatuur een stuk kouder was. Tegenwoordig leven we niet meer in een ijstijd maar in een warmere periode (met een moeilijk woord Interglaciaal).  

Slide 29 - Tekstslide

Uitleg:
Oorzaken van bodemdaling in Nederland
Oorzaken van bodemdaling in Nederland:
- Bodemdaling door het wip-wap effect. 

In de ijstijd lag de grens van het landijs in Nederland. Het pakket ijs was een stuk dunner dan in Scandinavië. Daar lag een kilometersdikke laag landijs. Dat ijs was zo zwaar dat de aardkorst zo’n 250 m inzakte. Na het afsmelten van het ijs kwam de aardkorst in Scandinavië weer langzaam omhoog. In Noord- Nederland was de beweging precies andersom: in de ijstijd steeg de bodem, nu daalt de bodem.
Uitleg:
Het wip-wap effect

Slide 30 - Tekstslide

Uitleg:
Oorzaken van bodemdaling in Nederland
Uitleg:
Het wip-wap effect

Slide 31 - Tekstslide

Uitleg:
Oorzaken van bodemdaling in Nederland
Uitleg:
Het wip-wap effect

Slide 32 - Tekstslide

Uitleg:
Oorzaken van bodemdaling in Nederland
Uitleg:
Het wip-wap effect

Slide 33 - Tekstslide

Uitleg over oorzaken bodemdaling in Nederland
We gaan weer terug naar het filmpje en gaan kijken naar de gevolgen van de bodemdaling in Nederland en kijken naar hoe mensen omgaan met deze gevolgen / oplossingen tegen bodemdaling.

Bekijk het filmpje op de volgende dia.

Slide 34 - Tekstslide

Slide 35 - Video

Noem 1 gevolg van bodemdaling in NL.

Slide 36 - Open vraag

Slide 37 - Video

Noem 1 oplossing tegen de bodemdaling.

Slide 38 - Open vraag

Lesdoelen check
Bekijk nogmaals de lesdoelen van deze les.

Lesdoelen:
  • Aan het einde van de les weet het verschil tussen absolute en relatieve zeespiegel stijgt.
  • Aan het einde van de les weet je de 3 oorzaken voor bodemdaling in NL.
  • Aan het einde van de les kan je de volgende begrippen uitleggen: bodemdaling, glaciaal, interglaciaal, relatieve zeespiegelstijging. 

Slide 39 - Tekstslide

Exit Ticket
Hoe goed heb je de les begrepen?
😒🙁😐🙂😃

Slide 40 - Poll

Was jouw emoji:




Kijk dan eerst naar het extra uitleg filmpje voordat je verder gaat. 

Slide 41 - Tekstslide

Slide 42 - Video

Klaar?
  • Maak in je online werkboek H6 §3 opdr. 4 t/m 6
  • Maak in je online werkboek H6 §3 samenvattingsopdracht.

Slide 43 - Tekstslide